Categorie archieven: nieuws

FUREC project levert binnenvaart mogelijk 1,2 miljoen ton aan lading op

ESSEN RWE wil in Limburg circulaire en groene waterstof gaan produceren. Daarvoor moet niet recyclebaar huishoudelijk afval worden aangevoerd en pellets worden afgevoerd. En dat wil RWE zoveel mogelijk per schip gaan doen. Het zogenoemde FUREC project van het bedrijf kan de binnenvaart in Limburg uiteindelijk zo’n 1,2 miljoen ton aan werk opleveren.

Voor het Fuse Reuse Recycle project (FUREC) is RWE voornemens installaties te bouwen op zowel Bedrijvenpark Zevenellen in Haelen als op het Chemelot terrein in Sittard-Geleen. De bedoeling is dat in Haelen het afval wordt ingenomen. FUREC heeft hiervoor op het bedrijvenpark een optie genomen op een aantal hectaren grond, direct aan de haven. In de nog te bouwen voorbehandelingsinstallatie wordt niet-recyclebaar vast huishoudelijk afval gesorteerd, verkleind en verwerkt tot korrels, ook wel pellets genoemd. De installatie gaat ongeveer 700.000 ton huishoudelijk afval per jaar verwerken. Dit komt overeen met de hoeveelheid afval die jaarlijks door ongeveer twee miljoen mensen wordt geproduceerd.

Modal shift
Het afval wat in Haelen verwerkt gaat worden, wil RWE bij voorkeur uit Limburg en omgeving halen. Zo lokaal mogelijk dus. Voor de aanvoer wordt volgens RWE woordvoerder Marjanne van Ginkel-Vroom zoveel mogelijk gebruik gemaakt van de binnenvaart. ‘We zetten met FUREC in op een modal shift van weg naar water. Daarom willen we zoveel mogelijk gebruik maken van de binnenvaart. Dat de locatie in Haelen een haven heeft, is dan ook essentieel. Maar hoeveel afval van die 700.000 ton precies via het water gaat, weten we nu nog niet. Dat is afhankelijk van welke afval aanbestedingen we uiteindelijk gaan winnen.’

500.000 ton pellets
De grondstofpellets die in Haelen in de voorbehandelingsinstallatie worden gemaakt, worden uiteindelijk vervoerd naar industrieterrein Chemelot in Sittard-Geleen. Volgens de RWE woordvoerder gaan al deze pellets straks per schip van Zevenellen naar Chemelot. Het gaat dan om ongeveer 450.000 tot 500.000 ton aan pellets per jaar.

Om de pellets om te zetten in waterstof, gaat RWE op Chemelot een tweede fabriek bouwen. De fabriek zal naar verwachting 54.000 ton waterstof per jaar produceren. Dit komt overeen met de opbrengst van een 700 megawatt offshore windpark met gekoppelde elektrolysers.

RWE wil de geproduceerde waterstof leveren aan naast gelegen fabrieken op het Chemelot terrein. Het moet de ‘grijze’ waterstof vervangen, die nu nog wordt geproduceerd uit aardgas. Op deze manier wordt het aardgasverbruik op het Chemelot terrein jaarlijks verlaagd met meer dan 280 miljoen kuub. Dit komt overeen met de helft van het jaarlijkse gasverbruik in Limburg. Hiermee wordt ongeveer 400.000 ton CO₂ per jaar bespaard. De bij de waterstofproductie vrijkomende CO₂ wordt afgevangen en kan worden opgeslagen of eventueel in de toekomst door de industrie als grondstof worden gebruikt. Over de afzet van de waterstof is RWE inmiddels in gesprek met bijvoorbeeld OCI, een producent van meststoffen. Het bedrijf op Chemelot kan met de waterstof onder meer haar productieketen verder verduurzamen.

108 miljoen subsidie
De definitieve beslissing over het produceren van de Limburgse waterstof heeft RWE overigens nog niet genomen. Het bedrijf streeft ernaar in 2024 de investeringsbeslissing te nemen. Maar het realiseren van het project is wel dichterbij gekomen met de 108 miljoen euro uit het Innovatiefonds van de EU. Met het fonds ondersteunt Europa innovatieve en maatschappelijk relevante projecten. Roger Miesen, CEO van RWE Generation, nam de financieringsovereenkomst in ontvangst op de Financing Innovative Clean Tech Conference in Brussel. De CEO omschrijft de miljoenen uit het Innovatiefonds van de EU als ‘een cruciale mijlpaal voor de voortgang van het FUREC-project’. ‘Om het hele project uit te voeren is een investering van meer dan 600 miljoen euro nodig. Dankzij deze toegezegde financiering kan RWE in volle vaart door met de verdere ontwikkeling van het project, zoals het verkrijgen van de nodige toestemmingen en vergunningen. Tegelijkertijd gaan we contracten afsluiten met leveranciers voor de installaties, potentiële afnemers van waterstof en CO₂ en bedrijven die afval in geschikte hoeveelheden en kwaliteit leveren.’ (Erik van Huizen / Illustratie RWE)

Aqualink is dé vereniging van watergebonden bedrijven in Oost-Nederland. Meld u nu aan als lid. Volg ons op Twitter en Facebook.

Samenwerken in containerketen werpt steeds meer vruchten af

ROTTERDAM Gezamenlijke lijndiensten, bundeling van volumes en een netwerkaanpak in de containerketen. Sinds de congestieproblemen op de Rotterdamse deepsea terminals in 2017 is er veel ondernomen om het containervervoer per binnenvaartschip van en naar het achterland beter te stroomlijnen. Het leidt steeds vaker tot meer stabiliteit in de keten en een meer betrouwbare dienstverlening aan binnenvaartklanten.

Containerlogistiek blijft niettemin uitdagend. De afgelopen twee jaar is de wereld geconfronteerd met ontwikkelingen die niemand had kunnen voorzien. De coronapandemie en de Oekraïne-oorlog veroorzaakten stevige schokken in de supply chain. Zowel deepsea- als inland terminals stonden de afgelopen maanden weer behoorlijk vol met containers. Sinds kort lijken de terminals weer wat meer lucht te krijgen. Desalniettemin blijft het belangrijk de doorstroming van goederen te verbeteren.

Samenwerking
De recente ontwikkelingen hebben wel heel zichtbaar gemaakt hoe belangrijk binnenvaartvervoer is voor het bevoorraden van Europese consumenten en de industrie. De binnenvaartsector heeft de afgelopen jaren veel stappen gezet om zijn betrouwbaarheid te verhogen. Thijs van den Heuvel, operationeel directeur van Combi Terminal Twente (CTT), benadrukt de kracht van het collectief. ‘Fixed windows en concepten als het Barge Transferium Maasvlakte brengen rust in de keten en bieden stabiliteit voor planners, operators en klanten. Je ontkomt tegenwoordig niet aan samenwerkingsverbanden. Dit zie je ook in de luchtvaart; op luchthavens worden collectieve afspraken gemaakt. Open en transparant.’

Bus-systeem
Bundeling van containervolumes en samenwerking zijn volgens Heiko Brückner, CEO van Haeger & Schmidt Logistics, ook dieper in het achterland belangrijk om binnenvaartvervoer efficiënter te maken. ‘Alleen zó kun je samen met deepsea terminals in de haven tot slimme concepten komen. Binnenvaartschepen moeten net als bussen volgens een vaste planning varen om betrouwbaar te zijn. Anders kiezen klanten voor wegvervoer. We moeten blijven toewerken naar een soort ‘bus-systeem’ met volle barges. Voor het bundelen van volumes op grote binnenvaartschepen zijn ook langs de Rijn hubs nodig. Daar moet je elkaar in meekrijgen. Als Haeger & Schmidt Logistics hebben wij samen met EGS en Contargo de Container Allianz Niederrhein (CAN) corridor opgezet tussen de inland terminals in Emmerich en Neuss en de deepsea terminals in Rotterdam. Deze corridoraanpak werkt goed. Wij zoeken ook elders samenwerkingsvormen, zoals aan de Bovenrijn (C3C) met Danser en Ultra Brag.’

Vaste afspraken
BCTN, een netwerk van 11 inland terminals in Nederland en België, heeft sinds 2018 afspraken met de Rotterdamse deepsea terminals over fixed windows. Dit werkt volgens CEO Joop Mijland goed. ‘Wij vervoeren zo’n 500.000 containers per jaar. Het merendeel van dit volume valt binnen de fixed windows. Vanaf onze consolidatie-hub in Alblasserdam varen wij met grote, volle barges naar de deepsea terminals in plaats van een ‘melkrondje’ te maken door de Rotterdamse haven. Deze schepen kunnen binnen één fixed window 250 tot 350 moves maken. Dat is precies wat deepsea terminals willen.’

Alle Rotterdamse deepsea terminals zijn via een lijndienst verbonden met één van de terminals in het netwerk van BCTN. De netwerkaanpak en het bundelen van volumes in Alblasserdam zijn succesvol. ‘Alblasserdam is voor ons de laatste terminal dichtbij Rotterdam om barges te optimaliseren. De terminal staat open voor derde partijen, en die maken daar ook gebruik van. Zo bundelen enkele Rijn-operators hun volumes zowel in Nijmegen als in Alblasserdam om hun deepsea-service te verbeteren.’

Nextlogic
De ketenpartners zetten ook in op meer digitale samenwerking. Via Nextlogic wordt een integrale planning ontwikkeld voor alle bezoeken van containerbinnenschepen aan de Rotterdamse haven. Dit is vanaf januari 2023 een reguliere dienstverlening. Voor het maken van de planning geven barge operators voorafgaand aan elk bezoek hun rotatie-, bezoek- en ladinginformatie aan Nextlogic door.

De containerterminals en op termijn ook de empty depots doen datzelfde voor hun beschikbare afhandelingscapaciteit. Op basis hiervan maakt Nextlogic de voor iedereen meest optimale planning, die zich elk kwartier dynamisch aanpast aan de actuele situatie en rekening houdt met bijvoorbeeld fixed windows. Alle grote deepsea-terminals doen mee of sluiten binnenkort aan. Dit laatste geldt ook voor een flink aantal empty depots. Zo’n 60 procent van het totale binnenvaartvolume wordt al via Nextlogic gepland.

Verbetering
BCTN werkt met Nextlogic voor een betere planning van calls met kleinere containervolumes, die samen met de fixed windows-afspraken moeten leiden tot een integrale planning voor de containerbinnenvaart in de haven. Mijland ziet wel nog verbeteringspotentieel. ‘Het is nu nog vaak lastig om een plaatsje te krijgen in het integrale planningsschema voor de haven. Als we een call aanvragen via Nextlogic, ontvangen we een terugkoppeling die niet altijd aansluit bij de aanvraag van tijdsloten voor onze schepen. Een tijdige terugkoppeling zonder last minute wijzigingen is belangrijk voor ons, zodat wij de schepen optimaal kunnen inzetten.’

Volgens Van den Heuvel zou het nuttig zijn dat alle ketenspelers met Nextlogic gaan werken. ‘Maar zo ver zijn we nog niet. Er zijn dan ook veel verschillende typen gebruikers. Dat is soms lastig samen te brengen. Bovendien kan het best spannend zijn om je planning ‘over te geven’ aan een computersysteem, want het is voor een achterlandoperator een onderdeel van zijn primair proces. De business case op basis van kosten en baten moet door iedereen individueel gemaakt worden, mede omdat er een vergoeding voor het gebruik zal worden gevraagd. Toch moeten we dit in de keten samen oppakken en bereid zijn om informatie open delen. Meer onderlinge afstemming over beschikbare capaciteit schept verplichtingen naar elkaar toe, leidt tot meer flexibiliteit en een hogere betrouwbaarheid.’

Ketentransparantie
Aan ketentransparantie op basis van data werkt ook Haeger & Schmidt Logistics mee. Brückner: ‘In globale leverketens moeten alle radertjes perfect samenwerken om ketentransparantie te creëren. Wij proberen onze klanten maximaal inzicht te bieden, maar de ketenpartijen zijn nog onvoldoende transparant. We hebben bijvoorbeeld nog steeds te maken met bescherming van data. Persoonlijk vind ik het logisch dat bij een transport van een container van Shanghai naar Andernach alle data uitgewisseld kan worden zodat klanten hun containers net als een pakketje kunnen tracken en tracen. Dat krijgen we in de containerketen helaas nog niet voor elkaar.’

Dit blijkt onder meer uit het feit dat de werkelijke ETA’s, de verwachte aankomsttijden van zeeschepen, vaak pas laat bekend zijn. Mijland noemt dit een verbeterpunt. ‘Om klanten goed te kunnen informeren en onze schepen optimaal in te kunnen zetten, hebben wij deze informatie tijdig nodig. Als de ETA verschuift, schuift immers ook de cargo opening en cargo closing time op de deepsea terminals door. Eigenlijk kan het niet zijn dat een vertraging van de ETA van een zeeschip pas drie dagen op voorhand bekend is. Dat weet je al als het schip in Shanghai vertrekt. Tijdig informeren is cruciaal om te voorkomen dat de haven én het achterland dichtslibben.’

Centraal informatiepunt
Arwen Korteweg, business manager containers bij Port of Rotterdam, begrijpt de vraag naar meer transparantie in de keten. ‘Ik zie binnenvaart als een verzameling trucks op een schip. Containerbinnenvaart is een efficiënt en duurzaam vervoerssysteem waarmee tientallen tot honderden individuele containers van verladers worden gebundeld op één schip en vervoerd van en naar de havens. De meeste verladers vervoeren 10 tot 50 containers per week. Aan deze individuele containers hangen individuele afspraken.’

‘Inland terminals en barge operators verzamelen niet alleen containers, maar ook de bijbehorende informatie van alle ketenpartijen. Die moeten ze optimaal kunnen managen om een betrouwbare vervoerspartner te zijn. Het is daarom erg belangrijk om één centraal platform te hebben waar men de juiste informatie op het juiste moment kan vinden. Op die manier kun je de digitale informatie en fysieke containerstromen perfect aan elkaar knopen. We zijn er nog niet, maar de eerste stappen in die richting zijn gezet.’

Aqualink is dé vereniging van watergebonden bedrijven in Oost-Nederland. Meld u nu aan als lid. Volg ons op Twitter en Facebook.

 

Opnieuw zorgen over verdwijnen klein schip

DEN HAAG Er zijn nog steeds grote zorgen over het afnemen van het aantal kleine schepen. Maar mochten eigenaren van kleine schepen bij het toekomstbestendig maken van hun schip tegen knelpunten oplopen, dan wil minister Harbers van Infrastructuur en Milieu deze schippers ondersteunen bij een beroep op de hardheidsclausule van de Centrale Commissie voor de Rijnvaart. Harbers antwoordt dit op vragen van Tweede Kamerlid Mahir Alkaya (SP).

Alkaya maakt zich onder meer zorgen over het verdwijnen van het kleine schip. Het zou slecht zijn voor een fijnmazig transportsysteem over water. Voor de modal shift dus. Inmiddels hebben verladers en bevrachters aangeven dat kleinschalig vervoer over de binnenwateren belangrijk is en blijft. De minister wijst op het lopende onderzoek naar de effecten van het aflopen van de overgangsbepalingen op de afname van het aantal (kleine) schepen. ‘Dat onderzoek zal onder andere in kaart brengen of de afname van het aantal kleine schepen een negatief effect heeft op het verplaatsen van goederenstromen van de weg naar het water en wat de impact daarvan is op de bedrijvigheid die nu actief gebruik maakt van deze schepen.’ De minister informeert de Kamer in het voorjaar over de resultaten van het onderzoek.

Aan de markt
Harbers ziet overigens niet alleen een rol voor de overheid weggelegd als het gaat om het voorkomen van het afnemen van het aantal (kleine) binnenvaartschepen. ‘Hier ligt ook een opgave voor de markt zelf. De overheid kan niet in marktomstandigheden treden. Dat neemt niet weg dat in het kader van het lopende onderzoek naar de effecten van het aflopen van de overgangsbepalingen op het aantal (kleine) schepen ook bezien zal worden welke kansen er zijn voor (innovatieve) kleinschalige binnenvaartconcepten. Hierbij kan onder andere worden gedacht aan de invloed van nieuwe vervoersconcepten, hoe verladers hierop inspelen en initiatieven op het gebied van smart shipping.’

Modal shift
Alkaya vraagt aan de minister verder nog om de subsidieregeling Modal Shift te verbreden door deze mede in te zetten voor het toekomstbestendiger en duurzamer maken van de bestaande kleine binnenvaartvloot en het verhelpen van knelpunten op het vaarwegennet. Maar de minister vindt de subsidieregeling daar niet voor bedoeld. De regeling richt zich op de opdrachtgevers van transporten. Voor het toekomstbestendiger en duurzamer maken van de bestaande kleine binnenvaartvloot en het verhelpen van knelpunten op het vaarwegennet bestaan andere specifieke regelingen en maatregelen. Ondernemers kunnen voor verduurzaming een beroep doen op de ‘Tijdelijke subsidieregeling verduurzaming binnenvaartschepen’. Voor het verhelpen van knelpunten op het vaarwegennet worden ook maatregelen genomen. In het coalitieakkoord is structureel € 1,125 miljard per jaar en € 1,25 miljard per jaar vanaf 2038 uitgetrokken voor de instandhouding van de wegen, het spoor, de bruggen, de viaducten en de vaarwegen. Een uitbreiding van de scope van de subsidieregeling Modal Shift is tegen deze achtergrond niet aan de orde.’

Aqualink is dé vereniging van watergebonden bedrijven in Oost-Nederland. Meld u nu aan als lid. Volg ons op Twitter en Facebook.

Minister blijft bij internationaal verbod varend ontgassen

DEN HAAG Minister Harbers van Infrastructuur en Waterstaat ziet niets in een nationaal verbod varend ontgassen. Ondanks de conclusie van de Erasmus Universiteit Rotterdam dat er vanuit het internationaal juridisch kader geen belemmering is om nationaal maatregelen te nemen om varend ontgassen te verbieden.

Het ministerie blijft bij het uitgangspunt dat een dergelijke maatregel in strijd is met doel en voorwerp van het verdrag en daarom niet mogelijk is. Artikel 18 van het Verdrag van Wenen inzake het verdragenrecht bepaalt dat na ondertekening van een verdrag de ondertekenaar dient te handelen in lijn met voorwerp en doel van het verdrag. Omdat de verplichting voor het aanleggen van ontgassingsinstallaties is opgenomen in dit verdrag, zou een nationaal verbod zonder het aanleggen van ontgassingsinstallaties volgens de minister in strijd zijn met de bepalingen uit het verdrag.

‘Bovendien moet voorlopige toepassing van het ontgassingsverbod door een verdragsstaat in de wijziging van het Scheepsafvalstoffenverdrag zelf zijn geregeld. Daar is nu geen sprake van. Dat is ook een aanwijzing dat een vooruitlopende regeling onder dit verdrag niet mogelijk is. Als dit alsnog mogelijk moet worden gemaakt, dan moet het verdrag opnieuw worden aangepast en ondertekend. Hier besteedt het Erasmus-onderzoek geen aandacht aan.’

Niet doeltreffend
Daarnaast zou wat betreft Harbers een nationaal verbod niet doeltreffend zijn. ‘Omdat er nog onvoldoende ontgassingsinstallaties zijn in Nederland en de verdragsstaten, zou dit praktisch neerkomen op het stilleggen van de tankervaart in Nederland of de sector voor hoge kosten stellen.’

Ook is in de wijziging van het Scheepsafvalstoffenverdrag opgenomen dat de verlader verantwoordelijk is voor het bekostigen van de ontgassingen. Een nationaal verbod zou de rekening bij de schipper leggen omdat hierin de kostenverdeling niet kan worden geregeld.

Het ministerie blijft daarom van mening dat een internationaal verbod op grond van het CDNI-verdrag de beste manier blijft om het varend ontgassen aan banden te leggen. Ik zeg u toe dat zo snel als de ratificatie een feit er zal worden gehandhaafd op het ontgassingsverbod.

Provincies
De provincies staan in het kader van de verdragswijziging nu aan de lat voor de vergunningverlening van de ontgassingsinstallaties. Deze installaties moeten voldoen aan de geldende wet- en regelgeving wat betreft de aard van de dampen die worden opgevangen en de mogelijke emissie eisen.

De vraag is of het Rijk nu gaat meehelpen in het handhaven van de provinciale ontgassingsverboden. De Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) benut in haar handhaving van de verboden op varend ontgassen nu al de e-nosenetwerken van de omgevingsdiensten van een aantal provincies. Daarbij handhaaft de ILT vanuit de eigen rol primair de regelgeving uit de Europese overeenkomst voor het internationale vervoer van gevaarlijke goederen over de binnenwateren (ADN).
Als de ILT bij de handhaving een overtreding constateert van een provinciaal ontgassingsverbod op basis van een e-nosemelding of door bijvoorbeeld drone-inzet, dan stelt de ILT deze gegevens aan de provincie ter beschikking voor handhaving. Dit geldt ook voor burgermeldingen van ontgassingen die bij de ILT binnenkomen. Daarnaast is de ILT bezig te bezien hoe het toezicht op de niet door e-noses gedekte vaarwegen structureel aangepakt kan worden. Daarbij spelen technische innovaties (drones, mobiele e-noses, drijvende e-noses) een rol.

Aqualink is dé vereniging van watergebonden bedrijven in Oost-Nederland. Meld u nu aan als lid. Volg ons op Twitter en Facebook.

Westkolk sluis Weurt gestremd

WEURT De westkolk van sluis Weurt blijft tot tenminste dinsdag 31 januari gesloten voor de scheepvaart. De oostkolk blijft afhankelijk van de waterstand wel beschikbaar. Rijkswaterstaat sloot de westkolk op 30 december 2022 toen bleek dat er een klein stukje metaal uit een rondsel (klein tandwiel) van het Waalhoofd was gevallen.

‘Als we het Waalhoofd zonder extra maatregelen blijven gebruiken, is het risico te groot dat dit probleem snel verergert’, legt omgevingsmanager Arjan Thielking uit. ‘We doen nu zorgvuldig onderzoek naar de oorzaak en werken daarna aan herstel van het Waalhoofd.’

‘Niet klaar voor’
Zonder Waalhoofd kan de westkolk van sluis Weurt wel schutten met een korte kolk van 110 m tussen het middenhoofd en het kanaalhoofd. Alleen is het middenhoofd daar nog niet klaar voor. Eerder hebben we hier het bewegingswerk gereviseerd en een gerenoveerde sluisdeur teruggeplaatst. ‘Het probleem is dat in een van de bijgeslepen grote tandwielen binnenin een gaatje bleek te zitten. Dat moeten we eerst repareren. Bovendien weten we uit ervaring dat het belangrijk is om het gereviseerde bewegingswerk zorgvuldig te laten inlopen.’
Hij geeft aan dat het een paar weken kost voordat alle tanden van de tandwielen op elkaar zijn ingespeeld en het zeer belangrijke dunne laagje vet ontstaat.

Volledige renovatie
Ondertussen staat een volledige renovatie van sluis Weurt op de planning. Rijkswaterstaat werkt nu aan mogelijkheden om die renovatie zo snel mogelijk uit te voeren. Hier moet de komende maanden meer duidelijkheid over komen. ‘Tot het zover is, doen we er alles aan om de hinder voor de gebruikers zoveel mogelijk te beperken.’

Aqualink is dé vereniging van watergebonden bedrijven in Oost-Nederland. Meld u nu aan als lid. Volg ons op Twitter en Facebook.

Nextlogic maakt stap naar reguliere dienstverlening

ROTTERDAM De integrale planning voor de afhandeling van de containerbinnenvaart in de haven van Rotterdam is officieel ingevoerd. Na een pilotfase hebben binnenvaartpartijen, terminals en Havenbedrijf Rotterdam het sein voor Nextlogic op groen gezet. Doel is dat binnenvaartschepen in de haven sneller afgehandeld worden en terminals hun kades optimaal kunnen benutten. Met nog meer deelnemers in aantocht verwacht Nextlogic dat deze voordelen voor iedereen steeds nadrukkelijker naar voren komen.

Voor de integrale planning geven barge operators vooraf voor elk binnenvaartschip aan Nextlogic de bezoek-, rotatie- en ladinginformatie door. Terminals doen datzelfde voor de beschikbare kadecapaciteit. Nextlogic vergelijkt deze informatie met elkaar en creëert voor iedere partij een zo goed mogelijk schema. De planning wordt 24/7 automatisch geoptimaliseerd. Voor alle partijen is dit een geheel nieuwe manier van werken die van iedereen gewenning vraagt.

Circa 60 procent van het totale binnenvaartvolume van de haven van Rotterdam wordt momenteel al via Nextlogic integraal gepland. Vier deepsea-terminals en vijftien barge operators doen mee. Een vijfde deepsea-terminal, de eerste empty depots en andere barge operators bereiden zich voor om eveneens aan te sluiten.

Transparante haven
Sijbrand Pot, interim-directeur van Nextlogic, is blij dat hij er met de barge operators en terminals in is geslaagd de integrale planning naar een reguliere dienstverlening te brengen. ‘Het is een belangrijke mijlpaal in dit haven-brede innovatietraject. Het ultieme doel is dat wij samen met onze deelnemers een transparantere, efficiëntere haven realiseren, waarvan iedereen voordeel heeft.’

Allard Castelein, CEO van Havenbedrijf Rotterdam, vindt de integrale planning van Nextlogic voor de containerbinnenvaart een perfect voorbeeld van innovatieve digitale ketensamenwerking. ‘Door deze samenwerking kunnen we een betere balans creëren tussen zeezijde en achterland en een evenwichtiger logistiek systeem opzetten. Het maakt de haven van Rotterdam slimmer, duurzamer en daarmee aantrekkelijker voor klanten.’

Aqualink is dé vereniging van watergebonden bedrijven in Oost-Nederland. Meld u nu aan als lid. Volg ons op Twitter en Facebook.

Zorgen over krakkemikkige infrastructuur Zuidoost-Nederland

NIJMEGEN De vaarweginfrastructuur in Nederland is op veel plekken verouderd. Met sluis Weurt en Grave aan kop. Voorzitter Henry Mooren van de afdeling ZON van Schippersvereniging Schuttevaer heeft grote zorgen over de betrouwbaarheid van de vaarwegen. Rijkswaterstaat kon die zorgen 27 december op de jaarvergadering van ZON slechts gedeeltelijk wegnemen.

Oude sensoren die niet meer kunnen worden vervangen, camera’s die niet goed functioneren, jukken van stuwen die niet op voorraad zijn, computerprogramma’s die te ingewikkeld zijn geworden en opnieuw vertraging van de verruiming van het Julianakanaal in Limburg. Het zorgt er allemaal voor dat de binnenvaart regelmatig wordt geconfronteerd met stremmingen. Mooren: ‘Wij hijsen nu al de vlag als we een stremming weten te beperken tot een paar weken. Er gaat veel energie zitten in het tegengaan van de achteruitgang van de faciliteiten voor de binnenvaart. Er is nu actie nodig.’

Nu al later
Robinia Heerkens, adviseur Water en Scheepvaart bij Rijkswaterstaat Zuid-Nederland, verzekerde de Schuttevaer-leden in de zaal dat ze haar uiterste best doet voor de binnenvaart. ‘Als gebruiker en beheerder hebben we toch uiteindelijk dezelfde belangen. Maar wij moeten wel geld uit Den Haag krijgen.’

Dat het soms niet zo loopt als het moet, blijkt als Heerkens een filmpje toont over de vervanging van de stuwen op de Maas. Van de zeven stuwen in de Maas zijn die van Linne, Roermond, Belfeld, Sambeek en Grave toe aan vervanging. Borgharen en Linne worden gerenoveerd. Een definitief besluit heeft de minister echter nog niet genomen. Alles kan nog altijd veranderen.

Twee jaar later
Vaststaat dat Grave het eerst aan de beurt is. Opmerkelijk is al wel dat het jaar van vervanging dat wordt genoemd in het filmpje alweer achterhaald is. Grave zou in 2028 aan de beurt zijn, maar volgens Heerkens wordt dit niet gehaald. Dat wordt op zijn vroegst 2030. En als er ook nog een tweede sluiskolk moet komen, dan kan het maar zomaar nog langer duren. Voor de 100 tot 150 miljoen die een tweede kolk ongeveer gaat kosten, is nog geen geld gereserveerd.

Heumen en Weurt
Stephan le Sage ging als adviseur Scheepvaart bij Rijkswaterstaat in op de renovatie en vervanging van de sluizen Weurt en Heumen. De westkolk en de bruggen van Weurt moeten worden gerenoveerd en de oostkolk moet worden vervangen. In Heumen worden de schutsluis en het gemaal gerenoveerd. De verwachting is dat in 2030 de schop in de grond kan voor de vervanging, vanaf 2025 begint de grootschalige renovatie.

Voor de westkolk van sluis Weurt wordt geprobeerd de renovatie naar voren te halen. In het voorjaar van 2023 is bekend of dit gaat lukken.

Aqualink is dé vereniging van watergebonden bedrijven in Oost-Nederland. Meld u nu aan als lid. Volg ons op Twitter en Facebook.

 

Volle bak op jubileum Telematicadag

NIJMEGEN Hij hoort bij de Telematicadag zoals de Telematicadag bij het KSCC centrum in Nijmegen hoort. Sander Janssen (ms Factotum) leidt bij de ingang iedereen weer naar de goede plek. Hij doet dit al jaren met veel plezier. ‘Garderobe is rechts, koffie is links. Programma mee?’ En voor wie er om verlegen zit, heeft hij een praatje. De 25ste Telematicadag is een weerzien van oude bekenden. Het is volle bak op het schipperscentrum, ook wel de huiskamer van de binnenvaart genoemd.

Vanwege Corona moest de jubileumeditie van de Telematicadag twee jaar worden uitgesteld. Maar vrijdag 30 december was het toch zover. Na de opening van aalmoezenier Bernhard van Welzenes, probeerde het duo Desiré Savelkoul en Dirk van der Meulen de 25 edities in een kwartier samen te vatten. Terug naar 1995, toen internet nog slechts amper bestond en de automatisering de stuurhut binnendruppelde. ‘Wat is een muis’, wilde iemand destijds weten. In 2000 zou de millenniumbug alles lamleggen, er gebeurde niets. Vijf jaar later kwamen Autena, Dekatel en Vaart! met breedband verbindingen voor de binnenvaart. Een jaar later kwam AIS in beeld. Vanuit de binnenvaart was veel weerstand. Toen het eerste AIS-netwerk klaar was, werden 30 schepen gratis met transponders uitgerust. ‘Ondanks de vele weerstand, kregen we aan het einde van de proef de transponders niet meer terug’, zei Cas Willems als gepensioneerd RWS-ambtenaar.

Telematica Award
Ieder jaar wordt op de Telematicadag de Telematica Award uitgereikt. De eerste ging in 2009 naar Piet Nefkens. Dit jaar was de Award voor Ivo ten Broeke. Hij is Rijnvaartcommissaris en Projectmanager RIS. Hij kreeg de Award onder meer omdat hij zeer bepalend is geweest voor de RIS-directive, de jury kwalificeert hem zelfs als de nestor van RIS. Ook speelde hij een grote rol bij de invoering van AIS. En de subsidie die er kwam voor de binnenvaart. ‘Ivo ten Broeke heeft oog voor de binnenvaart’, was de eindconclusie.

Ivo ten Broeke kreeg van Martin van Dijk de Telematica Award overhandigd. Hij bleek verrast. ‘Maar ik doe ook maar gewoon mijn werk’, was het commentaar van Ten Broeke. (Foto's Erik van Huizen)
Ivo ten Broeke kreeg van Martin van Dijk de Telematica Award overhandigd. Hij bleek verrast. ‘Maar ik doe ook maar gewoon mijn werk’, was het commentaar van Ten Broeke. (Foto’s Erik van Huizen)

Het was overigens Kees de Vries die Ten Broeke destijds adviseerde ook eens over de grens te gaan kijken. Hoe de vaarwegen er daar bijliggen. De herinnering aan De Vries verleidde Ten Broeke tot een sneer naar de huidige belangenbehartigers in de binnenvaart. Want niet KBN is daarin bepalend, maar volgens Ten Broeke is dat nu Sunniva Fluitsma van de ASV. ‘En dat mogen sommigen in de zaal zich hier aantrekken. Want op het moment dat er iets speelt in de binnenvaart, worden de posities van de Kamerleden bepaald door de ASV en niet door KBN. Het verleidt dagvoorzitter Henk van Laar tot de uitspraak dat er ‘nog werk aan de winkel is’.

Holistische visie
Volgens Nik Delmeire heeft Sunniva Fluitsma inmiddels ook de weg naar Brussel gevonden. En ook voor Delmeire is er werk aan de winkel. Als coördinator van het European Inland Waterway Transport platform moet hij voor april van dit jaar bij de Europese Commissie komen met een toekomstvisie voor een effectieve en efficiënte binnenvaart en de logistiek er omheen. Hierbij staat de vraag centraal wat de binnenvaart als eindpunt ziet in de digitalisering. Hij wil de visie samen met de binnenvaartsector uitwerken en aan de Commissie presenteren. Volgens Delmeire wil de Commissie er flink wat geld ‘tegenaan smijten’. Maar in de zaal klinkt kritiek. Het is allemaal te vaag. ‘Kom met ween actieprogramma in plaats van een visie’, vindt Cas Willems. Ook Delmeire wil dit. ‘Ik wil mensen bij elkaar zetten en gaan discussiëren om tot een goed programma te komen. Wil je bijdragen, meld je dan aan bij het BTB. Hoe meer zielen, hoe meer vreugde.’

Naast de Telematica Award, kreeg ‘moeder overste’ Ria Lentjes op de jubileumeditie van de Telematicadag van Jan Struijk de Snert Award. Samen met vele vrijwilligers zorgt zij op de Telematicadag al jaren voor de snert, broodjes kroket en andere versnaperingen. (Foto Erik van Huizen)
Naast de Telematica Award, kreeg ‘moeder overste’ Ria Lentjes op de jubileumeditie van de Telematicadag van Jan Struijk de Snert Award. Samen met vele vrijwilligers zorgt zij op de Telematicadag al jaren voor de snert, broodjes kroket en andere versnaperingen. (Foto Erik van Huizen)

Druk met data
‘Een dwarsdenker’, zo kondigde dagvoorzitter Henk van Laar Michel van Dijk aan. Als directeur logistics bij Van Berkel Logistics is hij dagelijks druk doende met data. Het blijkt een noodzakelijk kwaad, want doet hij dit niet, dan kost hem dat veel geld. ‘Iedereen wil tegenwoordig iets van een container. Je word er echt helemaal knettergek van. De zeeschepen worden steeds groter, en wij moeten die containers maar in het schip zien te krijgen. De ETA van het zeeschip is hierbij het meest cruciale stukje data. Ben je te vroeg, dan kan je terug met je containers met Marsen of kippenstront. Wij moeten het zelf maar uitzoeken.’
Inmiddels heeft Van Dijk studenten aan het werk om de ETA’s van de zeeschepen te achterhalen. Ze ontwikkelden een applicatie die zes keer per dag de ETA’s van verschillende bronnen ophaalt.

Clean wheelhouse
Hoe het ook kan gaan met de steeds verder gaande automatisering zag Ton Mol van OCIMF, een belangenorganisatie van oliemaatschappijen, in de Verenigde Staten. Mol deed zijn verhaal met een afbeelding van een stuurhut. De schipper op de stuurstoel, aan stuurboord een bureautje voor de administratie, bakboord het koffiehoekje. Want hoeveel we volgens Mol ook gaan digitaliseren, er moet niet teveel afleiding komen. In de VS maken ze daar nu al korte metten mee. Daar hebben ze op veel schepen al het systeem van het clean wheelhouse. Daarbij moet de bemanning de het mobieltje in een box in de stuurhut leggen. Een kooi van Faraday. Tijdens de dienst onbereikbaar.

Aqualink is dé vereniging van watergebonden bedrijven in Oost-Nederland. Meld u nu aan als lid. Volg ons op Twitter en Facebook.

Aqualink bestuur druk in de weer

NIJMEGEN Het behartigen van de belangen van de watergebonden bedrijven in Oost-Nederland vergt flink wat werk. Het bestuur van Aqualink is daar gedurende het jaar druk mee in de weer. Zo praten de bestuursleden steeds vaker mee in verschillende overleggen. En daar maken ze graag tijd voor vrij in hun vaak drukke agenda.

De bestuursleden schuiven regelmatig aan bij overleggen en vergaderingen. Zoals de overleggen van de gemeenten Nijmegen en Arnhem en belangenorganisaties als TPN West en de Stichting Arnhemse Bedrijventerreinen (StAB). Ze praten mee over het wel en wee in de havens om de belangen van de aangesloten leden te behartigen. Zo is de haven van Arnhem flink in ontwikkeling. Nu de meeste woonboten zijn verdwenen, moet de Nieuwe Haven een echte industriehaven worden. Een haven waar onder meer de riviercruisevaart in de winter een plek kan vinden en waar onderhoud aan de schepen kan worden gedaan. Het is een flinke klus en vergt veel overleg. De bestuursleden praten dan ook samen met alle belanghebbenden en de gemeente Arnhem over de beste manier om de belangen van de watergebonden bedrijven in de haven zo goed mogelijk te behartigen. Ook voor de toekomst. Zaken waar andere belanghebbenden vaak niet direct aan denken.

Bereikbaarheid
Bereikbaarheid van de havens is een van de onderwerpen waarvoor de bestuursleden van Aqualink zich hard maken. Een voorbeeld waarin Aqualink dit jaar een rol in heeft gespeeld voor de leden is de herinrichting van de Nijmeegse Waalkade. Auto’s zijn er niet meer welkom. Dat betekende dat bedrijven niet meer bij de schepen zouden kunnen komen. In samenwerking met de havendienst en de afdeling parkeerbeheer werd op verzoek van Aqualink een goede werkbare oplossing gevonden. Afgesproken werd dat de binnenvaart, cruisevaart en scheepvaart gerelateerde bedrijven een ontheffing van het verbod kunnen krijgen.

Tevens luidde Aqualink bij Rijkswaterstaat de noodklok over de sluizen van Weurt en Grave. Deze worden regelmatig getroffen door defecten waardoor de sluizen moeten worden gestremd. Met alle gevolgen voor de binnenvaart. ‘Duurzaam en toekomstbestendig ondernemen in de haven van Nijmegen wordt ons gewoonweg onmogelijk gemaakt door het ontbreken van adequate en betrouwbare infrastructuur’, heeft Aqualink-bestuur Rijkswaterstaat laten weten.

Overige zaken
Naast het behartigen van de belangen van de leden, vergt een vereniging als Aqualink vanzelfsprekend ook nog andere zaken, zoals de administratie, het houden van bestuurs- en ledenvergaderingen, het informeren van leden, beurzen waarop leden van Aqualink gezamenlijk kunnen staan, het organiseren van ledenbijeenkomsten en het zorgen dat alles goed wordt vastgelegd en afgehandeld.

Aqualink is dé vereniging van watergebonden bedrijven in Oost-Nederland. Meld u nu aan als lid. Volg ons op Twitter en Facebook.

Extra geld voor subsidie vervanging binnenvaartmotoren

DEN HAAG Binnenvaartschippers kunnen ook in 2023 subsidie aanvragen om hun motor te laten vervangen door een nieuwer, duurzamer model met minimaal Stage V niveau. Het Rijk stelt hiervoor een extra 8 miljoen euro beschikbaar.

Door de populariteit van de subsidieregeling was de subsidiepot die er voor de komende jaren beschikbaar was al snel uitgeput. Daarom komt er nu extra geld beschikbaar.

 Schippers kunnen vanaf 7 februari een aanvraag indienen bij de RVO. Naast het extra geld voor de motorvervanging wordt het maximale subsidiebedrag per aanvraag ook verhoogd, van 200.000 naar 400.000 euro.
 ‘De binnenvaart staat voor een grote verduurzamingsopgave, en kan dit niet alleen’, zegt minister van Infrastructuur en Waterstaat Mark Harbers. ‘Het is goed om te zien dat schippers zo voortvarend aan de slag zijn gegaan met motorvervanging en dat wil ik blijven stimuleren. Want een lagere uitstoot van stikstof en andere stoffen door de binnenvaart is iedereen bij gebaat.’

Katalysator
Een eerdere optie die er was om een SCR-katalysator aan te schaffen en te laten installeren in een motor bleek minder in trek bij ondernemers. De regels voor deze subsidie worden daarom verruimd, zodat er geld kan worden aangevraagd voor de aanschaf en installatie van een katalysator in combinatie met een roetfilter. Voor 2023 is hiervoor 12,9 miljoen euro beschikbaar.

Aqualink is dé vereniging van watergebonden bedrijven in Oost-Nederland. Meld u nu aan als lid. Volg ons op Twitter en Facebook.