FincoEnergies levert biomethanol aan de maritieme sector

AMSTERDAM De maritieme sector is weer een stap dichterbij een schone, emissievrije scheepvaart. Een samenwerking tussen FincoEnergies en Port of Amsterdam heeft geresulteerd in een vergunning voor FincoEnergies om binnen het Amsterdamse havengebied biomethanol te leveren aan maritieme klanten.

FincoEnergies is de eerste operationele aanbieder van dit specifieke product in Nederland. Dankzij een volledig duurzaam productieproces (well-to-wheel) kan met biomethanol een gecertificeerde CO2-reductie van 92,4% kan worden behaald ten opzichte van gangbare fossiele brandstoffen. FincoEnergies zal biomethanol aanbieden onder het GoodFuels brand.

Vergunning
De afgelopen maanden heeft een speciaal projectteam hard gewerkt aan het beschikbaar maken van biomethanol voor gebruik op het water. FincoEnergies heeft zijn hele logistieke infrastructuur aangepast, om het product snel en effectief te kunnen aanbieden. Port of Amsterdam en Port of Rotterdam hebben vervolgens een veiligheidsaudit uitgevoerd, waarna de vergunning voor het leveren van biomethanol aan FincoEnergies is verleend.

‘FincoEnergies zoekt continu naar verschillende duurzame energiedragers die inzetbaar zijn op het land en het water. Alles is erop gericht om klanten zo optimaal mogelijk te ondersteunen in het bereiken van hun duurzaamheidsdoelstellingen’, zegt Daan Faber, Project Manager Business Innovation. ‘We zien in biomethanol een effectieve en schaalbare manier om de uitstoot van de maritieme sector op korte termijn te verlagen. Het is waardevol om te zien dat deze visie ook bij onze partners leeft. Middels de goede samenwerking met Port of Amsterdam kunnen wij nu starten met het leveren van deze duurzame brandstof.’

Uitbreiding
FincoEnergies en Port of Amsterdam streven naar de uitbreiding van de inzet van biomethanol binnen de maritieme industrie. Door samenwerkingen met reders, exploitanten en andere havens willen zij de beschikbaarheid en het gebruik van deze duurzame brandstof vergroten.

‘Wij feliciteren FincoEnergies met deze belangrijke nieuwe stap in hun missie om klanten te helpen in hun energietransitie’, zegt Roon van Maanen, Directeur Energy & Circular Industry van Port of Amsterdam. ‘Het kunnen aanbieden van biomethanol in het Amsterdamse havengebied sluit aan bij de visie van Port of Amsterdam om een voorloper te zijn in de energietransitie. Dankzij onze samenwerking met FincoEnergies zijn we weer dichterbij een groenere haven en een krachtige, bestendige maritieme industrie.’

Aqualink is dé vereniging van watergebonden bedrijven in Oost-Nederland. Meld u nu aan als lid. Volg ons op Twitter en Facebook.

CESNI komt met leidraad cyberveiligheid in binnenvaart

STRAATSBURG Het Europees Comité voor de opstelling van standaarden voor de binnenvaart (CESNI) heeft onlangs een good practice guide voor cyberveiligheid in de binnenvaart gepubliceerd. De nadruk ligt hierbij vooral op de havens.

Deze leidraad met good practices kwam tot stand in nauwe samenwerking met de European Federation of Inland Ports (EFIP) en is bedoeld als een toegankelijk referentiekader voor alle binnenhavens, ongeacht hun grootte of waar zij in Europa gelegen zijn. ‘Cyberaanvallen komen steeds vaker voor en essentiële infrastructuur is steeds meer het doelwit’, vertelt EFIP-directeur Turi Fiorito. ‘Als logistieke en industriële knooppunten moeten de binnenhavens ervoor zorgen dat zij hierop voorbereid zijn. Met deze leidraad wordt een belangrijke stap in die richting gezet.’

Good practices
De leidraad met good practices heeft tot doel een overzicht te bieden van de cybersecurity-risico’s, bedreigingen en mitigerende maatregelen, met als zwaartepunt binnenhavens. Het gaat er vooral om alle bij de haven betrokken partijen in staat te stellen te begrijpen wie er schuilgaat achter de cyberaanvallen, wat hun motieven zijn, en welke bedrijfsmiddelen in de havens onder de loep genomen moeten worden om de bedreigingen en risico’s op het gebied van de cybersecurity in kaart te kunnen brengen. De leidraad bevat eveneens een uitgebreid overzicht van good practices voor maatregelen om cybersecurity-risico’s tegen te gaan. ‘Digitalisering is immers een van de onderwerpen die van strategisch belang zijn voor de toekomst van de binnenvaart. Deze digitalisering gaat echter ook gepaard met diverse uitdagingen en nieuwe risico’s zoals de cybersecurity.’

Drie delen
Deze leidraad bestaat uit drie delen:

  • Het cyberdreigingslandschap voor de binnenhavens: dit deel beschrijft het hele scala aan bedreigingen voor de havens, met inbegrip van de cyberaanvallers, de ICT-componenten in de havens, een bedreigingsclassificatie, alsook stappenplannen en aanvalsscenario’s;
  • Mitigerende maatregelen tegen cyberrisico’s in de binnenhavens: dit deel bevat een gedetailleerde beschrijving van de uiteenlopende mitigerende maatregelen die genomen moeten worden om de cyberbeveiligingsrisico’s voor havens te beperken. Zij vormen de kern van deze leidraad, met ongeveer 120 maatregelen die specifiek gericht zijn op de context van binnenhavens;
  • Tips voor de implementatie van mitigerende maatregelen: in dit deel wordt een overzicht gegeven van gerichte voorzorgsmaatregelen op het gebied van de cybersecurity, die om te beginnen getroffen kunnen worden door iedereen die bij de IT betrokken is, maar ook andere gebieden omvatten.

Hoewel deze leidraad met good practices vooral is gericht op binnenhavens, zijn sommige aspecten en mitigerende maatregelen ook relevant voor andere bij de binnenvaart betrokken partijen zoals vaarwegbeheerders of scheepsexploitanten.

Download de leidraad

Aqualink is dé vereniging van watergebonden bedrijven in Oost-Nederland. Meld u nu aan als lid. Volg ons op Twitter en Facebook.

210 miljoen euro voor Maritiem Masterplan

DEN HAAG Het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat heeft uit het Nationaal Groeifonds 210 miljoen euro toegekend voor de uitvoering van het Maritiem Masterplan. Hiervan is 110 miljoen euro voorwaardelijk.

Het Maritiem Masterplan heeft als doel de energietransitie in de maritieme sector te versnellen. ‘Wij zijn erg blij met deze toekenning’, aldus NMT directeur Roel de Graaf. ‘Het is uniek dat we onder de vlag van koepelorganisatie, Nederland Maritiem Land, met alle maritieme sectoren het Maritiem Masterplan hebben bedacht.’
Met deze toekenning van het geld kan volgens De Graaf ‘’een goede stap gezet worden in de versnelling van de ontwikkeling, bouw en ingebruikname van betrouwbare en concurrerende klimaatneutrale demonstratieschepen’. ‘Het doel is om als Nederland marktleider te worden voor diverse scheepstypen in de bouw van emissieloze schepen.’

40 schepen
Het plan beoogt de ontwikkeling, bouw en ingebruikname van circa 40 klimaatneutrale demonstratieschepen die gaan varen op de alternatieve brandstoffen waterstof en methanol of op LNG met carbon capture. De schepen worden in gebruik genomen in de kust- en binnenvaart, natte waterbouw, offshore wind en ingezet t.b.v. de maritieme veiligheid. ‘Dit is een grote kans om te laten zien wat we als Nederlandse maritieme maakindustrie in huis hebben. Bedrijven kunnen nu samen met reders demonstratieprojecten opzetten. Vanaf 2024 kan er dan ook daadwerkelijk gebouwd worden. Bovendien kunnen bedrijven meewerken aan het opzetten van het Joint Maritime Digital Platform (JMDP), gericht op digitale transformatie en het versterken van ketensamenwerking in de sector.’

Cruciaal
De maritieme sector is cruciaal voor de welvaart, veiligheid en energiebehoefte van Nederland en bestaat onder meer uit havens, scheepvaart, scheepsbouw, visserij en waterbouw. Daarmee heeft ze een totale toegevoegde waarde van 56,5 miljard euro. Maar ze is ook fundamenteel voor de infrastructuur voor transport, productie van hernieuwbare energie, (nationale) kustbescherming en maritieme veiligheid. De maritieme sector heeft een gemeenschappelijke deler: schepen. Die zijn verantwoordelijk voor zo’n 3% van de mondiale uitstoot van broeikasgassen, waaronder CO2. Het Maritiem Masterplan beoogt die uitstoot drastisch terug te brengen.
Ontwikkeling en bouw van demonstratieschepen

Kijk voor meer informatie: www.maritiemmasterplan.nl

Aqualink is dé vereniging van watergebonden bedrijven in Oost-Nederland. Meld u nu aan als lid. Volg ons op Twitter en Facebook.

Europese miljoenen voor Limburgse binnenhavens

MAASTRICHT De Europese Unie stelt een miljoenensubsidie ter beschikking voor de doorontwikkeling van drie Limburgse binnenhavens, namelijk de Willem Alexander Haven in Roermond, de haven van Chemelot in Stein en de Beatrixhaven in Maastricht. Het betreft in totaal vier projecten met een totale investering van 76,3 miljoen euro, waarvoor Europa 37,4 miljoen bijdraagt.

De subsidie is toegekend op basis van een aanvraag Connecting Europe Facility (CEF). Deze subsidie is bedoeld om projecten te steunen die het netwerk voor vervoer en transport binnen de Europese Unie verbeteren. ‘Dit is een grote stap in de verdere ontwikkeling van onze binnenhavens en verduurzaming van de transportsector in Limburg’, laat gedeputeerde Stephan Satijn weten. ‘Het is ook een bevestiging dat de binnenhavens van Limburg een belangrijke rol spelen in de ontwikkeling van de circulaire economie binnen Europa. Onze inzet op vergaande publiek private samenwerking met betrokken partijen binnen en buiten Nederland werpt daarbij nu zijn vruchten af.’

De projecten
Waar Europa eerder subsidies toekende voor studies, wordt de nieuwe subsidie met name ingezet voor de uitvoering van de projecten. Het gaat om vier projecten die binnen vijf jaar gerealiseerd gaan worden:

  • In de Willem Alexander Haven in Roermond, veruit het grootste project van deze aanvraag, gaat het om een plan, waarbij hoogwaterbescherming wordt gecombineerd met logistieke kades. In Nederland is het de eerste keer dat financiering voor hoogwaterbescherming (door het Waterschap) samen met een CEF subsidie en een investering van het bedrijfsleven wordt benut voor een dergelijk integraal plan. Hierdoor krijgen alle bedrijven in deze meest circulaire haven van Noord-Europa droge voeten. Wethouder Franssen (economie, stedelijke ontwikkeling, financiën): ‘Ik ben er enorm trots op dat het samen met de provincie en het waterschap gelukt is om dit voor elkaar te krijgen. Deze subsidie is een cruciale stap om het totale integrale plan voor de Willem Alexander haven te kunnen realiseren. Een geweldige mijlpaal voor de verdere ontwikkeling van de haven en in het belang van alle betrokken bedrijven en partners.’
  • Chemelot start met de doorontwikkeling van de haven Stein, die een essentiële rol speelt in de verduurzaming van het cluster. Om de productie te verduurzamen, zijn namelijk hernieuwbare grondstoffen nodig die per schip aankomen. Het gaat bijvoorbeeld om korrels die gemaakt zijn van ons huishoudelijk restafval en als grondstof voor de fabrieken dienen. Voor de continuïteit van grondstoffen voor producten die we met z’n allen belangrijk vinden, is ook een nieuwe propeenverlading en infrastructuur voor transport nodig.
  • In de Beatrixhaven Maastricht gaat L’Ortye de eerste watergebonden reststromen terminal van Europa realiseren. Het gaat daarbij om grote hoeveelheden grond- en reststoffen. Het doel is om een vloeistofdichte op- en overslagvoorzieningen te realiseren. De stromen worden hierbij duurzaam getransporteerd per schip. Ook de ligplaatsen van de schepen worden voorzien van walstroom.
  • Façade Beton, onderdeel van de Berding Groep, wil in de Beatrixhaven een nieuwe kade bouwen om samen met de aangrenzende betonbedrijven 200.000 ton van weg naar water te verwerken. Hiervoor wordt nu eerst onderzoek verricht.

Aqualink is dé vereniging van watergebonden bedrijven in Oost-Nederland. Meld u nu aan als lid. Volg ons op Twitter en Facebook.

Onverwacht sterkere stroming op Maas

UTRECHT De forse neerslag die 22 juni 2023 voorspeld wordt in België kan 24 uur lang leiden tot een onverwacht sterke stroming van de Maas. Rijkswaterstaat waarschuwt met name de recreatievaart in Limburg daar extra alert op te zijn en de actuele afvoer van de Maas en de weersomstandigheden goed in de gaten te houden.

Op 22 juni trekt er een actieve storing over het stroomgebied van de Maas. Met name in België wordt in korte tijd een flinke hoeveelheid neerslag verwacht. Er zijn nog veel onzekerheden, maar de afvoer van de Maas kan daardoor de komende 24 uur in relatief korte tijd snel stijgen. Daardoor wordt de stroming op de Maas veel sterker dan de afgelopen weken het geval was. Er wordt geen extreem hoogwater verwacht.

De verwachte afvoer is niet alarmerend, maar vraagt wel om extra alertheid. Ook is er kans dat uiterwaarden deels onderlopen, onder meer bij Roermond waar de stuw door werkzaamheden niet maximaal kan worden ingezet. Rijkswaterstaat houdt de situatie nauwlettend in de gaten en neemt waar nodig preventief maatregelen. (Foto RWS)

Start aanleg nieuw terrein op Maasvlakte 2

ROTTERDAM Havenbedrijf Rotterdam heeft een contract getekend met Boskalis voor de aanleg van circa 40 hectare nieuw terrein in de noordwesthoek van de Prinses Alexiahaven. Het terrein is eind 2023 gereed.

Naast het aanleggen van het terrein legt Boskalis ook twee zanddammen aan. Achter deze zanddammen kan zand dat de komende jaren vrijkomt bij het verdiepen van havenbassins, worden gestort en hergebruikt om zo op een efficiënte manier nieuw terrein aan te leggen.

Veel vraag
Door de energietransitie is er veel vraag naar terreinen in het havengebied. Het aantal uitgeefbare terreinen in het bestaande havengebied wordt echter schaarser en daarom start het havenbedrijf nu met de aanleg van nieuwe terreinen op Maasvlakte 2. Voor deze nieuwe terreinen bestaat inmiddels concrete belangstelling.

De aanleg van nieuwe terreinen loopt altijd een aantal jaar voor op de vestiging van de bedrijven. Die tijd is nodig om de terreinen aan te leggen en te laten inklinken. Daarnaast moeten ook nieuwe wegen en andere infrastructuur, zoals nutsvoorzieningen en transportleidingen naar deze terreinen worden aangelegd.
Zanddammen

Hergebruik
Binnenkort zal aannemerscombinatie HBV (HOCHTIEF, Ballast Nedam en Van Oord) starten met het verdiepen van de Prinses Amaliahaven. Het vrijkomende goede zand zal in de Prinses Alexiahaven worden gebruikt voor de aanleg van nieuwe terreinen, waarvoor ook weer zanddammen worden gemaakt. Opgebaggerd materiaal dat niet geschikt is voor het maken van nieuwe terreinen wordt naar zee gebracht. Op de terugweg nemen de baggerschepen vervolgens zand mee. Door hergebruik van zand en het voorkomen dat baggerschepen leeg varen, beperkt het havenbedrijf de milieukosten van de aanleg van nieuwe terreinen. Op deze manier wordt in de loop van dit jaar en volgend jaar al circa 45 hectare terrein aangelegd in de zuidoosthoek van de Alexiahaven. (Foto Jerry Lampen)

Aqualink is dé vereniging van watergebonden bedrijven in Oost-Nederland. Meld u nu aan als lid. Volg ons op Twitter en Facebook.

PortLiner bouwt twee 135 meter schepen met flowbatterij

HUISSEN PortLiner gaat twee elektrische aangedreven schepen laten bouwen die varen op flowbatterijen. Om de schepen te kunnen voorzien van energie, gaat PortLiner een zogenoemd E-storage ponton bouwen. Dit drijvende bunkerstation heeft een capaciteit voor 40 schepen die varen met flowbatterijen.

Al in september 2019 maakte Van Meegen bekend dat de elektrische schepen van PortLiner de flowbatterij zouden krijgen. Het eerste schip zou in 2020 in de vaart komen. De overige schepen zouden worden gebouwd op de werf van Gelria in Millingen aan de Rijn (Shipyard Millingen). Dat kwam er echter niet van. Volgens Van Meegen is de afgelopen drie jaar hard gewerkt ‘aan een totale infrastructuur’. ‘Daar zijn verschillende instellingen bij betrokken. Wat betreft de vergunning, daar hebben we bijna twee jaar over gedaan.’

1.500 KW
De twee schepen die PortLiner nu onder classificatie van Lloyds gaat laten bouwen, worden 135 lang en 14,50 meter breed. De diepgang bedraagt 3,75 meter. In vijf lagen kan het schip 429 teu meenemen. Op de eerste laag kan 73 teu, op de tweede 75, op de derde en vierde 93 teu en op de vijfde laag 95 teu.
De elektrische voortstuwing bestaat uit drie E-thrusters van 500 KW elk en twee boegschroeven van elk 420 KW. De PortLiners krijgen zo leeg een maximale snelheid van 23 kilometer per uur, bij zestig procent belading loopt de snelheid terug naar 18 kilometer per uur.
Voor de energievoorziening krijgen de schepen flowbatterijen van de Oostenrijkse fabrikant Cellcube-Enerox.

32 uur varen
Dat de schepen op flowbatterijen gaan varen is volgens Van Meegen een primeur in de scheepvaart. Bij flowbatterijen wordt de energie (elektriciteit) opgeslagen in elektrolyt. Aan boord van het schip wordt positief en negatief elektrolyt langs de stack (conversiecellen) gevoerd. Hierdoor kan elektriciteit worden opgenomen en afgegeven. Het elektrolyt is een vaste hoeveelheid die steeds hergebruikt kan worden. Zo kan na gebruik het lege (ontladen) elektrolyt op het oplaad- en opslagponton worden omgewisseld. Het omwisselen van het elektrolyt duurt een uur.
De flowbatterijen op de PortLiner schepen krijgen een capaciteit van 10.000 KWh. Dat moet genoeg zijn om de schepen 32 uur te kunnen varen.

Onbekend
Hoewel de tekeningen van de nieuwe schepen volgens PortLiner inmiddels op de werven liggen, wil Van Meegen nog niet zeggen waar de schepen met de flowbatterij precies gebouwd gaan worden. ‘In ieder geval in Zuid-Holland’, geeft Van Meegen aan. Wanneer de schepen in de vaart moeten komen, wil Van Meegen eveneens niet kwijt.

Aqualink is dé vereniging van watergebonden bedrijven in Oost-Nederland. Meld u nu aan als lid. Volg ons op Twitter en Facebook.

Minister verdubbelt subsidie modal shift

DEN HAAG Vanwege de vele subsidieaanvragen voor het verplaatsen van lading van de weg naar water of spoor heeft Minister Harbers besloten om het bestaande subsidieplafond 2023 van de modal shift regeling te verdubbelen naar 15 miljoen euro. Aanvullend wordt dit jaar een tweede Europese aanbesteding voor barge lijndiensten gepubliceerd met als doel EUR 2,5 miljoen extra te kunnen besteden aan het vergroten van het aanbod van vervoer over het water.

De ‘Modal Shift’-regeling is opgezet om de verplaatsing van het goederenvervoer van de weg naar de binnenvaart of het spoor te versterken. Modal shift is de term voor verandering van vervoerwijze, bijvoorbeeld van vervoer over de weg naar vervoer per spoor of per schip. Met de modal shift regeling kiest het kabinet voor het stimuleren van de verplaatsing van doorgaand goederenvervoer van de weg naar de binnenvaart en het spoor. Dat doet het kabinet, met het oog op de grootschalige vervangings- en renovatieopgave van Rijkswaterstaat, om de weg te ontlasten en verkeersopstopping op de belangrijkste doorgaansroutes voor het goederenvervoer terug te dringen en daarmee bij te dragen aan vergroening van het vrachtvervoer.

Bereikbaarheid en veiligheid
De regeling draagt bij aan het bereikbaar houden van steden en industriehaven-complexen in de Randstad. Door het verruimen van de mogelijkheden door aanbesteding van nieuwe lijndiensten in de binnenvaart en het stimuleren van de keuze om vrachten via de binnenvaart en het spoor te vervoeren door een subsidieregeling. De druk op het wegennet neemt daardoor af en de verkeersveiligheid neemt toe. Het doel van de modal shift regeling is expliciet om additionele lading van de weg af te halen, niet om een verschuiving binnen de reeds bestaande stroom over water of spoor te realiseren.

Grootschalige opgave
Naast het ontlasten van de weg en het verminderen van verkeersopstopping, is vervoer van goederen via water en spoor in plaats van de weg ook belangrijk vanwege de grootschalige vervangings- en renovatieopgave van Rijkswaterstaat. Daardoor neemt de druk op het wegennet fors toe. Rijkswaterstaat vervangt of renoveert de komende jaren meer dan 100 bruggen, tunnels, sluizen en viaducten. Met dagelijks meer dan duizend vrachtwagens minder op de weg, neemt die druk op het wegennet af en neemt de verkeersveiligheid toe.

A0-emissielabel voor H2 BARGE 1

ROTTERDAM Minister van Infrastructuur en Waterstaat Mark Harbers heeft donderdag het eerste A0-emissielabel uitgereikt aan een binnenvaartschip dat op waterstof vaart. Het bedrijf Future Proof Shipping (FPS) liet het schip de Maas, dat op diesel voer, ombouwen tot een schip met een waterstofvoortstuwing, de H2 BARGE 1.

Het schip maakte donderdag zijn eerste reis, van Alblasserdam naar Rotterdam. De komende jaren wordt het gecharterd door Nike, dat wekelijks honderden containers klimaatneutraal en emissieloos gaat vervoeren tussen Rotterdam en Meerhout.

Ontheffing
In brandstofcellen aan boord van de H2 BARGE 1 wordt waterstof omgezet in elektriciteit. Naast de brandstofcellen heeft het schip ook accu’s aan boord. FPS heeft vorig jaar nog twee schepen gekocht, die worden omgebouwd tot waterstofschepen.

Regels voor varen op waterstof zijn er nog niet, daarom heeft de H2 BARGE 1 een ontheffing gekregen om de komende vijf jaar te kunnen varen. Het doel is om in 2026 de regels voor varen op waterstof rond te hebben.

Mijlpaal
‘Het is mij een waar genoegen om vandaag het eerste A0-emissielabel uit te reiken’, zei minister Mark Harbers. ‘Dat de H2 BARGE 1 vandaag zijn maiden voyage heeft gehad, is een absolute mijlpaal voor de binnenvaart. Ons doel is om in 2030 ten minste 150 emissieloze binnenvaartschepen te hebben, en in die opgave zijn alternatieve brandstoffen, zoals waterstof, onmisbaar. Ik wil de eigenaar van dit bijzondere schip, Future Proof Shipping, dan ook feliciteren met deze primeur.’

Convenant
Het emissielabel voor binnenvaartschepen is ontwikkeld door het Ministerie van IenW en het Expertise en Innovatie Centrum Binnenvaart. Schippers kunnen hiermee laten zien hoe goed ze presteren op CO2-uitstoot en luchtkwaliteit. Het ministerie verwacht deze zomer met een aantal stakeholders uit de binnenvaartsector een convenant af te sluiten over brede toepassing van het emissielabel. Het label kan richting de toekomst voordelen opleveren voor schippers, bij bijvoorbeeld de toegang tot havens of financiering.

De overheid wil de sector ondersteunen om de transitie naar waterstofschepen de komende jaren te stimuleren. Uit het klimaatfonds is € 178 miljoen beschikbaar om waterstof te introduceren in de binnenvaart en het zware wegtransport. (Foto Future Proof Shipping)

Aqualink is dé vereniging van watergebonden bedrijven in Oost-Nederland. Meld u nu aan als lid. Volg ons op Twitter en Facebook.

‘Meerderheid kan niet voldoen aan CCR/CESNI technische eisen’

DEN HAAG Een meerderheid van de binnenschippers kan niet voldoen aan de nieuwe CCR/CESNI technische eisen. Dat blijkt uit de enquête ‘Europa, red de binnenvaart!’ van schippersvereniging ASV over de effecten van het aflopen van de langlopende overgangsbepalingen in ES-TRIN.

In de enquête vertellen 162 schippers zelf hoe zij de regelgeving ervaren. Het zijn de scheepseigenaren die aangeven waar wat hen betreft de pijn zit aangaande de gevolgen van de CCR/CESNI technische eisen, nu en in de toekomst. De enquête vloeit voort uit een gesprek dat het bedrijfsleven heeft gevoerd met de Europese Commissie Transport en Mobiliteit (DG MOVE), een directoraat-generaal van de Europese Commissie dat verantwoordelijk is voor vervoer binnen de Europese Unie. Het bedrijfsleven werd daarbij vertegenwoordigd door binnenvaartbrancheorganisatie ASV, de vertegenwoordigende organisatie van de verladers: evofenedex en scheepsverzekering EOC, waarvan de experts regelmatig de keuringen aan schepen verrichten.

‘Niet uit te voeren’
De enquête richtte zich volgens de ASV op de complete problematiek met de bedoeling dat er een eerlijk en volledig beeld van de situatie wordt geschetst. Ongeveer 90% van de geënquêteerden bleek niet aan de eisen te kunnen voldoen. ‘In grote lijnen kun je concluderen dat de eisen voor bijna geen enkel binnenvaartschip uit te voeren zijn, bij sommige schepen door enkele onoverkomelijke zaken, bij de meeste schepen door een groot aantal technische eisen waar men niet aan kan voldoen. Waarbij de optelsom van eisen uiteindelijk de meeste scheepseigenaren de das om doet. De scheepseigenaren, verladers en bevrachters ondervinden er tenslotte al vanaf 2010 de gevolgen van, met een enorme daling van het aantal schepen tot 1.000 ton als resultaat.’

Onderbouwing
De gegevens uit de enquête zijn bedoeld om de door het Ministerie I&W gevraagde onderbouwing, die noodzakelijk is om Europa te overtuigen dat er een noodzaak is om in te grijpen in de CCR/CESNI technische regelgeving voor de binnenvaart, in handen te geven. Dit betreft de zogenaamde ‘langlopende overgangsbepalingen’ in de ES-TRIN. ES-TRIN staat voor ‘Europese Standaard tot vaststelling van de technische voorschriften voor binnenschepen’, waarin de technische voorschriften voor binnenschepen opgenomen zijn waar overgangstermijnen aan zijn verbonden.

Dé vereniging van watergebonden bedrijven in Oost-Nederland.