Periskal en Captain AI gaan samenwerken

WUUSTWEZEL Periskal en Captain AI, een pionier in autonome scheepvaarttechnologie gaan samenwerken. Ze komen met een innovatieve radar tracker, gebaseerd op kunstmatige intelligentie. Het betekent volgens de bedrijven ‘een belangrijke stap voorwaarts in het verbeteren van de veiligheid en efficiëntie van de Europese binnenscheepvaart’. ‘Het is tevens een belangrijke stap in de verdere evolutie naar (semi)-autonoom varen.’

De AI-gestuurde radar tracker van Captain AI kan eenvoudig worden geïntegreerd in de bestaande navigatiesystemen van Periskal, zoals de Periskal Inland ECDIS Viewer. Het biedt geavanceerde aanvaringsdetectie en verbeterde waarschuwingen voor schippers, zodat ze tijdig en nauwkeurig kunnen reageren op gevaarlijke situaties rondom het schip. Dit is mogelijk door het klassieke radarbeeld om te zetten naar een synthetische variant waarbij artificiële intelligentie voor de vertaling zorgt naar herkenbare objecten zoals schepen met koers en voorligging.

Aanbevelingen
Marc Persoons, directeur van Periskal, benadrukt de voordelen van deze samenwerking: ‘De integratie van de AI-gedreven radar tracker in onze bestaande navigatiesystemen stelt ons in staat systemen aan te bieden die een verdere vorm van automatisering in de scheepvaart mogelijk maken inclusief het voorstellen van koerswijzigingen aan een (Argonics/Alphatron) Trackpilot. In eerste fase zal het om aanbevelingen gaan die in de toekomst kunnen leiden tot autonome vaart, al dan niet onder controle van een scheepvaartbegeleider aan de wal. Deze samenwerking met Captain AI stelt ons in staat om onze klanten de meest geavanceerde technologieën aan te bieden aan de binnenvaart.’

‘Revolutionair’
Vincent Wegener, directeur van Captain AI, spreekt van ‘een revolutionaire oplossing’. ‘Onze radar tracker maakt gebruik van geavanceerde AI-technologie om de navigatie-ervaring voor schippers te verbeteren. Door onze krachten te bundelen met Periskal Group, een gevestigde marktleider in navigatiesoftware, zijn we ervan overtuigd dat we de Europese binnenvaartsector een revolutionaire oplossing bieden voor veiliger en efficiënter varen.’

Verbod varend ontgassen gaat 1 juli 2024 in

DEN HAAG Het verbod op varend ontgassen gaat op 1 juli 2024 in. Dat heeft minister Harbers bekendgemaakt in een brief aan de Tweede Kamer. Inmiddels heeft Frankrijk de ratificatieprocedure bijna afgerond, de verwachting is dat Zwitserland voor het einde van dit jaar de ratificatie afrondt.

Het varend ontgassen wordt internationaal verboden door middel van een wijziging van het Verdrag inzake de verzameling, afgifte en inname van afval in de Rijn- en binnenvaart (CDNI). De verdragswijziging is reeds internationaal aangenomen. Het verbod is inmiddels ook opgenomen in het Nederlandse Scheepsafvalstoffenbesluit en ligt klaar om inwerking te treden door middel van een koninklijk besluit. Voorwaarde voor inwerkingtreding is dat alle zes Verdragsstaten de verdragswijziging hebben geratificeerd.

Handhaven
Vanaf het moment van inwerkingtreding op 1 juli 2024 gaat de ILT handhaven op het verbod. De ILT zal hiertoe een handhavingsplan opstellen. De periode tot aan 1 juli 2024 of zoveel eerder (zes maanden na de ratificatie door Zwitserland) moet voor vergunningverleners en de verladers voldoende tijd geven om de benodigde ontgassingsinfrastructuur op orde te krijgen. (Foto Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat / Valerie Kuypers)

Aqualink is dé vereniging van watergebonden bedrijven in Oost-Nederland. Meld u nu aan als lid. Volg ons op Twitter en Facebook.

Condor H2 voor emissievrije binnen- en kustvaart

ROTTERDAM Het Havenbedrijf Rotterdam lanceert samen met de Provincie Zuid-Holland en ruim 40 partners een ambitieus project voor emissievrije binnenvaart en kustvaart op waterstof. Dankzij Condor H2 moeten in 2030 vijftig emissievrije schepen kunnen varen, waarmee een CO2-reductie van 100.000 ton per jaar gerealiseerd kan worden.

Condor H2 zal waterstofopslag en brandstofcellen met een batterijpakket leveren op basis van pay-per-use, zodat schepen emissievrij gemaakt kunnen worden met beperkte investeringen vooraf voor scheepseigenaren. De waterstof wordt geleverd in ‘tanktainers’ die makkelijk aan boord gebracht en snel gewisseld kunnen worden, waarmee ook langere vaarten goed mogelijk blijven.

Om dit te realiseren brengt het project 6 havens en meer dan 40 partners samen, verspreid over de hele waardeketen van waterstofleveranciers en distributeurs tot technologieleveranciers en scheepseigenaren. Het doel is om in 2025 de eerste schepen met het Condor H2-systeem op de route te laten varen.

‘Actie nodig’
‘Waterstof wordt al getest in de scheepvaart, maar de tijd is gekomen om actie te ondernemen richting grootschalige implementatie’, zegt Nico van Dooren, Director New Business van het Havenbedrijf Rotterdam. ‘Door een modulaire, schaalbare en betaalbare oplossing aan te bieden, maakt Condor H2 het technisch en economisch haalbaar om over te stappen op emissievrije scheepvaart op de belangrijkste routes in Noordwest-Europa.’

Het Condor H2 project maakt deel uit van het RH2INE-netwerk, een samenwerking tussen havens, regionale overheden en marktpartijen langs de Rijn, van België en Nederland tot aan Zwitserland.

‘Veelbelovend’
‘Het is veelbelovend om de voortgang te zien die RH2INE-partners nu maken binnen dit doelgerichte netwerk van gelijkgestemde partners. Condor bevindt zich in een netwerk van koplopers die willen en kunnen opschalen’, zegt Jeannette Baljeu gedeputeerde van de Provincie Zuid Holland.

De Stuurgroep van Condor H2 bestaat uit Provincie Zuid Holland, Havenbedrijf Rotterdam, WaterstofNet en Rabobank. Het project wordt daarnaast ondersteund door een reeks partners uit de industrie en de scheepvaart.

Overnachtingshaven Spijk na drie jaar van vertraging vrijwel gereed

SPIJK De binnenvaart kan naar verwachting de nieuwe overnachtingshaven Spijk aan het einde van dit jaar in gebruik nemen. Het is drie jaar later dan in eerste instantie op de planning stond. De komende maanden van het jaar legt aannemer Boskalis de laatste hand aan de haven.

Op de Boven-Rijn en Waal tussen de Duitse grens en Tiel is groot een tekort aan overnachtingsplaatsen voor de beroepsscheepvaart. Binnenvaartschippers kunnen daardoor niet voldoen aan de wettelijke vaar- en rusttijden. In de nieuwe haven komen daarom 50 ligplaatsen voor schepen tot 135 meter. Ook worden twee ligplaatsen voor koppelverbanden tot 190 meter aangelegd en ligplaatsen voor een tot twee kegelschepen. De nieuwe autosteiger moet ook dienst doet als ligplaats voor schepen met gevaarlijke stoffen, een zogenoemde faciliteitensteiger. Tevens krijgt Rijkswaterstaat een steiger voor haar eigen patrouilleboten.

Stikstof
Als de overnachtingshaven eind van dit jaar gereed is, heeft het acht jaar geduurd voordat het zover was. Voormalig voorzitter Rob van Reem van de afdeling ZON van Koninklijke BLN-Schuttevaer zei zelfs al sinds zijn aantreden in 2004 met de aanleg van de overnachtingshaven bezig te zijn geweest.

De provincie Gelderland gaf in 2016 uiteindelijk groen licht voor de aanleg van de nieuwe overnachtingshaven bij Spijk. In het provinciaal inpassingsplan zou ook de benodigde natuurcompensatie goed geregeld zijn. Daarvoor werd de oostzijde van de overnachtingshaven en de overige resterende ruimte in de uiterwaarden gebruikt. De aanleg stond gepland voor 2020. Maar het Hof van Justitie van de Europese Unie in Luxemburg floot Nederland terug. Het Hof vond dat de compensatie van de natuur onvoldoende was gewaarborgd en dat het plan moest worden aangepast. De openstelling van de haven stond inmiddels gepland voor 2021.

In juli 2019 komt het provinciebestuur van Gelderland met het benodigde aanvullende onderzoek. De aanleg van de haven zou een beperkte toename van stikstofneerslag veroorzaken, maar dit zou niet van merkbare invloed zijn op de kwaliteit van de natuurwaarden in de gebieden. Het gebruik van de havens zou eveneens niet tot extra stikstofneerslag leiden. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State concludeerde uiteindelijk in maart 2020 dat het provinciebestuur van Gelderland haar werk goed had gedaan en dat de nieuwe overnachtingshaven de natuur in de omgeving niet zou aantasten.

Dode bomen
In november 2020 gunt Rijkswaterstaat de opdracht voor de aanleg van de overnachtingshaven in de Beijenwaard bij Spijk definitief aan Boskalis. In februari 2021 begint de aannemer met de voorbereidingen voor de aanleg van de overnachtingshaven Spijk. Rijkswaterstaat moet nog wel 15 bomen in de Rijn aanbrengen als compenserende maatregel vanuit de Kaderrichtlijn Water (KRW). Dit is nodig omdat bij de aanleg van de haven een oppervlakte van ongeveer 15.000 m2 bodem voor meer dan 75% uit grind bestaat. Voor de rest bestaat het uit grof zand, bedekt met stenen. Soorten die voordeel hebben bij een zandige ondergrond hebben hierdoor te maken met een verlies aan een geschikte leefomgeving. Door het aanbrengen van rivierhout in de vorm van dode bomen, nemen de natuurwaarden toe.

En voordat de aannemer echt kan beginnen, moet ook nog eerst archeologisch onderzoek worden gedaan. Er worden onder meer restanten van een legerkamp gevonden en een zogeheten circumvallatielinie (omsingelingslinie) uit de Tachtigjarige Oorlog.

Bijna klaar
Na alle voorbereidingen kan de aannemer uiteindelijk aan het werk. In 2022 wordt vooral grond verzet. Alle niet herbruikbaar materiaal, zoals overtollige grond en zand, wordt afgevoerd. Inmiddels is Boskalis na de hoogwaterperiode weer begonnen met de werkzaamheden. In deze periode mogen van het waterschap namelijk geen werkzaamheden rondom de dijk gebeuren. De afvoer van zand ging wel gewoon door. De afvoer duurt nog tot augustus.
Inmiddels krijgt de haven steeds meer haar uiteindelijke vorm. Zo werd onlangs nog het eerste stuk damwand voor steiger 5 aangebracht en is de onbemande radarpost aangelegd. In de tweede week van mei begint Boskalis met het installeren van de laatste palen van de haveninvaart. Daarna volgen de buispalen voor de steigers en dobbers, en worden de steigers ingevaren. Deze werkzaamheden duren tot midden juli.

Vanaf midden juli moet de haven zo goed als compleet ingericht zijn. Daarna volgt de afwerking zoals het plaatsen van vuilnisbakken, (picknick)banken, verkeersborden, lichtmasten en de aansluiting van de stroomvoorziening zodat de schepen in de haven gebruik kunnen maken van walstroom.
Vanaf juli gaat de aannemer alles uitgebreid testen. Naar verwachting kan de overnachtingshaven dan eind 2023 in gebruik genomen worden. (Foto Rijkswaterstaat)

Lichte daling goederenoverslag haven Rotterdam

ROTTERDAM In de Rotterdamse haven is in het eerste kwartaal van 2023 1,5% minder overgeslagen dan in dezelfde periode vorig jaar. In totaal is 111,7 miljoen ton overgeslagen tegen 113,4 miljoen ton in dezelfde periode in 2022. De daling betrof vooral de overslag van containers en goederen in het breakbulk-segment (Roll-on/Roll-off en overig stukgoed). De overslag in de segmenten minerale olieproducten, ruwe olie, LNG, ijzererts & schroot, agribulk en kolen nam toe.

Allard Castelein, CEO Havenbedrijf Rotterdam: ‘Het jaar 2023 is zoals verwacht begonnen met lichte daling van de overslag. Vooral in het containersegment hadden we te maken met een terugval in volumes als gevolg van hoge inflatie en een afzwakkende economie. De resultaten in de overige segmenten laten vooral groei zien en bevestigen dat de Russische energiestromen verder zijn afgebouwd in lijn met de sancties. Voor de rest van het jaar verwachten we een beperkte daling van de overslagvolumes als gevolg van de onzekerheden die de huidige geopolitieke situatie en de hoge inflatie met zich meebrengen.’

Nat massagoed
In het eerste kwartaal nam de overslag van het segment nat massagoed toe met 5,6% naar 54,3 miljoen ton. Binnen dit marktsegment werd 0,8 miljoen ton meer ruwe olie (+3,2% naar 26,3 miljoen ton) aangevoerd. Als vervanging van Russische olie werd er meer ruwe olie aangevoerd uit de Verenigde Staten, West-Afrika en het Midden-Oosten. Aangezien deze olie over grotere afstanden wordt vervoerd, wordt er meer gebruik gemaakt van VLCC’s (Very Large Crude Carriers). In het eerste kwartaal hebben al twee keer zoveel VLCC’s (50) ruwe olie gelost als vorig jaar. Ook zijn er 30% meer aanlopen geweest van Suezmax-tankers. De overslag van minerale olieproducten nam in het eerste kwartaal toe met 1,6 miljoen ton naar 15,1 miljoen ton (12%). Deze toename is vooral veroorzaakt door meer overslag van diesel bij onafhankelijke terminals en aan de palen. Dit is vooral ter vervanging van de import van de gesanctioneerde Russische diesel. Ook de overslag van LNG is in het eerste kwartaal gestegen met 14,3% naar 3 miljoen ton. Dit komt door de hoge Europese gasprijs en er meer spotlading is verscheept. De groei in de aanvoer van LNG komt vooral uit de Verenigde Staten als alternatief voor de verminderde Europese import van Russisch gas per pijpleiding.

Droog massagoed
Het marktsegment droog massagoed liet in het eerste kwartaal een lichte groei zien van 0,2% naar 17,9 miljoen ton. In dit segment zijn ijzererts & schroot en kolen de belangrijkste goederensoorten. Beide goederensoorten lieten een stijging zien. De overslag van ijzererts & schroot steeg met 10,1% naar 6,2 miljoen ton. Als gevolg van het tijdelijk uitvallen van hoogovens in Duinkerken, Gijón en IJmuiden draaiden de fabrieken in het achterland van Rotterdam intensiever. Hierdoor steeg ook de vraag naar cokeskolen voor de staalproductie. De totale overslag van kolen steeg in het eerste kwartaal met 26,3% naar 7,4 miljoen ton.

Containers
De overslag van containers nam in gewicht af met 11,5%, in tonnen tot 31,5 miljoen ton en in volume met 11,6% tot 3,2 miljoen TEU (standaardmaat voor containers). Deze daling was in de loop 2022 al ingezet door het wegvallen van volumes van en naar Rusland. Omdat de oorlog in Oekraïne pas eind februari begon, was de invloed op de overslagvolumes in het eerste kwartaal van vorig jaar nog beperkt. Deze volumes waren in het verleden goed voor 8% van de totale container overslag. Ook de daling van import uit Azië (-14,2% in TEU) als gevolg van minder vraag naar fysieke goederen door de opgebouwde voorraden en inflatie was terug te zien in de overslagcijfers. Ondanks de sterke verbetering van de keten-performance is er nog geen transhipment teruggekomen in het eerste kwartaal. Deze volumes zijn als gevolg van de congestie tijdens de pandemie naar kleinere havens verplaatst.

RoRo en overig stukgoed
De totale overslag van het marktsegment breakbulk (Roll-on/Roll-off en overig stukgoed) daalde met 6,0% naar 7,9 miljoen ton. Het RoRo-verkeer is gedaald met 2,2% naar 6,6 miljoen ton ten opzichte van het eerste kwartaal van vorig jaar. Dit als gevolg van minder vraag uit het Verenigd Koninkrijk door een matig presterende economie. De overslag van overig stukgoed daalde met 20,9% naar 1,4 miljoen ton. Dit werd vooral veroorzaakt door het terug verschuiven van lading naar het containersegment door lagere containertarieven.

Kabinet en maritieme maakindustrie gaan samen sectoragenda opstellen

DEN HAAG Het kabinet en de maritieme maakindustrie gaan dit jaar samen een sectoragenda opstellen. Minister Micky Adriaansens (Economische Zaken en Klimaat) heeft Marja van Bijsterveldt-Vliegenthart gevraagd om dit omvangrijke traject als gezant te begeleiden.

Nederland is van oudsher een sterke internationale speler in de maritieme maakindustrie. Om dit zo te houden en uitdagingen op het gebied van verduurzaming, digitalisering, veiligheid en verdienvermogen aan te kunnen, wordt nog dit jaar een sectoragenda opgesteld. ‘Om de kansen voor de maritieme maakindustrie te verzilveren en dreigingen het hoofd te bieden, is het van belang dat overheid en sector de handen ineen slaan. Zo hebben partijen uit de maritieme sector al gezamenlijk een voorstel voor het Nationaal Groeifonds ingediend: het Maritiem Masterplan. Dit plan heeft tot doel om in Nederland klimaatneutrale en innovatieve schepen te ontwikkelen, te bouwen en te gebruiken.’

Gezant
De gezant maritieme maakindustrie heeft een belangrijke rol bij de totstandkoming van de sectoragenda. Van Bijsterveldt-Vliegenthart vervult deze rol tot 15 september van dit jaar. Zij doet dit naast haar reguliere werk als burgemeester van de gemeente Delft.

Rondetafel
Als start van het traject dat moet leiden tot de sectoragenda houdt het kabinet op dinsdag 14 maart een rondetafelbijeenkomst. Hierin spreken ministers Adriaansens (Economische Zaken en Klimaat), Harbers (Infrastructuur en Waterstaat) en staatssecretaris Van der Maat van Defensie met mkb’ers en grotere bedrijven, kennisinstituten en branchevertegenwoordigers. (Foto Rijksoverheid / Olivier Middendorp)

Aqualink is dé vereniging van watergebonden bedrijven in Oost-Nederland. Meld u nu aan als lid. Volg ons op Twitter en Facebook.

Reparaties aan sluis Heel afgerond

HEEL Rijkswaterstaat heeft de reparaties aan de oostkolk van sluis Heel afgerond. De verwachting was dat de werkzaamheden eind maart klaar zouden zijn, maar sinds 7 maart 2023 is de grote kolk weer actief.

Sinds 8 februari 2023 was de kolk afgesloten vanwege een stuk hout dat tussen de sluisdeur en de deurkas terecht was gekomen.
De westkolk van sluis Heel was tijdens de stremming van de oostkolk wel in gebruik. Ook konden schippers omvaren via de sluizen Linne en Roermond.

Aqualink is dé vereniging van watergebonden bedrijven in Oost-Nederland. Meld u nu aan als lid. Volg ons op Twitter en Facebook.

IVR ontwikkelt Emissie Calculatie Tool

ROTTERDAM Om inzicht te krijgen in de emissies van de binnenvaart, heeft IVR de Emissie Calculatie Tool ontwikkeld. Deze tool geeft een indicatie van de huidige emissies van een binnenvaartschip en geeft daarmee tevens inzicht in de efficiëntie van een schip. De tool is nu live.

De binnenvaart is volgens het IVR al de meest groene en efficiëntste vervoersmodaliteit voor het transport van goederen. Maar met het oog op de energietransitie zal de binnenvaart nog groener worden. Doel is om in 2050 nagenoeg emissieloos te zijn. ‘Tot die tijd is verdere vergroening nodig om de hoeveelheid emissies zoveel mogelijk terug te dringen.’

De berekening
De emissies worden berekend per kilowattuur (kWh) en per tonkilometer (tkm). De emissies per kWh sluiten aan bij de eisen bij het verstrekken van emissielabels en voor het aanduiden van emissiestandaarden (bijv. Stage-V). De emissies per tkm geven een nauwkeuriger beeld, onder meer omdat het rekening houdt met de afstand en de vervoerde lading. De tool berekent de meest relevante emissies van de voortstuwingsmotor binnen de huidige en toekomstige wet- en regelgeving: koolstofdioxide (CO2), stikstof (NOx) en fijnstof (PM).

Er wordt een aantal indicatoren gebruikt voor het maken van de berekening, onder meer bouwjaar van de motor, scheeps- en motortype, laadvermogen, SCR-katalysator, roetfilter, vermogen en het type waterweg.

WTT en TTW
De totale emissies worden opgesplitst in Well-to-Tank (WTT) emissies en Tank-to-Wake (TTW) emissies. WTT emissies ontstaan tijdens de productie en het vervoer van de brandstof naar het schip, en TTW emissies ontstaan bij het gebruik van de brandstof aan boord van het schip.

Nauwkeurigheid
Over het algemeen geldt dat uitkomsten betrouwbaarder zijn naarmate de ingevoerde gegevens ook betrouwbaarder zijn. Scheepseigenaren kunnen via de database zelf hun scheepsgegevens aanvullen of aanpassen. Om de werkelijke emissies van een schip te weten, dient er meetapparatuur geïnstalleerd te worden. Voor de berekening van de emissies per tonkilometer dienen bovendien de afgelegde afstand en de vervoerde lading bijgehouden te worden. Het installeren van meetapparatuur en het verkrijgen van alle informatie over afstanden en lading kosten veel tijd, moeite en geld. De Emissie Calculatie Tool probeert daarom een schatting te maken van de emissies op basis van gegevens die direct paraat zijn of waarvan een schatting gemaakt kan worden. Een aantal gegevens van het schip worden direct uit de database opgehaald. Andere velden in de berekeningstool dienen nog ingevuld te worden.

Duurzame investeringen
IVR hoopt met de ontwikkeling van deze tool de inzichtelijkheid te vergroten. Zo is het bijvoorbeeld voor gebruikers van de tool mogelijk om voorafgaand aan duurzame investeringen een beeld te krijgen wat de invloed van deze investering is op de uitstoot. Wat is bijvoorbeeld het gevolg als er een Stage-V motor, roetfilter of SCR-katalysator wordt geïnstalleerd, of als er gevaren wordt met een andere duurzamere brandstof.

Toegang tot de Tool
De emissie calculatie tool is geïntegreerd in het IVR Schepen Informatie Systeem. Scheepseigenaren hebben altijd kosteloos toegang tot de eigen (scheeps)gegevens en kunnen daarmee tevens kosteloos gebruik maken van de Emissie Calculatie Tool. Voor toegang kunnen zij contact opnemen met het secretariaat van IVR of naar de IVR website gaan.

Op dit moment is de Emissie Calculatie Tool beschikbaar in de Nederlandse taal, maar op korte termijn zal deze ook in andere talen beschikbaar komen. Voor vragen over de IVR Emissie Calculatie Tool kan contact opgenomen worden met het IVR secretariaat via info@ivr-eu.com of telefoonnummer +31(0)10 – 411 60 70.

Aqualink is dé vereniging van watergebonden bedrijven in Oost-Nederland. Meld u nu aan als lid. Volg ons op Twitter en Facebook.

Stremming Julianakanaal duurt nog twee weken

BERG De stremming op het Julianakanaal tussen Berg en Obbicht vanwege een volgelopen bouwkuip gaat langer duren. Rijkswaterstaat verwacht dat er ook komende twee weken geen scheepvaart mogelijk is.

De volgelopen bouwkuip in het Julianakanaal ligt tussen Berg en Obbicht. Deze wordt gebruikt voor de verbreding van het Julianakanaal, zodat deze geschikt wordt voor grotere schepen. Donderdagochtend 23 februari is de bouwkuip volgelopen met water.

Van kracht
Aanleiding voor de verwachting is het advies van Kennisinstituut Deltares. ‘Mede naar aanleiding daarvan wordt momenteel uitgezocht hoe de voorwaarden gecreëerd kunnen worden om de herstelwerkzaamheden veilig uit te voeren en daarnaast hoe we ervoor kunnen zorgen dat ook de scheepvaart de bouwkuip tijdens de werkzaamheden veilig kan passeren. Daarom blijft de stremming voorlopig van kracht.’

Meer informatie
Rijkswaterstaat verwacht dat in de loop van volgende week (6-10 maart 2023) meer bekend is over de uitvoering van de beheersmaatregelen, planning van de herstelwerkzaamheden en wat dat betekent voor de duur van de stremming van het Julianakanaal. Scheepvaart blijft hiervan voorlopig hinder ondervinden.

Zodra meer duidelijk is over het verloop van de herstelwerkzaamheden en de duur van de stremming wordt dit via de reguliere informatiekanalen gedeeld met de scheepvaart. U kunt ook contact opnemen met de landelijke informatielijn van Rijkswaterstaat via het (gratis) nummer 0800-8002.

Aqualink is dé vereniging van watergebonden bedrijven in Oost-Nederland. Meld u nu aan als lid. Volg ons op Twitter en Facebook.

Waalkade komende week moeilijk(er) bereikbaar

NIJMEGEN Schippers en bedrijven die volgende week met de auto van of naar het schip willen aan de Nijmeegse Waalkade, moeten rekening houden met werkzaamheden aan de Veemarkt en Waalkade. Vanwege de wegwerkzaamheden gelden omleidingroutes voor bestemmingsverkeer.

Wie van boord wil moet er rekening mee houden dat de rijroute via de Veemarkt is afgesloten. U moet via de Waalkade richting het oosten rijden en dan via de Voerweg Nijmegen uitrijden. Om aan boord te komen is de normale route via de Veemarkt niet mogelijk. Komt u via de Waalbrug (N325) dan loopt de omleiding via de de Sint Jorisstraat, Kelfkensbos en Voerweg naar de Waalkade. Via de Oranjesingel (S103) loopt de omleiding via de Van der Brugghenstraat, Hertogstraat en Voerweg naar de Waalkade.
Het camerasysteem aan de Waalkade is gedurende de werkzaamheden uitgeschakeld. Het insturen van het formulier kentekenregistratie is dus niet nodig.

Voor vragen of informatie kunt u contact opnemen met de Havendienst Nijmegen, tel. : 06 46 19 54 73.

Aqualink is dé vereniging van watergebonden bedrijven in Oost-Nederland. Meld u nu aan als lid. Volg ons op Twitter en Facebook.

Dé vereniging van watergebonden bedrijven in Oost-Nederland.