Tagarchief: milieu

‘Toezicht op biobrandstof moet verbeteren’

DEN HAAG België, Frankrijk, Duitsland, Luxemburg en Nederland gaan samen aan de slag voor beter toezicht op de inzet van biobrandstof. Nu de sector groeit is dat noodzakelijk om de duurzaamheid van biobrandstof te borgen. De landen roepen eurocommissarissen Frans Timmermans en Kadri Simson op snel werk te maken van beter toezicht en handhaving op Europees niveau.

De productieketen van biobrandstof is verspreid over verschillende landen. Landen wisselen daarom ook onderling signalen en werkwijzen uit. ‘De markt groeit, dus moet het toezicht meegroeien’, vertelt staatssecretaris Stientje van Veldhoven van Infrastructuur en Waterstaat. ‘Zo garanderen we de duurzaamheid van de biobrandstoffen die we inzetten. En dat is belangrijk. Niet alleen voor het klimaat, maar ook voor de investeringszekerheid van bedrijven in de sector.’

Ambitieus
Europa heeft ambitieuze klimaatdoelstellingen. Zo moet al het vervoer in 2050 vrij van uitlaatgassen zijn. Biobrandstoffen zijn voorlopig nog nodig om onze klimaatafspraken na te komen en de omslag naar volledig emissieloos zwaar wegvervoer, binnenvaart, luchtvaart, zeevaart en personenvervoer te kunnen maken. Voorwaarde is wel dat de duurzaamheid gegarandeerd is. Daar is naast privaat toezicht ook goed publiek toezicht voor nodig. De productieketen van biobrandstof is internationaal, dus moet het toezicht daarop ingericht zijn. Eerder werd grensoverschrijdende fraude opgespoord vanuit Nederland, België en het Verenigd Koninkrijk.

Meer ambitie
De vijf landen roepen Timmermans en Simson op om Europese wetgeving aan te passen, zodat de lidstaten een stevigere basis hebben om privaat en publiek toezicht op de biobrandstofketen te verbeteren en dat overal hetzelfde gebeurt. Ook roepen zij op tot meer ambitie bij de huidige ontwikkeling van een Europese database om zoveel mogelijk transparantie in de keten te realiseren. Daarmee is de betrouwbaarheid van duurzaamheidsclaims eenvoudig te controleren.

Aqualink is dé vereniging van watergebonden bedrijven in Oost-Nederland. Meld u nu aan als lid. Volg ons op Twitter en Facebook.

Duurzame binnenvaart mogelijk door innovaties

STRAATSBURG Er bestaan oplossingen voor een milieuvriendelijke binnenvaart. Ze moeten echter zo innovatief zijn dat spill-over-effecten naar bijvoorbeeld de zeevaart mogelijk zijn. Dit en meer blijkt uit een online workshop over alternatieve energiebronnen voor elektrische voortstuwingen van de Centrale Commissie voor de Rijnvaart (CCR).

De CCR hield de workshop om aan te tonen dat elektrische voortstuwingen die gebruik maken van alternatieve energiebronnen een centrale rol spelen in de vermindering van de uitstoot van verontreinigende stoffen en broeikasgassen in de binnenvaart. Aan de workshop namen meer dan 180 genodigden deel. Zij kwamen meer te weten te komen over innovatieve technologiën en de technische, economische, organisatorische en juridische uitdagingen voor de implementatie hiervan. Regelgeving, financiering en een aanvaardbaar rendement op investering of risico werden genoemd als enkele van de belangrijkste uitdagingen bij de ontwikkeling van proefprojecten.

Niet beperken
Een van de belangrijkste conclusies was dat we ons niet mogen beperken tot één enkele alternatieve energiebron (no one size fits all) en dat het belangrijk is technologie neutraal te blijven. Daarnaast moet de aandacht worden toegespitst op de bestaande bunkerinfrastructuur en op de wijze waarop deze in de toekomst kan worden hergebruikt. ‘De beschikbaarheid van een goed ontwikkelde infrastructuur is noodzakelijk voor een vlotte implementatie van deze nieuwe energiebronnen.’
De workshop heeft volgens de CCR de verschillende infrastructuurbehoeften van energiedragers, zoals waterstof en elektriciteit, in kaart gebracht en heeft waterwegbeheerders en operatoren van bunkerstations inzicht verschaft in de toekomstige infrastructuurbehoeften.

Aqualink is dé vereniging van watergebonden bedrijven in Oost-Nederland. Meld u nu aan als lid. Volg ons op Twitter en Facebook.

Het eerste vrachtschip op waterstof ter wereld

PARIJS Het Europese innovatieproject Flagships komt volgens eigen zeggen dit jaar met het eerste commerciële vrachtschip op waterstof. Het schip wordt ingezet op de Seine in Parijs. De commerciële activiteiten beginnen in 2021.

Dit schip op waterstof wordt eigendom zijn van het Compagnie Fluvial de Transport (CFT), een dochteronderneming van de Sogestran Group. Het bedrijf ontwikkelt momenteel een nieuw bedrijf voor stadsdistributie met transportschepen in de omgeving van Parijs. ‘De vraag naar duurzamere technologieën in de binnenvaart neemt toe’, zegt Matthieu Blanc, directeur van CFT. ‘Als onderdeel van het Flagships-project zijn we blij dat we het voortouw nemen bij het verminderen van de uitstoot van transport en het demonstreren van de superieure eigenschappen van waterstofbrandstofcellen.’

Geen duwboot
Het Flagships-project ontving in 2018 een financiering van 5 miljoen euro van het EU-onderzoeks- en innovatieprogramma Horizon 2020, in het kader van de gemeenschappelijke onderneming Fuel Cells and Hydrogen (FCH JU), om twee waterstofschepen in Frankrijk en Noorwegen in te zetten. Het oorspronkelijke plan van het project was om een duwboot op waterstof in de omgeving van Lyon in te zetten, maar toen het bredere potentieel voor waterstof in het vrachtvervoer naar voren kwam, werd de demo-duwboot veranderd in een binnenvaartvrachtschip. Het nieuwe schip krijgt de taak om goederen op pallets en in containers langs de rivier de Seine te vervoeren. De focusverschuiving is gebaseerd op de ervaring van Sogestran Group opgedaan in België, waar Blue Line Logistics (BLL), een andere dochteronderneming van de Sogestran Group, drie vrachtschepen exploiteert die varen onder de conceptnaam Zulu. Er is ook een Zulu-schip in Parijs in gebruik genomen, en momenteel zijn er nog twee Zulu-schepen in aanbouw voor dezelfde markt. Het Flagships-project zal een waterstofstroomopwekkingssysteem installeren op een van de nieuwbouwschepen, die gepland staat voor oplevering in september 2021. Blue Line Logistics is van plan om het schip voor eind 2021 op waterstof te laten varen.

‘Substantiële bijdrage’
Volgens Flagships projectcoördinator Jyrki Mikkola van het Finse VTT Technical Research Centre is groene en duurzame scheepvaart een voorwaarde om nationale en internationale doelstellingen voor het verminderen van emissies te halen. ‘Schepen die worden aangedreven door hernieuwbare waterstof zullen een substantiële bijdrage leveren aan het verminderen van emissies door de scheepvaart en het verbeteren van de luchtkwaliteit in steden en andere dichtbevolkte gebieden. Waterstof wint terrein Zowel de EU als de scheepvaartsector zien waterstof als een belangrijke bijdrage aan de inspanningen om de klimaatverandering te beperken.’

Aqualink is dé vereniging van watergebonden bedrijven in Oost-Nederland. Meld u nu aan als lid. Volg ons op Twitter en Facebook.

Vergroening versnelt afname kleine schepen

ROTTERDAM Door de noodzakelijke vergroening van de binnenvaart versnelt de jarenlange afname van schepen kleiner dan 86 meter. Hierdoor ontstaat volgens de Rabobank dan mogelijk de maatschappelijk ongewenste situatie van een reverse modal shift. ‘De lading die deze schepen vervoeren, wordt dan niet meer over het water, maar over bijvoorbeeld de weg vervoert. Dat zorgt voor extra drukte op onze wegen.’

De maatschappelijke trend van vergroenen heeft dus invloed op de omvang en samenstelling van de binnenvaartvloot. Ondernemers in de binnenvaart krijgen namelijk de komende jaren te maken met maatschappelijke druk en wet- en regelgeving op het gebied van verduurzaming. Zo moeten ondernemers investeren in nieuwe, duurdere en schonere motoren (Stage V) of nabehandelingsinstallaties om de uitstoot van hun schepen te verminderen. Maar die opties zijn veel duurder dan de nu gangbare motoren van schepen. ‘Op basis van eigen onderzoek verwachten we dat een groot deel van de binnenvaartvloot niet in staat is om deze investeringen zelfstandig te doen’, meldt Sectormanager Binnenvaart Marco van Beek van de Rabobank in een update over de binnenvaartmarkt. ‘Nationale of Europese ondersteuning is dan nodig, want het is duidelijk dat verduurzamen veel geld kost.’
Maar investeren in een nieuwe motor zal ook dan nog niet voor elke ondernemer haalbaar zijn. Volgens Van Beek hebben vooral de oudere en kleinere schepen in de vloot minder mogelijkheden om te investeren in verduurzaming. ‘Het vermogen van de ondernemers is in veel gevallen te beperkt en financiers zijn mede daardoor terughoudend.’

Groot heeft de toekomst
De vloot van schepen die groter dan 86 meter zijn, lijkt volgens Van Beek de beste kaarten voor de toekomst te hebben. ‘In dit segment van de markt zien we de meeste nieuwbouw van schepen en investeren in nieuwe motoren is voor bestaande schepen nog haalbaar. Verder verwachten we dat de toename in het aantal eigenaren van meerdere schepen versnelt. Daarmee versnelt ook de afname van het aantal eigenaren met één schip. Ondernemers met meerdere schepen kunnen vaak investeren om te blijven voldoen aan de nieuwste eisen. Ook zien we dat deze ondernemingen vaker opdrachtgevers voor langere tijd aan zich binden.’

Milieulabel
De Rabobank verwacht ook dat ook de invoering van het milieulabel voor de binnenvaart als onderdeel van de Green Deal Binnenvaart dit jaar impact heeft op de sector. ‘Door dit label worden de verschillen in emissies tussen schepen op een objectieve manier zichtbaar. Partijen zoals havenbedrijven, verladers en banken laten dit milieulabel meewegen in bijvoorbeeld toegang tot vaarwegen, contracten of financiering. Ook op de langere termijn is de Green Deal van de Europese Commissie voor de sector relevant. Een ambitie uit de Europese Green Deal is namelijk om het vervoer over water met 25% te laten stijgen. Daardoor ontstaan er mogelijkheden voor bedrijven die zich onderscheiden op het gebied van duurzaamheid.’

Vaarwegen groter
De Rabobank verwacht verder voor de komende tijd dat net als de afgelopen jaren aanpassingen aan vaarwegen worden gedaan waardoor grotere schepen nieuwe locaties kunnen bereiken. ‘Daardoor krijgen kleinere schepen meer concurrentie en verliezen zij marktaandeel. Door de samenwerking op te zoeken met andere ondernemers in bijvoorbeeld een coöperatie is een manier om deze concurrentie tegen te gaan.’
Aanpassingen aan de vaarwegen zijn volgens de Rabobank nodig voor een betrouwbare binnenvaart. ‘De levensader voor de binnenvaart is de Rijn met ongeveer 70% van het ladingvolume. Maar de betrouwbaarheid van de Rijn is door recente lage waterstanden niet vanzelfsprekend. Ook voor de lange termijn zijn er veel zorgen over voldoende water in de rivier. Verladers en partijen voor wie betrouwbaarheid erg belangrijk is, kiezen inmiddels al voor vervoer per spoor naast vervoer over water.’ (Foto Erik van Huizen)

Aqualink is dé vereniging van watergebonden bedrijven in Oost-Nederland. Meld u nu aan als lid. Volg ons op Twitter en Facebook.

 

Minister trekt vier miljoen uit voor binnenvaartschip op waterstof

ROTTERDAM Minister Van Nieuwenhuizen van Infrastructuur en Waterstaat trekt vier miljoen euro uit voor de bouw, ontwikkeling en het in de vaart brengen van het eerste binnenvaartvrachtschip in Nederland dat wordt aangedreven door waterstof. Het schip krijgt de naam Antonie, wordt 135 meter lang, 3700 ton, wordt gebouwd door Lenten Scheepvaart en komt naar verwachting in 2023 in de vaart.

De bouw van de Antonie staat niet op zichzelf, maar maakt deel uit van het WEVA-project. Dit is de afkorting van ‘Waterstof Elektrisch Vrachtschip Antonie’. De Antonie gaat zout vervoeren van de fabriek van Nouryon in Delfzijl naar de Botlek in Rotterdam. Het project waar naast de reder en vervoerder ook de motorleverancier en brandstofcelproducent bij betrokken zijn, wordt begeleid door binnenvaart coöperatie NPRC. ‘Het unieke van dit project is de samenwerking tussen verlader, binnenvaartondernemer, coöperatie NPRC en de overheid’, vertelt CEO Femke Brenninkmeijer vn de NPRC. ‘Alleen met steun van alle belanghebbenden is het mogelijk om van dromen naar werkelijkheid, van woorden naar daden, te komen met een zero-emissie transport.’

Zero-emissie
Waterstof als aandrijving voor binnenvaartschepen is volgens de minister een belangrijk duurzaam alternatief voor schepen die varen op fossiele diesel. ‘Varen op waterstof is nu niet langer meer een idee dat op de tekentafel ligt. Door dit schip te bouwen en er straks mee te varen, leren we in de praktijk wat er nodig is om waterstof veilig en op grotere schaal te gebruiken in onze binnenvaart. Dit is een hele mooie stap vooruit op weg naar een binnenvaart zonder uitstoot.’ In 2050 moet de Nederlandse binnenvaart zero-emissie zijn.

Green Deal
De Rijksoverheid, provincies, havens, maritieme brancheorganisaties, verladers, vervoerders, banken en kennisinstellingen hebben in 2019 met de Green Deal Zeevaart, Binnenvaart en Havens de handen ineen geslagen voor verduurzaming van de scheepvaart. Uit die Green Deal vloeiden eerdere impulsen voor schonere binnenvaartschepen voort, zoals de oprichting van Zero Emission Services (ZES). Begin dit jaar stelde minister Van Nieuwenhuizen 11,7 miljoen euro beschikbaar om binnenvaartschippers en -reders te ondersteunen bij de aanschaf en installatie van nieuwere en schonere scheepsmotoren. Ook was er subsidie voor fabrikanten voor de ontwikkeling en productie van schonere scheepsmotoren. Het kabinet stelt de komende vijf jaar 65 miljoen euro beschikbaar om binnenvaartschepen uit te rusten met SCR-katalysatoren. Deze bijdrage is onderdeel van de maatregelen die worden genomen om de uitstoot van stikstof omlaag te brengen.

Aqualink is dé vereniging van watergebonden bedrijven in Oost-Nederland. Meld u nu aan als lid. Volg ons op Twitter en Facebook.

 

Twee NPRC-schepen gaan op waterstof varen

ROTTERDAM De binnenvaart coöperatie NPRC gaat samen met de Duitse polymerenproducent Covestro twee schepen van de vloot ombouwen naar waterstofschepen. Het is de bedoeling dat de eerste twee nul-emissieschepen al in 2024 gaan varen.

In termen van transportvolume is zout de belangrijkste grondstof voor de Covestro-vestigingen in Noordrijn-Westfalen. Covestro en NPRC willen het vervoer van deze grondstof stap voor stap emissievrij maken. In eerste instantie zal gekeken worden naar de technische en economische haalbaarheid van het project. Daarbij zal ook het technisch ontwerp van de romp worden geoptimaliseerd, zodat de schepen zelfs bij laagwater kunnen worden ingezet. Ook wordt de mogelijkheid onderzocht om groene waterstof uit Covestro’s eigen chloorelektrolyse te gebruiken om de binnenschepen te bunkeren.

‘Solide basis’
‘Deze samenwerking is een geweldig voorbeeld van de kansen die zich voordoen als alle stakeholders in de logistieke keten zich verbinden tot duurzaamheid’, aldus CEO van NPRC Femke Brenninkmeijer. ‘Dit partnerschap met Covestro biedt een solide en betrouwbare basis voor onze coöperatie van individuele binnenvaartondernemers om de enorme investering aan te gaan die nodig is om om te schakelen naar zero-emissie vervoer. Deze vorm van gezamenlijke ketenverantwoordelijkheid is naar mijn idee de toekomst van innovaties in de logistiek.

Frontrunners
Het project van Covestro en NPRC maakt deel uit van het RH2INE-Initiatief van het Duitse Ministerie van Economische Zaken van Noordrijn-Westfalen en de Nederlandse provincie Zuid-Holland. Doel is een klimaat neutrale transportroute op de Rijn-Alpencorridor en zo invulling geven aan de Europese Green Deal.
Covestro wil het bedrijf volledig in lijn brengen met de circulaire economie en op lange termijn broeikasgasneutraal produceren. ‘Dit omvat ook het continu verminderen van indirecte emissies, waarbij we innovatieve oplossingen willen implementeren samen met sterke partners zoals NPRC’, verklaart Dr. Klaus Schäfer, Chief Technology Officer van Covestro AG. ‘De logistieke sector is in dit verband bijzonder relevant. Vervoer is immers de enige sector in de EU waar de emissies sinds 1990 zijn gestegen in plaats van gedaald. Dit is waar het RH2INE-initiatief om de hoek komt kijken, waar Covestro en NPRC zich nu als frontrunners hebben aangesloten.’

Aqualink is dé vereniging van watergebonden bedrijven in Oost-Nederland. Meld u nu aan als lid. Volg ons op Twitter en Facebook.

Subsidie voor aanschaf Stage V- of elektromotor

DEN HAAG Minister Cora van Nieuwenhuizen trekt de komende drie jaar 11,7 miljoen euro uit om binnenvaartschippers en -reders te ondersteunen bij de verduurzaming van hun vloot. De subsidie is bedoeld voor de aanschaf van een Stage V-motor of elektromotor. Zo moet de uitstoot van stikstof door de binnenvaart omlaag worden gebracht.

In 2021 stelt het ministerie € 4,9 miljoen euro beschikbaar voor aanschaf van een Stage V-motor of elektromotor en € 15,6 miljoen euro voor aanschaf van een SCR-katalysator. De subsidie bedraagt maximaal 40% van de investeringskosten. Voor middelgrote en kleine ondernemingen kan dit verhoogd worden naar 50% respectievelijk 60%. Het maximaal uit te keren bedrag per aanvraag is € 200.000.

‘De binnenvaart is cruciaal om op een duurzame en efficiënte manier onze goederen te vervoeren, om het dichtslibben van de wegen te voorkomen en onze internationale concurrentiepositie te versterken’, stelt de minister. ‘Laten we als varende natie het goede voorbeeld geven en met deze injectie een serieuze stap zetten naar een duurzame toekomst.’

Stikstofaanpak
Tussen 2021-2025 komt 65 miljoen euro beschikbaar om bestaande motoren van binnenvaartschepen uit te rusten met SCR-katalysatoren. Een binnenvaartschip met een SCR-katalysator stoot tot 80 procent minder stikstof uit. Na 2025 investeert het kabinet nog eens 14 miljoen euro in deze zogenaamde ‘retrofit’ van binnenvaartschepen. De bijdrage voor de aanschaf en installatie van katalysatoren is onderdeel van de structurele aanpak stikstof; het maatregelenpakket van het kabinet om de stikstofuitstoot omlaag te brengen.

Ontwikkeling schone motoren
De ondersteuning voor de verduurzaming van binnenvaartschepen volgt op de regeling voor de ontwikkeling en productie van schonere scheepsmotoren, die eind vorig jaar werd gepubliceerd. Met die subsidie kunnen fabrikanten en ontwikkelaars een bijdrage tot 250.000 euro krijgen. In totaal was er in 2020 500.000 euro en in 2021 1 miljoen euro beschikbaar voor de ontwikkeling van schonere motoren. Fabrikanten kunnen de subsidie nog tot 16 maart 2021 aanvragen.

Aanvragen
Aanvragen voor schone motoren en voor SCR-katalysatoren kunnen worden ingediend bij de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland. Het Expertise- en InnovatieCentrum Binnenvaart (EICB) treedt voor geïnteresseerden op als vraagbaak. Bij vragen of voor meer informatie over deze regeling kunt u contact opnemen met Niels Kreukniet (EICB) via 010 798 98 30 of per e-mail: info@eicb.nl.

Aqualink is dé vereniging van watergebonden bedrijven in Oost-Nederland. Meld u nu aan als lid. Volg ons op Twitter en Facebook.

 

ChristenUnie wil energiebelasting zero emissieschepen schrappen

DEN HAAG Tweede Kamerlid Stieneke van der Graaf van de ChristenUnie heeft in het algemeen overleg Maritiem gepleit voor het schrappen van de energiebelasting voor zero emissieschepen. De maatregel kwam haar op kritiek te staan van andere partijen. De Socialistische Partij (SP) wilde niet zo’n Tesla subsidie, evenals de minister.

Met het schrappen van de energiebelasting wil Van der Graaf de doelstellingen uit het Klimaatakkoord en de Green Deal toch nog kunnen behalen. Volgens het Tweede Kamerlid is vanwege de accijnsvrijstelling op gasolie sprake van ongelijke fiscale behandeling. ‘Er is nu dus een voordeel voor vervuilende brandstoffen. Een nihil tarief op de energiebelasting voor zero emissieschepen kan dat oplossen. Er moet echt meer concreet gebeuren om de doelstellingen te halen. En dan gaat het vooral om dat deel van de vloot waar nu nog een slag kan worden gemaakt.’

Tesla subsidie
Kamerlid Cem Laçin (SP) sprak van een opmerkelijk voorstel. ‘De SP is natuurlijk ook voor vergroening, maar ik vind het vreemd dat de ChristenUnie nu pleit voor een Tesla subsidie. Die ging op de weg vooral naar de welgestelden en in de binnenvaart zou de subsidie naar grote parten als een bierbrouwer gaan.’ Van der Graaf verdedigde zich met de boodschap dat haar voorstel de hele binnenvaart ten goede zou komen. ‘Het gaat dus niet om de partijen die het nu al goed doen.’

Tweede Kamerlid Roy van Aalst (PVV) maakte duidelijk dat een groot deel van de binnenvaart niet in staat is om dergelijke zero emissieschepen te kopen en kwalificeerde het voorstel van Van der Graaf als ‘een oplossing voor een niet bestaand probleem’.

Samen met de sector
Minister Cora van Nieuwenhuizen van Infrastructuur en Waterstaat meldde Van der Graaf te kijken naar alle instrumenten die kunnen bijdragen aan de vergroening van de binnenvaart maar dat ook wordt gekeken hoe de euro’s van de overheid zo goed mogelijk ingezet kunnen worden. ‘We gaan dat samen met de sector doen. Ik wil dat niet vanuit een ivoren toen doen, maar ik wil van de sector horen waar behoefte aan is. ’

De minister bleek er ook niet van overtuigd dat het doel van 150 zero emissieschepen in 2030 niet wordt gehaald, waarvan de eerste volgend jaar al in de vaart moet komen. ‘Verder is er een jarenlange strijd geweest over de energiebelasting op walstroom. Als Europa toestemming geeft dan gaat de energiebelasting vanaf 1 januari volgend jaar er vanaf.’

Op de vraag van Tweede Kamerlid Rutger Schonis (D66) of er een vrijstelling op de energiebelasting kan komen voor het opladen van containers met oplaadbare batterijen die steeds vaker in de binnenvaart zijn te zien, antwoordde Van Nieuwenhuizen dat ze overal naar kijkt als het gaat om de vergroening van de binnenvaart. Net als het voorstel van de ChristenUnie.

Ja of nee
Zowel Van der Graaf als Van Aalst vroegen van de minister uiteindelijk een keiharde ja of nee op het voorstel van de ChristenUnie. De minister gaf aan eveneens geen Tesla subsidie te willen hebben. ‘Ik begrijp de wens van mevrouw De Graaf, maar er moet wel voldoende draagvlak voor zijn. Het lijkt mij niet het meest voor de hand liggende voorstel.’

Aqualink is dé vereniging van watergebonden bedrijven in Oost-Nederland. Meld u nu aan als lid. Volg ons op Twitter en Facebook.

 

Verwijderingsbijdrage binnenvaart omhoog

ROTTERDAM Op 1 januari 2021 gaat de verwijderingsbijdrage die schippers betalen voor olie- en vethoudend afval omhoog van 7,50 euro naar 8,50 euro per 1000 liter gebunkerde gasolie. Dit hebben de partijen die zijn aangesloten bij het internationale Scheepsafvalstoffenverdrag met elkaar afgesproken. Het tarief gaat omhoog om de inzameling en verwerking van het olie- en vethoudend scheepsafval weer kostendekkend te krijgen.

Sinds 1 januari 2011 betalen schippers een verwijderingsbijdrage voor olie- en vethoudende afvalstoffen. Er is toen gekozen voor een bedrag dat voor de komende jaren voldoende zou zijn om de kosten te dekken. Inmiddels zijn de kosten van de inzameling en verwerking dusdanig gestegen dat de verwijderingsbijdrage niet meer volledig de kosten dekt.

Het is de eerste keer sinds de invoering dat de bijdrage omhoog gaat. Er is gekozen voor een verhoging van 1 euro, zodat het tarief naar verwachting ook de komende periode gelijk kan blijven. Hiermee komen de deelnemende landen tegemoet aan een wens van de scheepvaart en het bedrijfsleven. Dit stelt hen namelijk in staat overeenkomsten te sluiten zonder deze steeds aan te passen aan de hoogte van de verwijderingsbijdrage.

Scheepsafvalstoffenverdrag
De verwijderingsbijdrage is onderdeel van het Scheepsafvalstoffenverdrag (SAV); internationaal aangeduid met de afkorting CDNI. Hierin staan afspraken over de inzameling van scheepsafval in de binnenvaart. Het SAV bestaat uit 3 delen die de verzameling, afgifte en inname beschrijven van olie- en vethoudende afvalstoffen (deel A), afval van de lading (deel B) en overig afval, zoals huisvuil (deel C). Het CDNI is van toepassing in Nederland, België, Duitsland, Luxemburg, Zwitserland en in een deel van Frankrijk (de Rijn en de kanalen in het noorden van het land).

Informatie voor schippers
Schippers met vragen of opmerkingen over deel A en C kunnen contact opnemen met stichting SAB via telefoonnummer 010-7989898. Voor vragen of opmerkingen over deel B kunnen schippers contact opnemen met het Meld- en Informatiepunt van het Havenbedrijf Rotterdam. Zij zijn te bereiken op telefoonnummer 010-2521000.

Aqualink is dé vereniging van watergebonden bedrijven in Oost-Nederland. Meld u nu aan als lid. Volg ons op Twitter en Facebook.

‘Elektrificatie binnenvaart gaat veel te langzaam’

ARNHEM De elektrificatie van de containerbinnenvaart is nog nauwelijks op gang gekomen en krijgt de komende jaren ook nog weinig vaart. Dit is de verwachting van de onderzoekers van ElaadNL in hun nieuwste outlook ‘Tegen de stroom in varen’. De binnenvaart zit daarmee ondanks verwachte technologische ontwikkelingen nog niet op koers om haar klimaatdoelen te halen.

ElaadNL verwacht dat door ontwikkelingen in batterij- en laadtechnologie elektrisch varen goedkoper wordt. Daarmee kan het een interessant alternatief worden voor binnenvaartschippers. De huidige aandrijvingen zullen steeds vaker modulair worden opgebouwd met elektrische aandrijving en een dieselgenerator. Verwisselbare batterijcontainers kunnen het opladen eenvoudig maken. Wanneer terminals voorzien zijn van laadinfrastructuur, kunnen hier naast schepen ook elektrische vrachtwagens worden opgeladen. Op dit moment wordt er hard gewerkt aan de eerste containerschepen voor de binnenvaart die volledig elektrisch varen.

Niet snel genoeg
Maar deze ontwikkeling gaat zonder aanvullende maatregelen niet snel genoeg om de doelen van de ‘Green Deal Zeevaart, Binnenvaart en Havens’ te halen, zo verwacht ElaadNL in haar outlook. Daarvoor moet de CO2 uitstoot in 2030 40 procent lager zijn dan in 2015 en de emissie van milieuverontreinigende stoffen 35 procent lager in 2035. In 2030 moeten 150 schepen een Zero Emissie aandrijflijn hebben. En in 2050 moet volgens de Green Deal een nagenoeg emissievrije binnenvaart gerealiseerd zijn. Deze doelstellingen worden zelfs in het hoge scenario in de ElaadNL Outlook niet gehaald.

Langzaam op gang
‘We zien dat de focus binnen de sector nu nog steeds op het gebruik van moderne dieselmotoren ligt’, zegt Rutger de Croon van ElaadNL. ‘Een binnenvaartschip vervangt eens in de 15 tot 20 jaar haar motor. De financiering van elektrificatie en een vroegtijdige afschrijving van de huidige dieselmotoren kunnen een struikelblok vormen waardoor elektrificatie lang op zich kan laten wachten.’

In vergelijking met andere sectoren waarvoor ElaadNL een Outlook maakte, zoals de elektrificatie van het zware transport op de weg, signaleert De Croon dat de elektrificatie van het containervervoer in de binnenvaart nog weinig vaart heeft. ‘Voor het stroomnet betekent dit dat de komende jaren nog maar weinig capaciteit nodig is voor laadinfrastructuur op dit gebied. Maar het betekent ook dat wanneer de ambities er wel komen en de transitie op gang komt, er misschien te weinig tijd is om alles op tijd aan te sluiten. Het aanleggen van de benodigde energievoorzieningen kan veel tijd in beslag nemen.’

Standaard
Volgens de onderzoekers van ElaadNL is bij de elektrificatie van de binnenvaart een belangrijke rol weggelegd voor de overheid. Die kan ervoor zorgen dat de kosten van elektriciteit ten opzichte van diesel verbeteren. Daarnaast is er een sterke vraag naar standaardisatie van de wijze waarop de schepen opgeladen gaan worden. Nederland heeft ook een bijzondere kans. Met de kleine initiatieven die er nu zijn, tezamen met het grote aandeel dat Nederland heeft in de Europese binnenvaart, kan ons land nu de standaard voor elektrisch watertransport neerzetten.
Over ElaadNL en de Nationale Agenda Laadinfrastructuur

Over ElaadNL
ElaadNL is betrokken bij de Nationale Agenda Laadinfrastructuur (NAL). Via de NAL krijgen aangewezen regio’s in Nederland de opgave de vraag naar laadpunten in beeld te brengen. In dat kader gaat er vanuit de NAL (in de werkgroep logistiek) aandacht uit naar de elektrificatie van de binnenvaart en de standaardisatie van de laadmogelijkheden daarvoor.

Aqualink is dé vereniging van watergebonden bedrijven in Oost-Nederland. Meld u nu aan als lid. Volg ons op Twitter en Facebook.