Categorie archieven: nieuws

Maas Binnenvaartmuseum treedt naar buiten

MAASBRACHT Een blauwe golf op de vloer van het museum en blauwe voetstappen die naar de kade leiden van de Maasbrachtse haven. Het Maas Binnenvaartmuseum treedt naar buiten, onder meer met de nieuwe stuurhut waarin bezoekers kunnen zien waar de binnenschipper werkt. In de haven liggen ook de historische tjalk Nooit volmaakt, de sleper Limburgia en de rondvaartboot de Gouverneur van Limburg te wachten op bezoekers. In de kelder van het museum is nu een expositie te bewonderen over de Limburgse zand en grindwinning.

In de kelder van het museum is nu de expositie over de Limburgse zand- en grindwinning te zien. Voor de bezoeker de kelder afdaalt, krijgt hij op een scherm te zien hoe grind is ontstaan. In de kelder gaat het van de droge grindwinning over in de natte grindwinning, waardoor de Maasplassen ontstonden. In ‘verrassingkastjes’ staat onder meer bij de winning gebruikt materiaal op miniformaat, in een volgende video worden de toepassingsmogelijkheden van zand en grind uitgelegd zoals voor het maken van beton. ‘In Limburg hadden we al een mijnmuseum, en nu hebben we ook een zand- en het grindmuseum’, vertelt voorzitter Ton Forschelen. (Foto Erik van Huizen)

Drie jaar geleden werd begonnen met de verbouwing van het Maas Binnenvaartmuseum. Dat was nodig omdat de provincie Limburg, de gemeente Maasgouw en Maasgrind, een verzameling van zeven grindbedrijven, vonden dat het museum nodig aan modernisering en professionalisering toe was. Omdat plaats moest worden gemaakt, werden allereerst twee depots gemaakt waar de niet tentoongestelde collectie kon worden opgeborgen. Ook werd het verhaal over de binnenvaart in thema’s gevat zoals over de Maas, het Julianakanaal, de haven van Maasbracht en kunstwerken. Doorzichtige vitrines werden met blauwe wanden onderdeel van de nieuwe blauwe golf op de vloer. Deze golf voert de bezoekers langs talloze zaken die herinneren aan de rijke geschiedenis van de schippersbeurs en het heden en verleden van de binnenvaart, van een viking schip die de Maas heeft bevaren, tot een model van een skûtsje, klipper, tjalk en moderne schepen zoals een duwboot.

Voorzitter Ton Forschelen van het Maas Binnenvaartmuseum bij de historische paviljoenjalk Nooit volmaakt uit 1889. Maasschipper Th. Hilkens voer vanaf 1928 met dit 16,76 meter lange en 4,16 meter brede schip in Midden-Limburg voornamelijk met zand, grind. In 1946 werd de Triumph-motor met een vermogen van 9 pk ingebouwd. In 1984 werd het schip uit de vaart genomen, in 1995 kocht het bestuur van het Maas Binnenvaartmuseum het schip aan. In de loop van de afgelopen jaren werd het schip in de verf gezet, de luiken vervangen, werden het roer, het berghout en het vlak vernieuwd en werden de motor, het drijfwerk en de zijschroef gerestaureerd. In de komende jaren wordt het schip verder teruggebracht in de staat 1946. (Foto Erik van Huizen)

Erkenning
De modernisering en de professionalisering van het museum leidde er in april van dit jaar toe dat het Maas Binnenvaartmuseum werd opgenomen in het Nederlands museumregister van de Stichting Museumregister Nederland. In 2020 waren het bestuur en de vrijwilligers het hele jaar bezig om te voldoen aan de strenge normen. Musea komen namelijk alleen in dit register als wordt voldaan aan 17 normen zoals veiligheidszorg, personeels- en vrijwilligersbeleid, collectieplan, herkomstonderzoek, educatiebeleid en inclusie en toegankelijkheid. Zo werd op de plek waar eerst geld kon worden gestort, het museum zit in een oud bankgebouw, een lift geplaatst.

In de voormalige kluskamer van het museum is nu de Schatkamer van de Maas gevestigd. Hier is van alles te bewonderen wat uit de Maas is gekomen. Zoals de botten van een gesneuveld paard uit een massagraf van 65 paarden uit de buurt van Maastricht en verschillende aardewerken en gerestaureerde gebruiksvoorwerpen. (Foto Erik van Huizen)

Naast de erkenning voor de professionaliteit waarmee het Maas Binnenvaartmuseum nu bedreven wordt, is dit predicaat ook een belangrijke stap om de continuïteit te waarborgen. Door de opname in het Museumregister kan het museum rekenen op een aanzienlijke jaarlijkse exploitatiesubsidie van de Gemeente Maasgouw. Deze financiële middelen zijn nodig om de kwaliteit van de collectie en bedrijfsvoering te behouden en verbeteren, maar zijn nu extra welkom vanwege de coronapandemie. Door de maatregelen ontving het museum in 2020 aanzienlijk minder bezoekers en liep daarmee veel inkomsten gemist.

De nieuwe stuurhut van het Maas Binnenvaartmuseum in de haven van Maasbracht, ook wel ‘het baken van vertrouwen’ genoemd. Het is niet alleen een mooi uitkijkpunt, maar bezoekers krijgen zo ook een kijkje aan boord van de binnenvaartschipper. De lift in de stuurhut, die bezoekers naar het steiger brengt om de schepen aldaar te kunnen bezichtigen, is vanwege de gevolgen van de coronapandemie nog niet klaar. (Foto Erik van Huizen)
De haven van Maasbracht met op de voorgrond de sleper Limburgia en linksvoor de rondvaartboot de Gouverneur van Limburg. (Foto Erik van Huizen)
Een maquette van het hellend vlak van Saint-Louis-Arzviller in het museum. Het leert de bezoeker dat deze scheepslift 17 sluizen vervangt. Het verval is 45 meter, de helling bedraagt 41%, het opgaande gewicht is ruim 70.000 kilo en het neergaande gewicht ruim 75.000 kilo. (Foto Erik van Huizen)

Aqualink is dé vereniging van watergebonden bedrijven in Oost-Nederland. Ook Willems is lid van Aqualink. Meld u nu ook aan als lid. Volg ons op Twitter en Facebook.

 

Waterdieptekaarten CoVadem nu ook op RADARpilot720° van Argonav

AMSTERDAM De waterdieptekaarten van CoVadem zijn vanaf heden beschikbaar voor gebruikers van RADARpilot720°. Technisch directeur Desire Savelkoul van CoVadem Services en Martin Sandler van Argonav GmbH tekenden daarvoor in Stuttgart een samenwerkingsovereenkomst.

De kaarten kunnen nu dagelijks automatisch worden gedownload door RADARpilot720° van Argonav. Dit betekent dat dagelijks bijgewerkte diepte-informatie aan boord beschikbaar is. In de kaartenset zijn de vaarwegenkaarten, die beschikbaar zijn gesteld op de verschillende Europese RIS-servers, reeds geïnstalleerd. De aanvullende gedetailleerde CoVadem waterdieptekaarten zijn daaraan toegevoegd.

Belangrijke informatie
Naast de radar, AIS en de gebruikelijk kaartgegevens, vormen de dieptegegevens van CoVadem een aanzienlijke aanvulling op de gewone weergave in RADAR en bieden ze belangrijke aanvullende informatie. De schipper herkent ondiepe gebieden en kan beter navigeren in dieper water.
Vooral in perioden met laag water helpen dieptegegevens om het beschikbare gebied zo goed mogelijk te benutten. Tegelijkertijd maakt het display, samen met radar en AIS, een uitgebreide registratie van de actuele navigatiesituatie mogelijk.

Aqualink is dé vereniging van watergebonden bedrijven in Oost-Nederland. Ook Willems is lid van Aqualink. Meld u nu ook aan als lid. Volg ons op Twitter en Facebook.

Eerste binnenvaartschip op energiecontainers in de vaart

ROTTERDAM Het eerste Nederlandse binnenvaartschip dat voor de aandrijving gebruik maakt van verwisselbare energiecontainers gaat vandaag varen. De Alphenaar vaart tussen Alphen aan den Rijn en Moerdijk voor bierbrouwer Heineken, de eerste eindklant van ZES.

De energiecontainers, de zogenoemde ‘ZESpacks’, zijn standaard 20ft containers gevuld met batterijen, die worden geladen met groene stroom. De eerste twee ZESpacks worden geladen en gewisseld bij het eerste laadstation op de terminal van CCT in Alphen aan den Rijn. ZES heeft de ambitie om op korte termijn op te schalen en wil tot 2030 dertig zero emissie vaarroutes realiseren. Het bedrijf werd vorig jaar opgericht door ENGIE, ING, Wärtsilä en het Havenbedrijf Rotterdam, met steun van het ministerie van I&W.

‘Echt groene oplossing’
Het energieconcept dat ZES in de markt zet, draagt volgens CEO Willem Dedden met de besparing van zo’n 1.000 ton CO2 en 7 ton NOx per schip per jaar direct bij aan reductie van emissies. ‘Daarbij produceren schepen die varen met ZES geen fijnstof en geluid.’ Het concept omvat ook de organisatie van de benodigde laadinfrastructuur en een pay-per-use constructie die schippers in staat stelt om alleen voor het gebruik van energie te betalen. De investering in ZESpacks komt voor rekening van ZES. Deze opzet maakt ZES zeer gebruiksvriendelijk en schaalbaar. ‘ZES biedt overheden en bedrijven een kant en klare oplossing om te verduurzamen.’

Standaardiseren
Volgens Dedden zet ZES een standaard neer die de transitie naar emissievrije binnenvaart versnelt. ‘Met onze ZESpack (een standaard 20 ft container) en een standaard connector (de “stekker”) leggen we de basis. In combinatie met het door ING bedachte financierings- en pay-per-use-pakket, biedt ZES schippers een laagdrempelige, toekomstbestendige open access innovatie. Het systeem van ZESpacks past zich namelijk aan naarmate de techniek verbeteringen aandraagt. De ZESpacks die nu in gebruik zijn, werken met Lithium-Ion batterijen, maar in de toekomst kan dat ook waterstof, ammoniak of iets anders zijn. De ZESpack past altijd op de aansluiting, ongeacht het soort energie dat er in de container zit.’ Om deze reden geeft ZES de profielen voor de connector dan ook rechteloos vrij, zodat de markt met diverse leveranciers van energiecontainers kan gaan werken.

2MWh
Wärtsilä, leverancier van de eerste ZESpacks, werkte in de afgelopen maanden aan de assemblage en het testen van de energiecontainers, die zijn voorzien van veiligheids- en communicatiesystemen, en 45 batterijmodules van totaal 2MWh, vergelijkbaar met de capaciteit van zo’n 36 elektrische auto’s.
De ZESpack is volledig op maat gemaakt voor ZES en wordt geladen met gecertificeerde groene stroom op het eerste ZES laadstation op het Alpherium, de containerterminal van CCT in Alphen aan den Rijn. Dit laadstation, ontwikkeld door ENGIE, werd in april opgeleverd. In juli werd de Alphenaar omgebouwd en onder andere voorzien van de standaard connectoraansluiting om de ZESpacks te kunnen ontvangen. Eind augustus vond de eerste proefvaart plaats.

Opschaling
ZES heeft de ambitie om op korte termijn op te schalen naar acht schepen, acht laadstations en veertien ZESpacks. Het bedrijf wil in 2030 30 zero emissie vaarroutes realiseren, waarmee tot 360.000 ton CO2 en 2.800 ton NOx kan worden bespaard. Om de concurrentie met fossiel varen echt aan te kunnen gaan is gelijktijdig optrekken en commitment van zowel overheid, havens en terminals als het bedrijfsleven nodig. ZES werkt nauw samen met en landelijke, regionale en lokale overheden en vooruitstrevende vervoerders zoals BCTN voor het contracteren van de volgende schepen en het ontwikkelen van het bijbehorende netwerk van laadstations, te beginnen in Rotterdam, Moerdijk en Alblasserdam.

Systeemwijziging
De binnenvaart speelt volgens ZES een belangrijke rol in het reduceren van milieuemissies. ‘Binnen transport is de binnenvaart verantwoordelijk voor 5% van de CO2 uitstoot in Nederland. Daarbij wordt 11% van de totale Nederlandse NOx emissies veroorzaakt door de binnenvaart. Om de doelen uit het Klimaatakkoord te halen heeft de Green Deal Zeevaart, Binnenvaart en Havens de ambitie om in 2030 de emissies in de binnenvaart met 50% te reduceren. Voor het realiseren van dit doel is een transitie naar volledig elektrisch aangedreven vervoer over water nodig.’ (Foto’s en illustratie Havenbedrijf Rotterdam/Ries van Wendel de Joode).

Aqualink is dé vereniging van watergebonden bedrijven in Oost-Nederland. Ook Willems is lid van Aqualink. Meld u nu ook aan als lid. Volg ons op Twitter en Facebook.

‘Beprijzen moet passen binnen Akte van Mannheim’

DEN HAAG Het beprijzen van de binnenvaart om de sector te kunnen vergroenen moet wat betreft Nederland passen binnen het heffingsverbod van de Akte van Mannheim. ‘Hetzij doordat een geëigend instrument gekozen wordt, hetzij doordat de Akte aangepast wordt’, schrijft het Nederlandse kabinet in een reactie op de Europese plannen om het marktpotentieel van de binnenvaart in de Europese Unie optimaal te benutten en de binnenvaart te verduurzamen. De plannen zijn te vinden in het Naiades-actieplan voor 2021-2027.

De focus van het door de Europese Commissie voorgestelde actieplan is, sinds het eerste actieprogramma, verschoven naar de verduurzaming van de binnenvaart. In het nieuwe plan staan daarvoor de doelstellingen van de Green Deal en de Duurzame en Slimme Mobiliteitsstrategie centraal, en wordt gestreefd naar een toekomstbestendigere binnenvaart. Een duurzame en moderne binnenvaartsector wordt beschouwd als een essentieel instrument voor het terugdringen van broeikasemissies in de gehele transportsector. Deze doelen worden ondersteund door verdere digitalisering en het aantrekkelijker maken van het werken in de binnenvaart. Ook is volgens de Commissie toegang tot financiering van groot belang om de doelen te halen.

‘Weinig houvast’
Het kabinet verwelkomt de maatregelen van de Europese Commissie voor het toekomstbestendig maken van de binnenvaart, maar vindt ook dat de plannen op hoofdlijnen nog weinig houvast bieden voor wat betreft de precieze uitwerking. Het kabinet kijkt met name uit naar concrete voorstellen voor de uitrol van emissieloze schepen, de herziening van de staatssteunregels, de voortzetting van de ondersteuning van infrastructuur voor alternatieve brandstoffen, het faciliteren van het realiseren van een vergroeningsfonds en het realiseren van een hoog niveau van dienstverlening langs de binnenvaartcorridors. Ook is er een aantal acties geformuleerd die, afhankelijk van de inzet van de Europese Commissie, voor meer spanning in de governance van de binnenvaart zouden kunnen zorgen, terwijl het plan zelf aangeeft naar een verbetering van die governance te willen streven. Dat zal volgens het kabinet het geval zijn als de Commissie onvoldoende rekening houdt met de bestaande competenties van internationale partijen op deze terreinen. Het gaat dan om herziening van de regelgeving met betrekking tot de markttoegang, de herziening van de Technische Richtlijn, beoordeling van de noodzaak voor inrichtingen voor de ontvangst van afval en het verzekeren van de coördinatie tussen EU beleid en het beleid van de rivierencommissies.

Belang CCR
Het kabinet vindt dat voor het toekomstbestendig maken van de binnenvaart een EU-aanpak onontbeerlijk is. ‘Gezien het grensoverschrijdende karakter van de binnenvaart kunnen individuele lidstaten dit onvoldoende binnen op centraal, regionaal of lokaal niveau verwezenlijken. Optreden op EU-niveau is gerechtvaardigd om fragmentatie te voorkomen en een gelijk speelveld te bevorderen.’
Tegelijkertijd vindt Nederland dat ook een grote weggelegd is voor de Centrale Commissie voor de Rijnvaart (CCR) die zich met studies, een transitie routekaart en regelgeving inzet voor een toekomstbestendige binnenvaart. Dit mede vanwege de trekkersrol die Nederland speelt in de CCR. ‘De CCR is immers hét regelgevend orgaan voor de Rijnvaart, voor technische eisen aan schepen, bemanningsregels en politievoorschriften. Het kabinet is daarom voorstander van een duurzame samenwerking tussen de Commissie en de CCR, waaronder het harmoniseren van standaarden in het Europees Comité voor het aannemen van standaarden in de binnenvaart (CESNI), en vindt dit van essentieel belang om de gestelde doelen te halen.’

Financiën en regeldruk
Omdat het bereiken van een emissievrije binnenvaart de sector ook veel gaat kosten, vraagt het Nederlandse kabinet van de Commissie aandacht voor de financiering van de voorgestelde maatregelen, zowel voor de acties die komen te liggen bij de lidstaten als de toegang tot financiering door de sector. Het geld voor het vergroeningsfonds om de transitie financieel te ondersteunen, moet volgen de Commissie worden opgebracht door de sector zelf en gebruikt om met verschillende financieringsinstrumenten.

Wat de Europese plannen voor een gevolgen hebben voor de regeldruk in de binnenvaart, moet volgens het kabinet blijken wanneer concrete voorstellen op tafel liggen. Bepaalde voorstellen, zoals die gaan over de verregaande digitalisering in de binnenvaart, beogen de administratieve last aan boord van het schip te verminderen. Dat is een ontwikkeling die het kabinet kan steunen. Het gaat hier bijvoorbeeld om de digitale integratie in de synchromodale transportketen en het aanbieden via één uitgiftepunt van corridor informatie.
Het kabinet is er verder van overtuigd dat de Europese plannen voor een modal shift van wegvervoer naar spoor en binnenvaart goed nieuws is voor de Nederlandse binnenvaart. ‘Aangezien binnen de binnenvaartsector Nederlandse ondernemers een fors aandeel hebben, zal dit ook goede kansen voor hen bieden.’

Steun verwacht
Het Nederlandse kabinet verwacht dat de andere Europese lidstaten het toekomstbestendig maken van de binnenvaart en het vergroenen van de sector gaan steunen. Discussies ontstaan wellicht als de actiepunten concreet gemaakt worden. ‘Enerzijds gaat het dan om de financiën, anderzijds om de wijze waarop acties worden uitgewerkt.’

Aqualink is dé vereniging van watergebonden bedrijven in Oost-Nederland. Ook Willems is lid van Aqualink. Meld u nu ook aan als lid. Volg ons op Twitter en Facebook.

Kabinet beëindigt Corona steunpakketten

DEN HAAG Het kabinet stopt per 1 oktober met de generieke steunmaatregelen die de afgelopen anderhalf jaar de Nederlandse economie zoveel mogelijk door de coronacrisis hebben geholpen. Dit betekent dat de regelingen NOW, TVL, Tozo, TONK en diverse fiscale maatregelen vanaf 1 oktober niet worden verlengd. Volgens het kabinet draait de economie weer volop en is de werkloosheid is laag. ‘Doorgaan met de steun zou het economisch herstel in de weg zitten.’

Het kabinet spreekt van een zware tijd waarin complete sectoren tot stilstand kwamen en mensen soms afscheid moesten nemen van hun baan of bedrijf. ‘Mede dankzij de steunpakketten voor banen en economie is het aantal faillissementen echter beperkt gebleven en zijn de werkloosheidscijfers laag. De economische cijfers zijn bemoedigend. Doorgaan met de generieke maatregelen uit het steunpakket verstoort dit herstel.’

Regelingen
Het kabinet beseft dat de situatie voor sommige groepen de komende tijd nog moeilijk is. Daarom blijft in het vierde kwartaal een aantal ondersteunende regelingen van kracht, om de dynamiek op de arbeidsmarkt te bevorderen en om de aanpassing van de economie te bevorderen. Zo blijven de corona-financieringsregelingen KKC, Qredits overbruggingskrediet, BMKB-C en GO-C blijven het gehele jaar van kracht om marktfinanciering te blijven faciliteren. Bedrijven die behoefte hebben aan liquiditeit, kunnen hierbij terecht. Ook het Garantiefonds Evenementen loopt door in het vierde kwartaal.

Belastingen
De mogelijkheid om uitstel van belastingbetaling aan te vragen stopt eveneens op 1 oktober. Sinds het begin van de crisis hebben 369.000 ondernemers gebruikgemaakt van de mogelijkheid van belastinguitstel, voor een bedrag van € 40,4 miljard. Een groot deel van de belastingschuld is inmiddels weer afgelost of verminderd als bijvoorbeeld de belastingaanslag niet goed is vastgestel. Per saldo staat op dit moment € 19,2 miljard aan belastingschuld open en hier maken 270.000 ondernemers gebruik van.

Van ondernemers wordt verwacht dat zij vanaf 1 oktober 2021 weer gewoon belasting gaan betalen. De datum waarop ondernemers weer gaan terugbetalen, schoof eerder al op naar 1 oktober 2022 en hier is vijf jaar de tijd voor. Dit geldt voor alle schulden van ondernemers die wegens de coronacrisis uitstel van betaling hebben gekregen, dus ook de schulden waar de ondernemer geen verlenging voor heeft aangevraagd.
Een aantal andere belastingmaatregelen die wegens de coronacrisis genomen is, loopt door tot 1 januari 2022, zoals de onbelaste reiskostenvergoeding en de betaalpauze voor hypotheken. Daarnaast voert Nederland overleg met Duitsland en België om de afspraken over de belastingheffing van grenswerkers ook tot 1 januari 2022 voort te zetten.

Beëindiging Tozo
Ondernemers die financiële ondersteuning nodig hebben, kunnen vanaf 1 oktober weer een beroep doen op de reguliere bijstand voor zelfstandigen (het Bbz). Om dit voor gemeenten uitvoerbaar te houden, heeft het kabinet besloten de uitvoering van de regeling tot eind dit jaar te vereenvoudigen. Dit betekent dat gemeenten geen vermogenstoets hoeven uit te voeren, dat ondernemers met terugwerkende kracht van maximaal twee maanden een Bbz-uitkering kunnen aanvragen en dat de gemeente het inkomen en de hoogte van de Bbz-uitkering per kalendermaand (in plaats van per boekjaar) vaststelt. Vanaf 1 januari 2022 voeren gemeenten het Bbz weer zonder wijzigingen uit.

Werktijdverkorting
De Werktijdverkorting (WTV) is vanwege de invoering van de NOW buiten werking gesteld. Na het stoppen van de NOW keert per 1 oktober de Werktijdverkorting (WTV) weer terug. Deze biedt ondersteuning aan werkgevers die worden getroffen door een buitengewone omstandigheid die niet tot het ondernemersrisico behoort. De geherintroduceerde WTV is nadrukkelijk niet bedoeld voor Corona-gerelateerde omstandigheden, het gaat om kortdurende buitengewone omstandigheden.

Aqualink is dé vereniging van watergebonden bedrijven in Oost-Nederland. Ook Willems is lid van Aqualink. Meld u nu ook aan als lid. Volg ons op Twitter en Facebook.

Minister Cora van Nieuwenhuizen vertrekt

DEN HAAG Minister Cora van Nieuwenhuizen van Infrastructuur en Waterstaat vertrekt per direct. Van Nieuwenhuizen wordt per 1 oktober voorzitter van brancheorganisatie Vereniging Energie-Nederland.

Koning Willem-Alexander heeft het ontslag van de minister, op voordracht van de minister-president, op de meest eervolle wijze verleend, onder dankbetuiging voor de vele gewichtige diensten door de minister aan hem en het Koninkrijk bewezen. De Koning verleende vervolgens Barbara Visser op de meest eervolle wijze ontslag en benoemd haar tot minister van Infrastructuur en Waterstaat.

Verheugd
Het bestuur van Energie-Nederland is verheugd over de komst van Cora Nieuwenhuizen. ‘De komende periode is cruciaal, er zijn belangrijke besluiten nodig om de klimaatdoelstellingen van 2030 en 2050 te halen’, schrijft Roger Miesen, vice-voorzitter Energie-Nederland. ‘Daarom zijn wij erg blij dat we een voorzitter hebben gevonden die met haar ervaring en daadkracht de komende essentiële fase in de energietransitie vanuit Energie-Nederland kan begeleiden.’

Aqualink is dé vereniging van watergebonden bedrijven in Oost-Nederland. Ook Willems is lid van Aqualink. Meld u nu ook aan als lid. Volg ons op Twitter en Facebook.

 

‘Maritieme sector zet grote stap in groene toekomst’

ROTTERDAM De maritieme sector heeft onlangs concrete voorstellen ingediend voor de R&D-regeling van 150 miljoen euro van het ministerie van Economische Zaken en Klimaat (EZK). Deze regeling is bedoeld voor innovatieve projecten gericht op verduurzaming en digitalisering. De ingediende plannen lopen uiteen van waterstof en methanol als scheepsbrandstof tot autonoom varen en van varen op wind tot de afvang van CO2.

‘Het is indrukwekkend om de samenwerking en het innovatievermogen van de sector te zien in de totstandkoming van de projectvoorstellen, aldus Rob Verkerk, voorzitter van Nederland Maritiem Land. ‘Dat is nodig om gezamenlijk het Maritiem Masterplan te realiseren en hiermee geven wij als sector een duidelijk signaal dat wij de kansen en uitdagingen die de energietransitie met zich meebrengt, kunnen en willen aangaan.’

Groene voornemens
In de afgelopen maanden heeft de maritieme sector alle groene voornemens in kaart gebracht en vertaald naar concrete plannen als uitwerking van het ambitieuze R&D-programma van het Maritiem Masterplan. De subsidieregeling van de overheid is noodzakelijk om de plannen ook te kunnen realiseren. Het betreft namelijk nieuwe technieken, die door cofinanciering kunnen worden ontwikkeld. Tezamen hebben verschillende consortia deze voorstellen uitgewerkt en ingediend bij het ministerie van EZK. Deze consortia bestaan uit zowel grote bedrijven als MKB’ers en start-ups. Bovendien werken spelers binnen en buiten de maritieme sector hierin samen om tot het beste resultaat te komen.

Achtergrond
Het Maritiem Masterplan is de ambitie van de Nederlandse maritieme sector voor de systeemverandering naar een emissieloze en digitale sector. Onderdelen van het plan zijn – naast de R&D-agenda – het launching customership van de Koninklijke Marine en de Rijksrederij, de ontwikkeling en bouw van 30 emissieloze schepen, slimme en schone productie van deze schepen en aansluiting van human capital. ‘Uitvoering van het plan levert breed beschikbare kennis en ervaring op van en met nieuwe technologieën. Daarmee versterken we het concurrentievermogen van de sector en ons land en leveren we een substantiële bijdrage aan de klimaatdoelstellingen.’

Aqualink is dé vereniging van watergebonden bedrijven in Oost-Nederland. Ook Willems is lid van Aqualink. Meld u nu ook aan als lid. Volg ons op Twitter en Facebook.

Onderzoek naar tevredenheid beroepsschippers

UTRECHT Rijkswaterstaat en provincies doen in de zomer van 2021 een onderzoek naar de tevredenheid van beroepsschippers over de vaarwegen, het zogenoemde ‘Belevingsonderzoek Binnenvaart’.

In het onderzoek komen verschillende onderwerpen aan bod, zoals kwaliteit en veiligheid van de vaarwegen, maar ook werkzaamheden en (verkeers-)informatie. Het onderzoek bestaat uit een online vragenlijst, die u zowel via de computer als via de smartphone kunt invullen.

De resultaten worden onder andere gebruikt als input voor beleidsadviezen en verbeteracties. Om een volledig beeld te krijgen van de mening van de binnenvaart, is het belangrijk dat zoveel mogelijk schippers deelnemen aan het onderzoek.

Deelnemen
I&O Research voert dit onderzoek uit. Beroepsschippers ontvangen via een sms of e-mail een uitnodiging voor het invullen van de vragenlijst. Heeft u geen uitnodiging ontvangen? Neem dan deel via onderstaande knop.

Neem deel aan onderzoek tevredenheid beroepsschippers

Aqualink is dé vereniging van watergebonden bedrijven in Oost-Nederland. Ook Willems is lid van Aqualink. Meld u nu ook aan als lid. Volg ons op Twitter en Facebook.

Kamervragen over ‘nieuw gifschandaal’ in binnenvaart

DEN HAAG Binnenvaartschippers moeten voortaan precies weten wat ze aan boord krijgen. Als het aan Tweede Kamerlid Sandra Beckerman van de Socialistische Partij ligt (SP) komen er gespecialiseerde controleurs die in het ruim gaan meten welke gassen er in een lading zitten. Deze maken dan vervolgens aan de schipper bekend wat ze precies hebben gemeten. Beckerman wil zo voorkomen dat er opnieuw een nieuw gifschandaal in de binnenvaart ontstaat.

Beckerman stelde Kamervragen naar aanleiding van het bericht dat drie binnenvaartschepen stilliggen omdat er hoge concentraties fosfine, ‘een potentieel dodelijk gas’, zijn aangetroffen. Het Kamerlid stelt dat de opvarenden van de Imatra, Semper Spera en Coby aan een ramp zijn ontsnapt. Ze wil dan ook weten wat er gedaan gaat worden om dergelijke nieuwe incidenten te voorkomen en haalt hierbij de mening van de Algemeene Schippers Vereeniging (ASV) aan dat schippers ‘onnodige risico’s lopen’. ‘Herkent u dat het een enorm probleem is wanneer je niet zeker weet wat er in je lading zit. En kunnen de opdrachtgevers voor deze lading verantwoordelijk worden gehouden.’

‘Overal veilig’
Beckerman helpt de ministers van Infrastructuur en Waterstaat, van Sociale Zaken en Werkgelegenheid en de staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat eer ook nog even aan de SP in 2019 vroeg in te grijpen nadat een schippersechtpaar op de intensive care was beland. Een herhaling had volgens het Tweede Kamerlid dus voorkomen moeten worden. Ze vraagt zich dus af welke stappen zijn er tussen 2019 en nu zijn gezet en door wie. ‘Hoe kan het dat de verboden stof fosfine opnieuw is aangetroffen op drie schepen.’

Het Tweede Kamerlid lid wil verder weten of het klopt dat na het incident in Nieuwegein in 2019 de protocollen weliswaar zijn aangepast, maar dat die alleen gaan over de overslag in de havens van Amsterdam en Rotterdam. ‘Deze lading is overgeslagen van trein op schip in Oss. Hoe gaat u zorgen dat de overslag op alle plekken veilig verloopt.’

Beckerman wil dat onderzoek wordt gedaan naar dit nieuwe incident met fosfine. Dat kan een onderzoek betreffen van de inspectie Sociale Zaken en Werkgelegenheid (inspectie SZW), maar ook van het Openbaar Ministerie (OM) dat onderzoek kan doen of er sprake was van een strafbaar feit. (Foto SP)

Aqualink is dé vereniging van watergebonden bedrijven in Oost-Nederland. Ook Willems is lid van Aqualink. Meld u nu ook aan als lid. Volg ons op Twitter en Facebook.

 

Daling overslag havens Noordzeekanaalgebied

AMSTERDAM De overslag van de zeehavens in het Noordzeekanaalgebied daalde in de eerste zes maanden van dit jaar met 6,8% naar 46 miljoen ton. Deze daling vond met name plaats in het eerste kwartaal van 2021. Volgens havenbedrijf Port of Amsterdam zijn de overslagcijfers geenszins te vergelijken met die van vorig jaar. Toen had de wereldwijde coronacrisis nog geen effect op de cijfers.

In de Amsterdamse haven werd in de eerste zes maanden van 2021 ruim 37 miljoen ton overgeslagen. Een daling van 7,6% ten opzichte van dezelfde periode in 2020, toen in het eerste halfjaar 40,2 miljoen ton werd overgeslagen. In de andere havens uit het Noordzeekanaalgebied is een herstel te zien. Weliswaar daalde in IJmuiden de overslag met 3,7% tot 8,5 miljoen ton, in Beverwijk steeg het overslagvolume met 14,5% tot 222 duizend ton. In Zaanstad was sprake van een stijging van de overslag met 7,3% tot 104 duizend ton.

Haven Amsterdam
De daling van overslag in de Amsterdamse haven in het eerste halfjaar komt met name door de daling van natte bulk, waarvan voornamelijk transportbrandstoffen. Deze daalde met 14,1% naar 21,8 miljoen ton, tegen 25,4 miljoen ton vorig jaar.
Het volume droge bulk steeg licht, in totaal met 2%. Er is een groei te zien van het steenkoolvolume ten opzichte van dezelfde periode vorig jaar. Een mogelijke oorzaak hiervan is het koude voorjaar van 2021. Ook de overslag van bouwmaterialen is gestegen, met ruim 12%. Hier zien we de toename van bouwsector als belangrijkste reden.
De overslag van containers steeg met 45,8%. Deze stijging is onder andere toe te schrijven aan de uitbreiding van de (short-sea-) lijndiensten. Maar ook in het herstel van de afzetmarkten, waardoor er met grotere volumes gevaren moet worden.

Geen cruiseschepen
Net als vorig jaar, ontving Amsterdam ook dit jaar nog geen zeecruiseschepen als gevolg van de coronapandemie. De riviercruise is in juni weer langzaam opgestart, waarbij de coronamaatregelen in acht worden genomen. Voor de tweede helft van het jaar, verwacht de Amsterdamse haven meer riviercruiseschepen te ontvangen. Aan het einde van het jaar verwacht de haven ook weer zeecruises te verwelkomen.

Markt stabiliseert
Volgens CEO Koen Overtoom van Port of Amsterdam is de ingezette daling van de overslag in 2020 zich nu langzaam aan het herstellen, met name in het tweede kwartaal van 2021. ‘Een uitschieter in de daling is te zien in de overslag van transportbrandstoffen zoals benzine en kerosine. De oorzaak hiervan is vooral te herleiden naar het zo goed als stilvallen van de vliegreizen door de coronacrisis. Nu deze markt weer aantrekt verwachten we dat de cijfers komende tijd een stijgende lijn laten zien.’

In dit eerste halfjaar ziet Overtoom een herstel in de containeroverslag, die in 2020 sterk daalde. Naast een nieuwe lijn vanuit Ierland, waar nu al grotere schepen op worden ingezet, zien we ook dat steeds meer bedrijven de binnenvaart verkiezen boven andere transportmiddelen. Hier profiteert de Amsterdamse haven van mee. (Foto Port of Amsterdam)

Aqualink is dé vereniging van watergebonden bedrijven in Oost-Nederland. Ook Willems is lid van Aqualink. Meld u nu ook aan als lid. Volg ons op Twitter en Facebook.