Varen op waterstof kent nog vele uitdagingen

ROTTERDAM Hoewel de binnenvaart en de short sea de eerste voorzichtige stappen zetten naar een volledig emissievrije aandrijving via waterstof, kent het varen op waterstof nog grote uitdagingen die moeten worden geslecht voordat een brede toepassing in Nederland mogelijk is. Een en ander blijkt uit een inventariserend onderzoek, dat het Expertise en InnovatieCentrum Binnenvaart (EICB) in opdracht van de ministeries Economische Zaken en Klimaat en Infrastructuur en Waterstaat heeft uitgevoerd.

Er zijn in Nederland ongeveer 20 innovatieve projecten op het gebied van het varen op waterstof gaande. De eerste concrete demonstratieschepen met waterstofaandrijving komen naar verwachting in 2021 in de vaart. Maar een versnelde toename van het aantal schepen op waterstof kan alleen slagen als de economische, infrastructurele en technische vraagstukken worden opgelost. Zonder een aanzienlijke opschaling aan de aanbodkant, en daarmee: een forse kostenreductie voor waterstof, wordt de afname van waterstof niet snel aantrekkelijk. Daarnaast is het essentieel om een goed veiligheidskader te ontwikkelen.

Demonstratieprojecten
Essentieel voor de invoering van waterstof als brandstof voor de binnenvaart en short sea is volgens het EICB het ervaring opdoen via succesvolle demonstratieprojecten. Daardoor moet meer vertrouwen bij de ondernemers in de binnenvaart ontstaan om de switch naar de waterstofelektrische aandrijving te maken. Daarbij is het ook belangrijk dat er in de markt een ‘preferentie energiedrager’ ontstaat. Op dit moment is de variatie aan waterstofenergiedragers nog groot zoals gasvormig, vloeibaar, of gebonden in vloeibare of poedervormige dragers.

Kostbaar
Over het algemeen is de toepassing van waterstof volgens het EICB nog een kostbare aangelegenheid. Naarmate de techniek en de markt zich verder ontwikkelen, zal er richting 2030 mogelijk een gunstiger perspectief ontstaan op een kosteneffectieve toepassing. Uit het rapport blijkt dat individuele schippers niet alleen voor grote investeringsopgaven staan, maar ook nog onzekerheden kennen waar het gaat om bunkerinfrastructuur en internationale regelgeving. EICB breekt een lans voor een meer collectieve aanpak, bijvoorbeeld per corridor.

Medewerking gevraagd
Als inderdaad wordt gekozen om waterstoftoepassing in binnenvaart en short sea verder te stimuleren, kunnen volgens het EICB door middel van de ‘handelingsperspectieven’ stappen worden gezet naar een verdere uitrol van waterstof in de sector. ‘Belangrijk om te beseffen is dat de overheid in deze ontwikkelopgave voornamelijk een coördinerende en faciliterende rol heeft en niet succesvol kan zijn zonder medewerking van verladers, brandstofleveranciers en het bankwezen. Daarnaast spelen regionale overheden en havenbedrijven een vitale ondersteunende rol.’

Het EICB heeft de volgende handelingsperspectieven geïdentificeerd:

1. Faciliteren van basisinfrastructuur
Opbouw van een basale infrastructuur van bunkerlocaties waar schepen waterstof aan boord kunnen nemen. Belangrijkste partij hierin zijn de brandstofleveranciers, maar ook overheden, havenbedrijven en bankwezen spelen hierbij een duidelijke en significante rol.

2. Financieel stimuleren
Het bundelen van stimuleringskracht om scheepseigenaren te compenseren voor de hoge investeringskosten en de permanent hoge operationele kosten van waterstofaandrijving. Verladers hebben een grote rol bij het compenseren voor gestegen operationele kosten. Ondersteuning bij het dragen van investeringskosten ligt bij overheden (via innovatiebeleid), bankwezen en in mindere mate verladers.

3. Normeren
Het versnellen en toegankelijk maken van het juridische proces om toestemming te krijgen voor varen op waterstof. Waarschijnlijk is ook het aanpassen van regelgeving noodzakelijk, uiteraard onder de stringente voorwaarden die vanuit het veiligheidskader worden gesteld. Daarnaast kan standaardisering het makkelijker maken voor leveranciers van technische oplossingen voor waterstofaandrijving om schaalvergroting te bereiken. Hier ligt een rol voor overheden, klasse bureaus en havenbedrijven.

4. Gecoördineerde aanpak
Het combineren van bovenstaande acties onder één gecoördineerde aanpak, gericht op het met waterstof verduurzamen van een bepaalde corridor of regio. Dit resulteert in een proeftuin waar de belemmeringen bij externe pijlers van tevoren worden opgelost. Scheepseigenaren richten zich alleen nog op de directe toepassing van waterstof aan boord. Het inrichten van zo’n gecoördineerde aanpak kan onder impuls van de overheid, maar ook andere sterke partners (zoals: grote verladers of energieleveranciers) kunnen hierin het voortouw nemen.

5. Community building
Als ondersteuning bij bovenstaande punten is een overlegstructuur tussen de sector, verladers, het bankwezen, de waterstofindustrie, havenbedrijven en overheden een waardevolle fundering. Dit biedt partijen een gestructureerde omgeving om informatie uit te wisselen en te bouwen aan een gezamenlijke aanpak.

150 schepen in 2030
De ontwikkeling van waterstofelektrische aandrijving biedt naast het aanbieden van batterijelektrische energie voor de binnenvaart een tweede emissievrije oplossing. Het kabinet streeft in 2030 naar tenminste 150 volledig ‘zero emissie’ schepen in de vaart, op een totale vloot van circa 5.500 binnenvaartschepen.

Het kabinet zet ook stevig in op de ontwikkeling van waterstof als energiedrager. Eind maart publiceerde minister Wiebes de Kabinetsvisie Waterstof. Daarin wordt ook genoemd dat de toepassing van waterstof in de sector mobiliteit, en daarbinnen vooral het zwaardere vervoer, waaronder de binnenvaart, een belangrijke impuls kan geven aan het ontwikkelen van de markt voor waterstof als energiedrager.

Download het complete rapport

Aqualink is dé vereniging van watergebonden bedrijven in Oost-Nederland. Meld u nu aan als lid. Volg ons op Twitter en Facebook.

Geen steun voor de binnenvaart

DEN HAAG Staatssecretaris van Economische Zaken en Klimaat Mona Keijzer gaat de binnenvaart niet helpen door de sector toe te voegen aan de lijst van Getroffen Sectoren COVID-19, de TOGS regeling. Het Centraal Bureau voor de Rijn en Binnenvaart, Koninlijke BLN-Schuttevaer en de Algemeene Schippers Vereeniging vroegen daarom.

Volgens de brancheorganisaties in de binnenvaart zijn de economische en maatschappelijke gevolgen door het COVID-19 virus voor de binnenvaartsector groot. Het vrachtvervoer over water heeft last van een forse omzetdaling door terugloop van de ladingstromen als gevolg van verminderde productie en afname van overslag in de zeehavens. Ook heeft de coronacrisis de vrachtenmarkt ernstig ontwricht, daardoor raakten de vrachtprijzen in een vrije val geraakt.

De brancheorganisaties vonden het een zaak van rechtsongelijkheid dat de binnenvaart niet in de SBI-codelijst was opgenomen en vroegen de staatssecretaris daarom met klem de code alsnog toe te voegen aan de lijst van SBI codes van sectoren die in aanmerking kunnen komen voor een tegemoetkoming in de schade door COVID-19.

Wegblijven consumenten
Om in aanmerking te komen voor ondersteuning dient de SBI code van een sector op de lijst van getroffen sectoren te zijn opgenomen. Binnenvaart vrachtvaart, code 5040, is niet opgenomen in deze lijst en dat betekent dat getroffen ondernemers geen tegemoetkoming kunnen aanvragen als zij door COVID-19 een fors deel van hun inkomsten kwijtraken.

Ondanks de argumenten van de binnenvaartorganisaties besloot Keijzer toch om de binnenvaart niet op de lijst van getroffen bedrijven te plaatsen. Als reden voor de afwijzing geeft het ministerie van Economische Zaken en Klimaat dat ‘alleen sectoren die een dominant effect zien door het wegblijven van consumenten’ in aanmerking komen. Het ministerie meent dat binnenvaart daar buiten valt.

De binnenvaart reageert teleurgesteld op de beslissing van de staatssecretaris. BLN-Schuttevaer constateert dat er in het droge lading vervoer vooral problemen zijn doordat er geen overheidsregelingen zijn die voor de gezinsbedrijven toegankelijk zijn. De NOW regeling is voor gezinsbedrijven niet van toepassing omdat er meestal geen vast personeel aan boord is, en in gevallen dat er wel vast personeel is moet het schip ook bij minder reizen wel bemand blijven. ‘De afwijzing is voor deze categorie ondernemers zuur. Als we vaart willen maken met modal shift moeten er maatregelen komen om deze ondernemingen niet te laten omvallen, want weg is weg zo leert ons. Meer over water begint bij behouden wat er nu is.’

Aqualink is dé vereniging van watergebonden bedrijven in Oost-Nederland. Meld u nu aan als lid. Volg ons op Twitter en Facebook.

Met CoVadem bij laagwater zo optimaal mogelijk afladen

AMSTERDAM De binnenvaart wordt de laatste jaren geregeld geconfronteerd met laagwater. Een van de oplossingen is CoVadem, het innovatieve platform dat actuele informatie geeft over waterdieptes op de Waal en de Rijn op basis van big data, verzameld door de binnenvaart zelf. BLN-Schuttevaer onderschrijft nu ook de voordelen van het platform.

CoVadem is het enige serieuze instrument dat nu voorhanden is en enig soelaas biedt’, vertelt beleidsadviseur Marleen Buitendijk. ‘Bij laagwater is de Minst Gepeilde Diepte, die Rijkswaterstaat voor de vaargeul in de Waal afgeeft, maatgevend. Dat zegt feitelijk niets over het hele traject van Rotterdam tot Bazel. Dat kan alleen met real time-dieptemeting zoals CoVadem die doet dankzij al die schepen die meten.’

Onderhoud vaarwegen
Zelf gebruikt BLN-Schuttevaer de informatie van CoVadem ook. Bijvoorbeeld om vaarwegbeheerders te wijzen op plaatsen waar ondieptes zijn of ontstaan. ‘Zo kunnen we aangeven waar nu of binnenkort gebaggerd moet worden. De metingen bewijzen ook waar we al langer voor aan de bel trekken: dat de Waal niet voldoet aan de diepgangsnormen die de Centrale Commissie voor de Rijnvaart voorschrijft. We komen 50 centimeter te kort. Dat is hartstikke veel.’

Maar het gaat volgens Buitendijk niet alleen om de harde laag bij Nijmegen, waar de aandacht altijd naar uitgaat. ‘Ook bij Sint Andries, Tiel en Millingen is de waterdiepte een probleem. Dankzij CoVadem kunnen we onze lobby kracht bij zetten met feiten en cijfers.’

Van 150 naar 250
De metende vloot van CoVadem bestaat nu uit zo’n 150 schepen. Dat aantal groeit nog steeds. Het streefgetal is een vloot van minimaal 250 schepen; daarmee is straks de rivierbodem van de hele Rijn tussen Rotterdam en Bazel compleet in beeld gebracht.
Als het aan BLN-Schuttevaer ligt, sluiten zo veel mogelijk schepen aan bij het meetcollectief. ‘De data die de dieptemeter van een afzonderlijk schip oplevert, zijn niet zo heel interessant. Het gaat om de grote hoeveelheid data van alle deelnemende schepen én de verrijking daarvan tot handige informatie, waar iedereen die meedoet van profiteert. Zo weet je in feite welke dieptes je voorgangers hebben gemeten, op het stuk rivier waar jij straks vaart.’

Vaker laagwater
Dat de binnenvaart in de toekomst vaker rekening moet houden met langere perioden van laagwater is volgens onderzoeker Rolien van der Mark van kennisinstituut Deltares wel duidelijk. ‘De Rijn is van oudsher een gecombineerde rivier, die deels door smeltwater vanuit de Alpen wordt gevoed en deels door regen. Dat zorgde voor relatief hoge afvoeren in de winter en relatief lage afvoeren in de zomer. Door de opwarming van de aarde slinken de gletsjers en wordt de Rijn steeds meer een regenrivier. Dat zorgt voor grotere fluctuaties. Een andere oorzaak is de daling van de rivierbodem door erosie. Doordat die daling niet overal gelijk verloopt, ontstaan er op verschillende plaatsen ondieptes, die knelpunten worden.’

Voor hun onderzoeken en modellen gebruiken Van der Mark en haar collega’s onder meer gegevens van CoVadem. ‘We werken veelvuldig samen’, vertelt ze. ‘CoVadem is het resultaat van een langjarig gezamenlijk onderzoeksinitiatief. Daarbij waren we zelfs een van de founding fathers.’

CBRB en BLN-Schuttevaer pleiten voor infrastructurele maatregelen om de Rijn en de Waal beter bestand te maken tegen laag water, maar wat betreft Van der Mark zijn ook aanpassingen op logistiek terrein denkbaar. ‘Anders omgaan met voorraden, net wat eerder of later vertrekken, synchromodaliteit of beter rekening houden met de waterdiepten.’

Elektronische vaarkaart
De waterdieptes zijn nu al op het CoVadem-platform te raadplegen door aangesloten scheepseigenaren. Binnenkort kunnen de eerste schippers de actuele dieptegegevens zien op hun elektronische vaarkaart. Dit product, Smart Navigation, is eerst voor de Waal beschikbaar. Na de zomer is de hele Rijn in beeld met deze waterdieptekaart. Scheepseigenaren die deelnemen aan de metende CoVadem-vloot krijgen korting op Smart Navigation.

Scheepseigenaren die interesse hebben om zich aan te sluiten bij CoVadem, kunnen mailen naar info@covadem.com of bellen naar 00 268 23 00. Of kijk op www.covadem.org.

Aqualink is dé vereniging van watergebonden bedrijven in Oost-Nederland. Meld u nu aan als lid. Volg ons op Twitter en Facebook.

Easyfairs met tijdslots klaar voor Maritime Industry 2020

GORINCHEM Beursorganisator Easyfairs is klaar voor Maritime Industry 2020. Om iedereen op een veilige en verantwoorde wijze bij elkaar te brengen introduceert Easyfairs tijdslots. Zo worden de bezoekersaantallen over de beursdagen verspreid.

De vakbeurs voor de maritieme sector stond in eerste instantie gepland in mei, maar is vanwege het coronavirus verplaatst naar 13, 14 en 15 oktober. Inmiddels heeft Easyfairs alle denkbare protocollen klaarstaan om professionals uit de maritieme sector op een veilige en verantwoorde manier bij elkaar te brengen.
‘Het vertrouwen en de bereidheid om elkaar weer face-to-face te ontmoeten neemt steeds meer toe’, meldt Bianca van Grinsven namens Maritime Industry. ‘Dat blijkt ook uit ons onderzoek onder bezoekers van vakbeurzen waarbij 82 procent aangeeft weer een bezoek aan de vakbeurs zal brengen en dat men zich hierin gesteund voelt door de eerder versoepelde coronamaatregelen.’

Enorm dankbaar
De verplaatsing van Maritime Industry van mei naar oktober verliep volgens Van Grinsven met succes. ‘Met dank aan het begrip, het geduld en de loyaliteit van onze exposanten, partners en overige betrokkenen. Ondanks dat de coronasituatie buiten ieders macht valt, zijn wij hen daar enorm dankbaar voor. Daarom is er ons ook alles aan gelegen om dit najaar een succesvolle editie van Maritime Industry 2020 te organiseren. Gezien ons protocol en actieplan die tot in detail voldoen aan alle coronamaatregelen, zijn we in staat om professionals meer dan ooit op een veilige en verantwoorde wijze bij elkaar te brengen.’

Tijdslots
Om dit te realiseren worden voor bezoekers nader te bepalen tijdslots geïntroduceerd om de bezoekersaantallen over de beursdagen te verspreiden. ‘Deze tijdslots zullen dusdanig ruim zijn, dat wij hetzelfde aantal bezoekers kunnen verwelkomen als eerdere edities. Bovendien is er een ruim opgezette in- en uitgang die separaat van elkaar worden ingericht. Zodra men binnen is, kan er vrij bewogen worden over de beursvloer. Er hoeven geen afspraken te worden gemaakt met standhouders en waar nodig zijn gangpaden verbreed naar minimaal drie meter. Uiteraard hanteren wij op alle plekken op de beursvloer de 1,5 meter afstand.’

Netwerken
Ook is er de mogelijkheid om zowel op als buiten de beursvloer in speciale ruimtes met elkaar te netwerken. ‘Verder worden extra hygiënemaatregelen getroffen, waaronder extra schoonmaak van bijvoorbeeld sanitair en op diverse plekken zijn desinfectiestations te vinden. De concrete maatregelen hangen uiteraard af van de overheidsmaatregelen. Die volgen wij dan ook nauwlettend op en zodra deze definitief zijn, zullen we die breeduit communiceren.’

Smart Badge
Een digitale ontwikkeling die ook al voor de uitbraak van Covid-19 gaande was voor Easyfairs beurzen, is het gebruik van de Smart Badge technologie. Met deze badge kan de bezoeker contactloos informatie op de stands van exposanten scannen, hierdoor wordt het schudden van handen of het uitdelen van visitekaartjes overbodig. Na afloop van het beursbezoek ontvangt de bezoeker een e-mail met daarin een overzicht van alle exposanten die hij of zijn gescand heeft. Voor Maritime Industry wordt deze Smart Badge technologie voor het eerst geïntroduceerd.

Aqualink is dé vereniging van watergebonden bedrijven in Oost-Nederland. Meld u nu aan als lid. Volg ons op Twitter en Facebook.

Binnenvaart wil vergoeding voor schade COVID-19

ROTTERDAM Het Centraal Bureau voor de Rijn en Binnenvaart, Koninlijke BLN-Schuttevaer en de Algemeene Schippers Vereeniging vragen middels een brief de staatssecretaris van Economische Zaken en Klimaat, Mona Keijzer om de vrachtvervoerstak van de binnenvaart in aanmerking te laten komen voor schadevergoeding door COVID-19. 
 
De economische en maatschappelijke gevolgen door het COVID-19 virus voor de binnenvaartsector zijn groot. Het vrachtvervoer per binnenvaart ondervindt een forse omzetdaling door terugloop van de ladingstromen als gevolg van verminderde productie en afname van overslag in de zeehavens. De vrachtenmarkt is door de coronacrisis ernstig ontwricht en de vrachtprijzen zijn in een vrije val geraakt.  

SBI code
Het kabinet ondersteunt ondernemers van getroffen sectoren met tijdelijke financiële regelingen. Om in aanmerking te komen voor ondersteuning dient de SBI code van een sector op de lijst van getroffen sectoren te zijn opgenomen. Binnenvaart vrachtvaart, code 5040, is niet opgenomen in deze lijst en dat betekent dat getroffen ondernemers geen tegemoetkoming kunnen aanvragen als zij door COVID-19 een fors deel van hun inkomsten kwijtraken. 
 
Rechtsongelijkheid
De gezamenlijke brancheverenigingen Koninklijke BLN-Schuttevaer, het Centraal Bureau voor de Rijn en Binnenvaart en de Algemeene Schippers Vereeniging spreken van rechtsongelijkheid wanneer de binnenvaart niet in de SBI-codelijst opgenomen wordt en vragen de staatssecretaris met klem de code alsnog toe te voegen aan de lijst van SBI codes van sectoren die in aanmerking kunnen komen voor een tegemoetkoming in de schade door COVID-19.   

Aqualink is dé vereniging van watergebonden bedrijven in Oost-Nederland. Meld u nu aan als lid. Volg ons op Twitter en Facebook.

Verladers vinden dat binnenvaart te traag vergroent

DELFT Een reverse modal shift blijft serieus op de loer liggen als de binnenvaart geen verdere vergroeningstappen onderneemt. Verladers benadrukken de noodzaak een verduurzamingsinhaalslag in de binnenvaart te maken. Dit blijkt uit interviews met 25 Nederlandse binnenvaartverladers die zijn gehouden in april en mei 2020.

De binnenvaart moet volgens de verladers mee in het vergroenen, maar ‘reageert veel te traag’. Naar mening van de meeste verladers verliest de binnenvaart terrein en door de coronacrisis wellicht sneller dan verwacht. ‘Er is nog meer nationaal sturing en begeleiding nodig. Hier ligt een uitdaging die door provincies en gemeenten juist nu extra moeten worden opgepakt.’

Duurzamer product
De meeste verladers hebben overigens de investeringen in duurzame schone technieken zelf even stopgezet, maar zijn van plan deze later weer op te pakken. Dit terwijl sommige andere verladers aangeven juist nu een extra impuls aan schone technieken te geven om straks daarvan te profiteren. De nadruk ligt nu op overleven, maar wordt daarna alweer snel business as usual. Verduurzaming komt dan ook weer op de agenda, terwijl vrijwel iedereen doordrongen is van het feit dat de binnenvaart zich flink zal moeten inspannen om een duurzamer product te leveren. Dat is onder de huidige omstandigheden een te zware opgave voor deze bedrijfstak. Doorpakken is geboden.

Fossiel blijft
Op het gebied van de energietransitie geven verladers aan dat fossiele brandstoffen tot 2040 nog een serieuze energiedrager blijven. Maar in de tussentijd zullen elektrificatie en waterstof de rol van fossiel gaan overnemen. Ook voor die nieuwe energiedragers is opslag en transport nodig. Liquid Organic Hydrogen Carrier (LOHC) heeft volgens een betrokken partij de meeste kans als toekomstige verschijningsvorm van waterstof, omdat dit dan op dezelfde wijze als fossiele brandstoffen vervoerd en opgeslagen zou kunnen worden. LOHC bevindt zich nog in de experimentele fase.

Vervoer
Sommige bedrijven achten het zeer goed mogelijk dat ook waterstof in zee- en binnenschepen gaat worden vervoerd in de toekomst. Hetzelfde geldt voor het broeikasgas CO2 dat wordt afgevangen van industrieprocessen en naar Rotterdam moet worden vervoerd voor opslag in de Noordzeebodem. De CO2-heffing kan hier versnelling in brengen. Betrokken verladers gebruiken nu nog steeds grote hoeveelheden aardgas om het productieproces van energie te voorzien.

Aqualink is dé vereniging van watergebonden bedrijven in Oost-Nederland. Meld u nu aan als lid. Volg ons op Twitter en Facebook.

CDA en VVD willen steun voor binnenvaart vanwege droogte

BRUSSEL CDA-Europarlementariër Tom Berendsen en VVD-Europarlementariër Caroline Nagtegaal hebben de Europese Commissie gevraagd om snel in kaart te brengen hoe groot de schade voor de binnenvaart is in verband met de droogte. Ze willen van de Commissie ook horen hoe de sector gesteund kan worden.

Na twee extreem droge jaren hangt ook dit jaar de Nederlandse binnenvaart een droge zomer boven het hoofd. ‘Door de coronacrisis moeten schippersfamilies al hard werken om de verloren omzet in te halen’, vertelt Berendsen. ‘Maar door de droogte en bijbehorende lage waterstand in heel Europa worden de problemen alleen maar groter. Daarom hebben wij de Commissie gevraagd zo snel mogelijk met meer duidelijkheid over de toekomst van de binnenvaartsector te komen.’

Belangrijke rol
Berendsen en Nagtegaal willen alle relevante cijfers op tafel, om hiermee snel en doeltreffend steun voor de sector te kunnen garanderen. ‘De droogtejaren 2018 en 2019 waren voor veel schippers al zwaar, en met nog zo’n zomer kan de druk te groot worden’, vervolgt Berendsen. ‘En dat terwijl de binnenvaart een belangrijke rol in de plannen voor de verduurzaming van onze economie speelt. De binnenvaart kan een oplossing zijn voor schoner vervoer. Onze industrie en economie kunnen niet zonder onze schippers – dat moet de Commissie zich realiseren.’

Aqualink is dé vereniging van watergebonden bedrijven in Oost-Nederland. Meld u nu aan als lid. Volg ons op Twitter en Facebook.

Binnenvaart herstelt langzaamste van Corona

DEN HAAG De binnenvaart herstelt van alle modaliteiten de komende jaren het moeizaamste van de COVID-19 pandemie. Het wegvervoer en het spoor laten in het meeste gunstigste scenario volgend jaar al weer een lichte groei zien, maar de binnenvaart zit dan in het gunstigste geval nog licht in de min.

De gevolgen van COVID-19 voor de overslag en het vervoer van goederen zijn nog onzeker. Meer inzicht in de mogelijke invloed van COVID-19 op het goederenvervoer zou kunnen bijdragen aan meer op de situatie toegesneden beleidsmaatregelen. Het Kennisinstituut voor Mobiliteitsbeleid (KiM) heeft daarom de mogelijke gevolgen van COVID-19 voor het goederenvervoer en de overslag in de Nederlandse zeehavens laten verkennen voor de jaren 2020 en 2021. Panteia stelde deze verwachting op basis van de economische verwachtingen in het Centraal Economisch Plan en de scenario’s coronacrisis van het Centraal Planbureau (CPB) op. Panteia rekende twee van de CPB-scenario’s door, namelijk als de crisis drie maanden duurt (COVID 1) en bij een lange duur, dat wil zeggen 12 maanden (COVID 4).

Lichte daling
De jaarprognoses voor het goederenvervoer per scenario en modaliteit leveren verschillende cijfers op. Voor de binnenvaart verwachten de onderzoekers van Panteia een krimp van tussen de -4,2% (COVID 1) en -8% (COVID 4). Voor het jaar erop wordt een lichte daling van -0,3% verwacht in het meest gunstige scenario en een daling van -5,3% in het meest ongunstige scenario.
Het wegvervoer en het spoor herstellen in de voorspellingen van Panteia beter van de COVID-19 pandemie dan de binnenvaart. Het wegvervoer ziet het vervoer dit jaar overigens wel harder dalen dan het vervoer over water. Dit jaar wordt een daling van tussen de -5,5% (COVID 1) en -9,3% (COVID 4) verwacht. Volgend jaar herstelt het wegvervoer zich met een groei van 1,5% in gunstigste scenario tot een daling van -3,9% in het ongunstigste scenario. Het spoorvervoer ziet dit jaar het vervoer tussen de -4,5% (COVID 1) en -10% (COVID 4) dalen. Voor 2021 stijgt het spoorvervoer naar verwachting met 0,8% en in het ongunstigste geval daalt het vervoer in deze sector met -5,1%.

Ondanks de te verwachten stijgingen voor volgende jaar komt geen van de modaliteiten qua vervoerde tonnages in 2021 op het niveau van 2019 terecht. Ze blijven er allemaal zo’n 4% tot 8% onder.

Maritieme overslag
De maritieme overslag in de Nederlandse zeehavens kent in het COVID1-scenario een snel herstel in de tweede helft van 2020, zodat op jaarbasis de afname in overslag in 2020 beperkt blijft (-10,8%) en in 2021 een lichte groei van 0,6% mogelijk is. De maritieme overslag heeft in dit scenario onder meer last van een sterke afname van de overslag van erts, mede voor de auto-industrie in tweede en derde kwartaal, daarna volgt geleidelijk herstel. Dit geldt ook voor de containeroverslag, met name in Rotterdam. Tevens neemt de overslag van ruwe olie en olieproducten af als gevolg van lagere productie van raffinaderijen in 2020.

Het COVID4-scenario voorspelt voor de maritieme overslag een forse en langdurige impact van COVID-19 en pas geleidelijk herstel in de tweede helft van 2021. Dit leidt op jaarbasis tot een forse afname in overslag in 2020 (-17,8%) en lichte daling (-0,4%) in 2021. De forse daling van de containeroverslag in de Rotterdamse haven is een van de voornaamste redenen voor de forse daling in dit scenario. Impact van re- of near-shoring van productiefaciliteiten blijft nog beperkt vanwege terugval in investeringen. Verder blijft ook de overslag van kolen afnemen en krimpt de overslag van erts sterk met slechts een licht herstel in 2021.
De totale overslag in de drie havens Rotterdam, Amsterdam en Zeeland Seaports bedroeg 613 miljoen ton in 2019, de aandelen van de havens waren hierin respectievelijk 77%, 17% en 6%.

Periode na 2021
In het COVID1-scenario neemt het vervoerde ladinggewicht voor alle modaliteiten in 2020 af met tussen de 4% en 11%. In het geval van het COVID4-scenario vindt voor alle modaliteiten de grootste afname in termen van vervoerde tonnages plaats in het tweede kwartaal van 2020, deze varieert van -7% tot -14%. Daarna stabiliseren de cijfers en is er voor sommige modaliteiten zelfs een toename te zien. In 2021 is er wel weer een afname zichtbaar, ofschoon minder groot dan in 2020.

Aqualink is dé vereniging van watergebonden bedrijven in Oost-Nederland. Meld u nu aan als lid. Volg ons op Twitter en Facebook.

Corona bezorgt binnenvaart rake klappen

DELFT Het goederenvervoer over water is fors afgenomen door de coronacrisis. In de containervaart is sprake van een daling van 20%, bij de olieproducten gaat het om een daling van 30%. Dat blijkt uit interviews met 25 Nederlandse binnenvaartverladers die zijn gehouden in april en mei 2020.

De binnenvaart verloor al terrein in het vervoer van minerale brandstoffen, maar door de coronacrisis is dit veel erger geworden. Toch zijn Nederlandse verladers overwegend positief gestemd over het verloop van de coronacrisis. De gevolgen zijn weliswaar hard en ingrijpend op de korte termijn, maar noodzakelijke leveringen gaan gewoon door en kunnen blijven plaatsvinden.

As usual
Het overheersende beeld is dat 2020 een verloren jaar zal zijn voor de binnenvaart, maar dat in 2021 alles weer normaal zou kunnen zijn. De laatste afgenomen interviews van medio mei zijn wel iets pessimistischer en wijzen op de komst van een recessie, die tot in 2021, of zelfs tot 2022 kan duren. Geen enkel bedrijf verwacht verregaande gevolgen voor het eigen functioneren. De energie- of voedselvoorziening komen niet in gevaar. ‘Het wordt uiteindelijk weer business as usual’, zo is de verwachting.
De grootste zorg bij verladers is het ontbreken van een duidelijk perspectief op het verdere verloop van de lock down en de economische gevolgen.

Flexibele schil
Verladers en vervoerders spelen in op de gevolgen van de coronacrisis. De nieuwbouworder portefeuille bij scheepswerven is vrijwel geheel opgedroogd en begin dit jaar is afscheid genomen van een deel van de flexibele schil van binnenvaartondernemers. De grootste zorg bij verladers is het ontbreken van een duidelijk perspectief op het verdere verloop van de lockdown en de economische gevolgen. Het is lastig omdat de lockdown verschilt per land en leveringen hierdoor niet goed op elkaar aansluiten. Veel verladers hebben maatregelen getroffen en produceren nu op voorraad, in afwachting van het versoepelen van de lockdown.

Wet- en regelgeving
De belangrijkste gewenste aanpassingen in de wet- en regelgeving in de binnenvaart gedurende de lock down periode zijn de eisen omtrent van de bemanning, certificering en (onbelemmerde) grenspassages voor buitenlands personeel. Sommige verladers en operators vragen om maatregelen tegen prijsdumping in het wegvervoer, maar geven niet aan welke dat precies moeten zijn, anders dan handhaving op overbeladen in het wegvervoer. Verder zien veel bedrijven graag een verdere push aan de energietransitie en digitalisering. Verladers wijzen erop dat duurzaamheidsprojecten in het goederenvervoer doorgang moeten blijven vinden.
Voor wat betreft digitalisering is er behoefte aan wetgeving die toestaat dat digitale documenten rechtsgeldig kunnen worden gebruikt bij goederenvervoertransacties. Voorts is er nu een grotere behoefte in de binnenvaart om digitale informatie-uitwisseling te bevorderen.

Lering trekken
Verladers hebben lering getrokken uit de lockdown en hopen dat de coronacrisis aanleiding vormt voor een push aan de energietransitie en de digitalisering van het transport. Veel duurzaamheidsprojecten liggen nu even stil, maar de wens om juist tijdens deze crisis te investeren in de economie wordt breed gedeeld. Verder is er grote behoefte aan wetgeving die digitale uitwisseling van vervoersdocumenten rechtsgeldig maakt, waar nu nog fysieke overdracht plaatsvindt.

Download het onderzoek

Aqualink is dé vereniging van watergebonden bedrijven in Oost-Nederland. Meld u nu aan als lid. Volg ons op Twitter en Facebook.

CoVadem integreert actuele diepte in elektronische kaart

AMSTERDAM Binnenvaartondernemers kunnen binnen enkele weken voor net geen 100 euro per maand tijdens het varen de actuele dieptegegevens van de rivier op hun elektronische vaarkaart zien. Deze zogenoemde Smart Navigation van CoVadem is straks voor elke schipper verkrijgbaar. Lid zijn van het metende netwerk van CoVadem is geen vereiste om gebruik te kunnen maken van Smart Navigation.

CoVadem brengt actuele waterdiepten in kaart door een ‘varend meetnet’ van schepen te combineren met slimme big-datatechnieken. De CoVadem-box leest hiervoor de bestaande sensoren zoals het echolood, beladingsmeter, GPS en brandstofverbruikmeters aan boord uit. Uit de metingen wordt de gemeten kielspeling omgerekend naar een actuele waterdiepte. De informatie verzamelt CoVadem en wordt vervolgens centraal verwerkt, geanalyseerd en verrijkt. Dat gebeurt inmiddels al voor de route van Rotterdam naar Bazel. Volgens CoVadem kunnen schippers met de kennis van de waterdiepte varen, afladen en zo het brandstofverbruik naar beneden brengen. Inmiddels bestaat de CoVadem vloot uit 140 metende schepen.

Directeur Meeuwis van Wirdum van CoVadem zegt druk bezig te zijn met de laatste voorbereidingen zodat Smart Navigation eind juni beschikbaar is. (Foto CoVadem)

Eind juni
De noodzakelijke input voor Smart Navigation komt uit de verzameling gegevens van de metende schepen uit de CoVadem-vloot. De informatie in de elektronische kaart komt allereerst beschikbaar voor de Waal. ‘Na de zomer brengen we de hele Rijn in beeld met deze waterdieptekaart’, meldt directeur Meeuwis van Wirdum van CoVadem. ‘We zijn druk bezig met de laatste voorbereidingen. Ook overleggen we met de aanbieders van ECDIS Viewers over hoe we Smart Navigation het beste in hun systemen aan boord kunnen integreren. De bedoeling is dat deze functie voor de gebruikelijke ECDIS leveranciers voorhanden komt zoals Tresco, Periskal, Stentec en Innovative Navigation.’

CoVadem is al geruime tijd bezig om de dieptegegevens in de elektronische kaarten te implementeren. ‘Een jaar geleden gaven we de toekomstige gebruikers al een voorproefje van deze innovatie. Op Maritime Industry in Gorinchem konden schippers zien hoe de actuele waterdiepte van de rivier gepresenteerd wordt op de ECDIS-kaart. Naar verwachting kunnen we eind juni de eerste klanten voorzien van dit hulpmiddel bij de navigatie.’

Kosten
Smart Navigation is straks voor elke binnenvaartondernemer verkrijgbaar. Ze hoeven dus niet mee te doen aan het metende netwerk van schepen van CoVadem. Binnenvaartondernemers die deelnemen aan de metende CoVadem-vloot krijgen wel korting. Zij gaan 99 euro per maand betalen voor Smart Navigation. Niet metende schepen betalen 119 euro per maand. Voor betalingen per jaar geldt een korting van 7,5% op deze prijzen.

CoVadem gaat Smart Navigation gefaseerd uitrollen. ‘Met de eerste groep gebruikers willen we evalueren wat hun ervaringen zijn, hoe ze de informatie over waterdieptes tijdens de vaart gebruiken en of ze suggesties ter verbetering hebben. Die kennis, ervaringen en ideeën zullen we vervolgens verwerken waarna we de beschikbaarheid snel zullen uitbreiden naar meer gebruikers en meer vaarwegen.’

Corona protocol
De opschaling van het aantal metende schepen heeft als gevolg van de coronacrisis wel vertraging opgelopen. Het CoVadem team kan nu veel minder makkelijk bij binnenvaartondernemers aan boord komen. Daarom is sinds kort een coronaprotocol opgesteld zodat de installatie veilig en verantwoord kan worden uitgevoerd. ‘Onze medewerkers blijven thuis als ze (milde) verkoudheidsklachten hebben. Zo willen we waarborgen dat ze, als ze weer helemaal beter zijn, het coronavirus niet mee kunnen nemen aan boord. De engineer reist alleen en werkt aan boord volledig alleen. Hij betreedt uitsluitend de ruimtes die nodig zijn voor het uitvoeren van zijn werkzaamheden. Bij voorkeur zijn er geen bemanningsleden in de ruimte aanwezig. Hij is de enige die het gereedschap en alle apparatuur, zoals telefoon en notebook, gebruikt en aanraakt. Wij stellen de installatie uit als aan boord mogelijk personen zijn met gezondheidsklachten die op COVID-19 zouden kunnen duiden.’

Aqualink is dé vereniging van watergebonden bedrijven in Oost-Nederland. Meld u nu aan als lid. Volg ons op Twitter en Facebook.

Dé vereniging van watergebonden bedrijven in Oost-Nederland.