Onderhoudssituatie sluizen en bruggen urgenter dan voorgesteld

DEN HAAG De onderhoudssituatie van sluizen en bruggen is urgenter dan het beeld dat uit het jaarverslag van het Infrastructuurfonds naar voren komt. Een en ander blijkt uit het Verantwoordingsonderzoek 2018 van de Algemene Rekenkamer.

Op het onderhoud aan bruggen en sluizen in hoofdvaarwegen werd de afgelopen jaren voor € 414 miljoen aan onderhoudswerk uitgesteld, deels door een te krap budget. Dat staat volgens de Rekenkamer in contrast met de aanwending van de extra € 543 miljoen die het kabinet uittrok voor nieuwe infrastructuur. ‘Dat geld is niet uitgegeven in 2018, maar doorgeschoven naar 2020 en 2021, omdat de aanleg voorbereidingstijd kost.’ President Arno Visser van de Algemene Rekenkamer concludeerde dan ook bij de aanbieding van de verantwoordingsstukken aan de Tweede Kamer dat ‘extra geld leidt niet meteen tot zichtbaar resultaat’. ‘En er is ook nog achterstallig onderhoud op plaatsen waar geen geld beschikbaar is. Dat is op dit moment nog wel verklaarbaar. Onze vraag is of daar de komende jaren verandering in komt.’

Vertroebeld
Een knelpunt bij de hoofdvaarwegen is dat het niet precies duidelijk is wat de staat van de infrastructuur is en dat er onvoldoende geld is of is vrijgemaakt voor de instandhouding. Ook rekent de minister volgens de Rekenkamer een sluis of brug die gedeeltelijk buiten werking is, niet mee in de indicator voor beschikbaarheid. ‘Evenmin blijkt welk deel van het uitgestelde onderhoud een bewuste keuze is en welk deel is uitgesteld omdat er onvoldoende middelen zijn of onvoldoende capaciteit is. De minister van Infrastructuur en Waterstaat zou daarom meer inzicht moeten hebben en bieden in de samenstelling van het volume aan uitgesteld onderhoud.’

Het zicht op de feitelijke situatie rond sluizen en bruggen wordt ook vertroebeld door de definities die de minister gebruikt. De minister spreekt van ‘uitgesteld onderhoud’ als de uiterste adviesdatum voor een onderhoudsmaatregel is verstreken en het onderhoud nog niet is uitgevoerd. Van ‘achterstallig onderhoud’ spreekt de minister als er ook niet meer wordt voldaan aan de geldende veiligheidsnormen of prestatieafspraken. ‘Als Rijkswaterstaat met het oog op de veiligheid een noodmaatregel neemt door een brug af te sluiten, merkt de minister die brug als achterstallig onderhoud aan. Daarmee ontstaat naar ons oordeel een vertekend beeld van het achterstallig onderhoud. De minister van IenW geeft in het jaarverslag van het Infrastructuurfonds aan dat uitstel van onderhoud van infrastructuur deel uitmaakt van haar onderhoudsstrategie.’

Maandelijks gestremd
Als voorbeeld noemt de Rekenkamer Sluis Bosscherveld in Maastricht. Deze sluis was bijna maandelijks wel een keer gestremd door storingen of ongepland onderhoud. Begin vorig jaar was de sluis zelfs meer dan een maand buiten gebruik. Er was een ‘weerstandbank’ doorgebrand. Dat is een onderdeel van het aandrijvings- en bewegingswerk van de sluis, nodig om de sluisdeuren te openen en te sluiten. De weerstandbank was bijna honderd jaar oud en ver over zijn technische levensduur heen. De inspectie vond de staat van het aandrijvings- en bewegingswerk van de sluis bij haar periodieke controle een paar jaar geleden al matig en risicovol. Desondanks is vervanging meermaals uitgesteld vanwege andere prioriteiten in de regio. Gedurende de stremming van de sluis moeten schepen omvaren via andere sluizen. Deze zijn echter alleen geschikt voor kleinere schepen. Grotere schepen kunnen hun bestemming dus niet bereiken.

De sluis is wat betreft de Rekenkamer een illustratie van hetgeen uit de onderzoeken naar voren komt als het gaat om de kwaliteit van de diensten die de rijksoverheid vandaag de dag verleent – na de crisis, waarin kabinet en parlement een reeks bezuinigingspakketten overeenkwamen om het financieringssaldo op peil te houden. ‘De bezuinigingen bleven niet zonder gevolgen. Op verschillende plekken versoberde de dienstverlening.’

Aqualink is dé vereniging van watergebonden bedrijven in Oost-Nederland. Meld u nu aan als lid. Volg ons op Twitter en Facebook.