Tag archieven: ICT

CoVadem als basis voor Vessel Train systeem

BRUSSEL De Vessel Train is een mooi initiatief, een schip vaart voorop als een leider, de overige schepen volgen. Maar om dit ‘treintje’ zo goed mogelijk te laten varen, moet wel een systeem worden ontwikkeld en gebouwd, dat niet alleen realtime de waterdiepte op de rivier meet, maar ook kan voorspellen. Het Nederlandse Marin, Bureau Telematica Binnenvaart (BTB), Deltares en Autena Marine gaan daarvoor zorgen.

Deze informatie is nodig om de Vessel Train op de binnenwateren zo goed mogelijk te kunnen adviseren over de te volgen route en de aanbevolen snelheid. Het systeem dat daarvoor nodig is, is gebaseerd op een al bestaande applicatie waarmee op ongeveer 50 binnenvaartschepen nu al deze informatie wordt verzameld, CoVadem. De gegevens worden op de wal opgeslagen en straks verder verspreid onder de schippers. Voor gebruik op de Vessel Train, worden nieuwe functionaliteiten aan dit systeem toegevoegd. Zo wordt de opgeslagen data gefilterd en worden de gegevens samengevoegd met informatie uit andere bronnen zoals de elektronische ECDIS kaart. Om een zo goed mogelijk beeld van de rivierbodem te krijgen worden de gegevens gecombineerd met hydrodynamische, hydrologische en morfologische modellen. Dit alles moet het mogelijk maken om actuele en voorspellende informatie over de toestand van de rivier te genereren en de Vessel Train te adviseren over de optimale snelheid en de te volgen route op de rivier.

2.000 schepen
CoVadem gaat zoveel mogelijk gebruik maken van de bestaande sensoren op de schepen, zoals de bestaande dieptemeter, de bestaande GPS en beladingsmeter. Eventueel worden wel sensoren toegevoegd, zoals verbruiksmeters voor het nauwkeurig meten van het brandstofverbruik. In feite wordt dus alleen een kastje geplaatst die wordt gekoppeld aan de bestaande sensoren om deze uit te kunnen lezen.

Het aantal schepen dat nu al meedoet aan CoVadem bedraagt nu rond de 50. De bedoeling is dat daar in eerste instantie tien tot vijftien binnenvaartschepen bijkomen. Tevens wordt in dit project de database aan de wal aangepast zodat in de toekomst zodat in de toekomst kan worden doorgegroeid naar 2.000 schepen. Dit moet in de toekomst niet alleen de nauwkeurigheid nog verder verbeteren, maar moet er ook voor zorgen dat de dekkingsgraad van het aantal vaarwegen nog verder toeneemt.
Het Marin is de projectleider in deze projecten. Samen met het BTB is Autena verantwoordelijk voor de systemen aan de wal. Autena neemt ook de installatie aan boord voor haar rekening.

Demonstratie
Om het voor de volgende schepen mogelijk te maken om de leider te kunnen volgen, moeten de volgende schepen worden uitgerust met apparatuur die dat mogelijk maakt. Deze apparatuur moet kunnen communiceren met de leider en moet het bedienen van het roer en de voortstuwing op afstand mogelijk maken. Verder moet een bepaalde afstand worden gehouden tussen het schip achter en de schepen daar achter of voor en moet kunnen worden gereageerd op noodsituaties.

Om te kunnen testen of alles ook waar gemaakt kan worden, worden simulaties gedaan op de simulatoren van het Marin en DST in Hamburg. Zo moet het hydrodynamische gedrag van het leidende schip en de volgende schepen in kaart worden gebracht. Ook worden verschillende scenario’s via software gesimuleerd. Het gaat hierbij om de scenario’s dat de Vessel Train in een rechte lijn en door een bocht vaart waarbij de schepen het leidende schip volgen op een geoptimaliseerde afstand. Ook wordt gekeken hoe het aan- en afkoppelen van schepen in de ‘trein’ aan het begin- en eindpunt verloopt en wat de consequenties zijn in noodsituaties. Het Marin is verantwoordelijk voor het kunnen demonstreren van deze verschillende scenario’s.

Aqualink is dé vereniging van watergebonden bedrijven in Oost-Nederland. Meld u nu aan als lid.

Volg ons op Twitter en Facebook

 

Binnenvaart in discussie over de toekomst

AMSTERDAM De binnenvaart is vorige week tijdens het tweedaagse congres van Koninklijke BLN-Schuttevaer met elkaar in gesprek gegaan over de kansen en bedreigingen in de toekomst. Het congres ‘Be a part of Smart’ stond volgens de branchevereniging voor de binnenvaart ‘bol van vergezichten op gebied van vervoer, infrastructuur een duurzaamheid’.

Het was de eerste keer dat het congres van de ledengroep Koninklijke Schuttevaer en de Algemene Ledenvergadering van Koninklijke BLN-Schuttevaer werden gecombineerd. Onder leiding van Joris Cornelissen (RWS, Smart Shipping), Benny Nieswaag (RWS, Smart Infrastructure) en Meeuwis van Wirdum van Marin (Smart Sustainability) gingen de 150 aanwezigen met elkaar in discussie. Hieruit bleek dat de verschillende doelgroepen ieder hun eigen kijk op verschillende thema’s hadden.

Robot
Het congres werd afgetrapt door een levensechte robot die onder begeleiding van futuristische muziek de zaal inreed en, na het demonstreren van zijn soepele dansmoves, de aanwezigen op het hart drukte dat het van belang is om aan de voorkant van de toekomstontwikkelingen een rol van betekenis te spelen. ‘Nu niet meedoen en later tot de ontdekking komen dat je de boot hebt gemist is geen optie. Daarom mogen jullie trots zijn dat jullie ‘A part of Smart’ zijn vandaag.’

Voor de sessie over Smart Shipping trok Cornelissen veel parallellen met Truck Platooning in het wegvervoer. In de stellingen die daarna door de aanwezigen werden bediscussieerd kwam naar voren dat de binnenvaartsector Truck Platooning volgt, maar dat de binnenvaart uit zou moeten gaan van eigen kracht. Kortom, (semi-)autonoom varen zou geen reactie op truck platooning moeten zijn, maar zou moeten ontstaan uit een intrinsieke behoefte uit de sector. Aanwezigen drukten mogelijke voordelen van (semi-) autonoom varen uit in termen van personeelskosten en efficiëntere logistiek. Wel viel op dat het gegeven van volledig autonoom varen voor veel aanwezigen nog een relatief abstract begrip is.

Smart Sustainability
De tweede dag lag de nadruk van het programma op duurzaamheid. Onder de noemer ‘Smart Sustainability’ vertelde Meeuwis van Wirdum van MARIN meer over het project Covadem en technieken die beschikbaar zijn om efficiënter en duurzamer te varen. Dat de sector hiervoor open staat en bereid is initiatief te nemen bleek toen op de vraag wie het voortouw zou moeten nemen in het verminderen van uitstoot bijna unaniem werd gekozen voor de vervoerder. Wel werd benadrukt dat de verantwoordelijkheid voor vergroening bij de hele keten ligt, dus ook bij de verlader en de logistiek dienstverlener.

Voorzitter van de commissie vergroening en duurzaamheid, Jan van Belzen, lichtte na de bijdrage van Van Wirdum een tipje van de sluier op van de resultaten van de enquête die onder de leden is uitgezet. Inmiddels hebben 307 respondenten deelgenomen. Een grote meerderheid van hen vindt dat BLN-Schuttevaer zich actief met vergroening moet bezighouden. De meerderheid van de ondervraagden denkt bovendien op de middellange termijn de motor te moeten vervangen. Ook werd aangegeven welke technologieën men als meest kansrijk ziet.

Wisseltrofee
Traditiegetrouw werd ook de CBOB wisseltrofee uitgereikt. Deze eer viel dit jaar ten beurt aan Christiaan en Anna Bogaard van ms Terra Maris en werd namens hen in ontvangst genomen door Crhis Hovestadt. Iza Lindhout werd benoemd tot erelid van Koninklijke BLN-Schuttevaer. (Foto’s BLN)

Aqualink is dé vereniging van watergebonden bedrijven in Oost-Nederland. Meld u nu aan als lid.

Volg ons op Twitter en Facebook

 

Een hele middag praten over smart shipping

AMSTERDAM Kwartiermaker Laurens Schrijnen van de Smart Shipping Challenge nodigt iedereen uit om 15 juni naar de SMASH-UP #2 in het Scheepvaartmuseum in Amsterdam te komen.

Tijdens deze bijeenkomst staat de vraag centraal hoe te komen tot het uiteindelijke resultaat van het project. Dit wordt 30 november gepresenteerd. ‘Die dag laten ondernemers en vaarwegbeheerders zien wat er mogelijk is als we de scheepvaart slim informatiseren en schetsen ze de contouren van de schepen van de toekomst’, vertelt Schrijnen. ‘Tijdens de SMASH-UP #1 in maart bleken beloftevolle initiatieven ruim voorradig. Tijdens SMASH-UP #2 zetten we de volgende stappen, maken we de locatie van de Challenge bekend en maken we verdere afspraken en coalities om van de Smart Shipping Challenge 2017 een succes te maken.’

SMASH-UP #2 wordt donderdag 15 juni van 13.00 tot 17.00 uur gehouden in het Scheepvaartmuseum in Amsterdam. Aanmelden kan via de website van de Smart Shipping Challenge.

Aqualink is dé vereniging van watergebonden bedrijven in Oost-Nederland. Meld u nu aan als lid.

Volg ons op Twitter en Facebook

Groot onderzoek autonoom varen

DEN HAAG Samen met TNO, Marin, de Technische Universiteit Delft, Koninklijke-BLN Schuttevaer, Bureau Telematica Binnenvaart, Damen Shipyards en tien binnenvaartondernemers, gaat Autena een belangrijke bijdrage leveren aan een groot onderzoek naar autonoom varen. Dit onderzoek moet meer inzicht geven over de potentie en mogelijke commerciële hindernissen van autonoom varen in de binnenvaart.

Autonoom transport is volgens de initiatiefnemers een belangrijke nieuwe ontwikkeling voor de transportsector. Met name in het wegvervoer is al veel onderzoek gedaan naar verschillende aspecten van autonoom rijden, het zogenoemde truck platooning, waaronder de aansluiting op de logistieke sector. Het wegtransport voert met logistieke bedrijven zelfs al praktijktesten met platooning uit. Onderzoek rondom autonoom varen bevindt zich echter nog steeds in een opstartende conceptuele fase. Onderzoek richt zich nu nog vooral op technisch-juridische onderwerpen. De aansluiting van autonoom varen op de bedrijfsvoering en de dagelijkse operatie werden nog niet onderzocht. Het nieuwe onderzoek moet hier duidelijkheid over geven.

Praktijkdata
In het project worden verschillende vormen van autonoom varen onderzocht waarbij wordt uitgegaan van verschillende lagen van autonomiteit. Hierbij valt te denken aan semi autonome systemen zoals het gebruik van de automatische piloot voor het varen op doorgaande trajecten, het op afstand opereren van kleine schepen in beperkt vaarwater zoals havens en subkanalen en volledig autonoom op afstand gemonitord vervoer in beperkt vaarwater zoals kanalen.

De tien binnenvaartondernemers helpen mee inzicht te krijgen in de potentie van varianten van autonoom en semi-autonoom varen voor de binnenvaart. Zij zijn afkomstig uit verschillende marktsegmenten te weten de droge bulk vaart, containervaart en tankvaart. De binnenvaartondernemers leveren praktijkdata aan zoals de inzet van personeel, de kosten van een traject, een inschatting van de omlooptijd en de interactie met overige partijen zoals terminals en vaarwegbeheerders. Op basis hiervan worden de effecten van verschillende concepten van autonoom varen met behulp van modellen ingeschat. Daarnaast wordt samen met de ondernemers de praktische uitvoerbaarheid van de diverse concepten beoordeeld. Hieruit moet voor de verschillende segmenten blijken welke maatregelen effectief zijn.

Voordelen
De voordelen bij autonoom varen kunnen groot zijn. Naar verwachting kan autonoom varen bijdragen aan een effectiever gebruik van de infrastructuur, een hogere veiligheid, een grotere inzetbaarheid van schepen, verlaging van de (bemannings)kosten en een vermindering van brandstofverbruik en emissies zoals CO2. Rolls Royce schat in dat besparingen tot wel 15% mogelijk zijn. Ook zou autonoom varen een rol kunnen spelen bij het effectief ontsluiten van nieuwe stromen. Hierbij wordt onder meer gedacht aan continentale stromen of kan het een alternatief vormen voor concepten als Watertruck. De inzet van (kleine) schepen op kleine kanalen is namelijk volgens de initiatiefnemers al langere tijd economisch niet meer mogelijk in verband met te hoge bemanningskosten. Meer autonoom varende schepen kan deze blokkade mogelijk opheffen. Autonoom varen kan hierdoor een bijdrage leveren aan het terugdringen van het aantal wegkilometers. Maar de mate waarin deze verschuiving mogelijk is, is niet vooraf in te schatten. Dit vormt onderdeel van het project. De verbetering van de flexibiliteit van de binnenvaart kan er verder voor zorgen dat de vervoer over water beter ingezet kan worden in synchromodaal transport.

Al deze factoren dragen volgens de initiatiefnemers bij aan een sterkere concurrentiepositie van de binnenvaart. Autonoom varen is dan ook een van de speerpunten van zowel de Topsector Water als de Topsector Logistiek, waarbij de Topsector Water werkt aan kennisontwikkeling op het gebied van autonoom varen op een aantal technische onderwerpen zoals scheepsontwerp, impact op verkeersafhandeling, de interactie tussen mens en machine interactie en impact op wetgeving.

Real life cases
In het onderzoek naar autonoom varen in de binnenvaart wordt gebruik gemaakt van de ervaringen die zijn opgedaan in de ontwikkeling van autonoom rijden in het wegverkeer. Hieruit bleek eerder al dat een goede uitwerking van business cases sneller gaat zorgen voor werkende pilots. Omdat in de binnenvaart sprake is van een zeer grote diversiteit, zowel op de technische karakteristieken van de schepen als op het operationeel profiel van de schippers, werken concepten voor autonoom varen echter verschillend uit voor verschillende ondernemers.

In het project worden daarom ongeveer tien business uitgewerkt waarin onder meer de effecten op de bedrijfsvoering, bijvoorbeeld de verandering in de operationele kosten, en de maatschappelijke consequenties als duurzaamheid en veiligheid in kaart worden gebracht. Uit deze ‘real life cases’ moet voor de verschillende segmenten naar voren komen welke maatregelen effectief zijn. De resultaten van een aantal doorgerekende cases en de workshops moeten vervolgens leiden tot een visiepaper voor autonoom varen in de binnenvaart. Ook wordt een gebruiksvriendelijke tool ontwikkeld die schippers inzicht geeft in de resultaten van verschillende vormen van autonoom varen op basis van hun operationeel profiel.

Een ander belangrijk onderdeel van het project is het delen van de inzichten en resultaten binnen de binnenvaart. Op deze manier wordt het onderwerp autonoom varen meer onder de aandacht gebracht en ontstaat naar verwachting meer draagvlak om mogelijke toepassingen daadwerkelijk te gaan implementeren. De resultaten van het project worden dan ook tijdens een binnenvaartcongres breed gedeeld met de binnenvaart. Tevens starten de betrokken partijen in het project een community op. Deze community streeft er naar om in vervolgtrajecten autonoom varen in de binnenvaart in de praktijk te ontwikkelen.

Aqualink is dé vereniging van watergebonden bedrijven in Oost-Nederland. Meld u nu aan als lid.

Volg ons op Twitter en Facebook

ContainerPlanner gaat naar Zuid-Amerika

NIJMEGEN Het stuwprogramma ContainerPlanner van Autena Marine uit Nijmegen wordt binnenkort geïnstalleerd op het grootste binnenvaartcontainerschip van de wereld. De Nautic Twin gaat vanuit de kusthavens van Montevideo in Uruquay en het Argentijnse Buenos Aires vervolgens met containers varen naar Asunción in Paraquay.

Concordia del Paraguay, een dochteronderneming van de Concordia Group uit Werkendam, liet de Nautic Twin bouwen. Op de scheepswerf La Barca werden de twee binnenvaartcasco’s Nautic 10 en 11 aan elkaar gelast. Zo ontstond het grootste containerschip voor de binnenwateren ter wereld met een capaciteit van 720 teu. Om te berekenen waar de containers op de tweeling moeten komen te staan, krijgt de Nautic Twin de ContainerPlanner aan boord.  

Potlood en gummetje
Het idee voor een stuwprogramma voor containers ontstond zo’n 25 jaar geleden.  Desiré Savelkoul van Autena voer toen als kapitein op het containerschip Jowi. Het was in de tijd dat hij met papier, potlood, gummetje, Tipp-Ex en gekleurde markeerstiften handmatig de goede plek voor de containers op het schip bepaalde. ‘Je moest toen nog twee telefoonhoorns tegen elkaar houden om de laadlijst binnen te halen. Die werd vervolgens op thermisch papier geprint, waarna je het weer op normaal papier moest kopiëren. Nadat het stuwplan was gemaakt, kon je het naar de terminal faxen. Overigens hadden we toen ook al wel een stuwprogrammaatje aan boord, deze was nog gemaakt door Piet Nefkens, maar dat werkte nog niet zo goed. We gebruikten de Apple computer daarom vooral voor spelletjes.’

In 1991 stopte Desiré met varen en ging aan de wal. Hij werkte een jaar als disponent en enkele jaren als verkoper van navigatie- en telecomapparatuur. In januari 1996 begon hij voor zichzelf met Autena. De computer aan boord stond nog in de kinderschoenen. Toch waren er al zo’n vijf leveranciers van stuwprogramma’s. Desiré bedacht samen met een zakenpartner het stuwprogramma Stuwplan 2000. Toen hij hiermee stopte, werd het idee voor ContainerPlanner geboren.

Klikken
Met de komst van de ContainerPlanner konden potlood en gummetje aan de kant. De bemanning van een containerschip kan sindsdien met enkele muisklikken een
stuwplan maken. Een laadlijst hiervoor kan handmatig worden aangemaakt, maar dat kan ook door het inlezen van een elektronische laadlijst. De containeroperator levert deze volgens de standaard (BICS) IFTMIN per e-mail aan. Mochten er wijzigingen zijn op de reeds ingelezen laadlijst, dan is ook een update in te lezen zonder handmatige wijzigingen. En ContainerPlanner kan ook het BAPLIE-bericht, een elektronisch stuwplan, en een MOVINS bericht, een elektronisch laadplan, genereren en verwerken. De deepsea terminals in Antwerpen en Rotterdam en enkele inland terminals kunnen beide berichten inmiddels verwerken. Het gebruik van dit soort elektronische berichten levert de bemanning aan boord niet alleen tijdswinst op, maar vermindert ook de kans op fouten.

Na het aanmaken of inlezen van de laadlijst wordt deze naar keuze gesorteerd op volgorde van laden en lossen, type of gewicht. Hierbij is ook bekend welke containers zijn voorzien van gevaarlijke stoffen. De kegelberekening hiervoor wordt uitgevoerd volgens de wettelijke ADN-wetgeving. Met een muisklik wordt vervolgens een container op de gewenste positie in de plattegrond geplaatst. Mocht deze toch niet goed staan, dan is deze eenvoudig met slepen over de plattegrond te verplaatsen.
De stabiliteitscontrole wordt berekend op basis van de eisen van het Reglement Onderzoek Schepen op de Rijn (ROSR). Hierbij wordt rekening gehouden met eventuele ballasttanks. De stabiliteitscontrole en de overzichten en plattegronden kunnen worden geprint, of als bijlage rechtstreeks vanuit het stuwprogramma worden verzonden.

Einde BICS?
Vanuit ContainerPlanner kan na de belading met één druk op de knop de verplichte elektronische melding via BICS (Binnenvaart Informatie en Communicatie Systeem) aan de vaarwegbeheerder worden gestuurd. Rijkswaterstaat besloot echter de huidige versie 5 van BICS minimaal te ondersteunen tot 1 januari 2020. Wat er na die datum met BICS gebeurt, is nog niet bekend. Desiré Savelkoul besloot daarom vorig jaar aan de gang te gaan met een eigen opvolger van BICS. Zo wil hij er ook in de toekomst zeker van zijn dat hij de berichten uit ContainerPlanner elektronisch kan blijven aanleveren aan de vaarwegbeheerders. ‘Omdat de vaarwegbeheerders in Europa allemaal verschillende systemen hebben, valt dat niet mee. We hebben daarom de praktische weg bewandeld en zijn begonnen in Nederland. We hebben drie maanden getest en dat ging goed. We zijn nu de eerste met een eigen externe applicatie. We hebben formeel toestemming om het te gebruiken in Nederland, maar nog niet in Duitsland. Omdat ik mij het niet kan permitteren om in elk land drie maanden te gaan testen, heb ik een verhaal gehouden op een RIS-bijeenkomst en zijn we naar Koblenz gegaan om ons systeem te laten zien en te testen. Dat ging allemaal goed. Het is nu wachten op een schrijven van de Duitse vaarwegbeheerder zodat we onze meldapplicatie ook in Duitsland mogen gebruiken. Onze klanten kunnen zich dan ook melden op het Duitse MIB meld- en volgsysteem.’

Automatisch stuwen
Inmiddels varen over de 300 containerschepen met ContainerPlanner. In de nieuwste versie van het stuwprogramma moet het ook mogelijk worden de reefer containers aan boord in de gaten te houden. ‘De bemanning hoeft dan niet meer de reefers langs om deze te controleren. Er kan simpelweg een module in de reefer worden geprikt die de informatie dan draadloos naar de stuurhut stuurt. De bemanning krijgt dan een alarm als het niet goed met de reefer gaat. Een leverancier is hiervoor de hardware aan te ontwikkelen, als dat klaar is kunnen we onze software aanpassen ’
Ook is Desiré in samenwerking met de deepsea terminals bezig met het aanpassen van de standaard berichten in de zeevaart. ‘De zeeterminals maken gebruik van een Terminal Operating Systeem (TOS). Maar in tegenstelling tot de binnenvaart gebruikt de zeevaart in hun berichten geen terminalcodes, maar bijvoorbeeld alleen de UN-locode NLRTM voor Rotterdam. We zijn hier nu met de zeeterminals over in overleg en de bewustwording is er nu ook van deze kant. Hiermee proberen we de containerafhandeling voor de binnenvaart nog efficiënter te maken.’ Ook is Desiré met de zeevaart in overleg hoe in de berichten het gewicht van de container een plekje kan krijgen. Sinds kort is voor de zeevaart de weegplicht volgens de regels van Verified Gross Mass (VGM) verplicht.
In de toekomst kijkend denkt Desiré dat ook de binnenvaart naar automatisch stuwen vanaf de wal toegaat. ‘In de zeevaart worden de containerschepen al vanaf de wal gestuwd en hoeft de kapitein alleen maar een akkoord te geven. In de binnenvaart stuwt nog steeds de schipper. Maar rekening houdend met de karakteristieken van het schip, moet het via algoritmes ook mogelijk zijn het hele planningsproces van containers in de binnenvaart verder te automatiseren. Ik was er altijd op tegen omdat ik vindt dat deze kennis wel aan boord moet zijn, maar het gaat denk ik wel gebeuren. Voordeel is dat de binnenvaartschipper er dan minder werk mee heeft.’

Aqualink is dé vereniging van watergebonden bedrijven in Oost-Nederland. Meld u nu aan als lid.

Volg ons op Twitter en Facebook

EU-miljoenen voor groener varen en ‘scheepstreintje’

DELFT De afdeling Maritieme & Transport Techniek (M&TT) van de Technische Universiteit in Delft heeft van Europa bijna acht ton gekregen voor onderzoek naar platooning met vrachtschepen. Ook steekt Europa miljoenen in projecten die de scheepvaart moeten vergroenen.

De  wetenschappers Robert Hekkenberg, Koos Frouws en Cornel Thill kregen de bijna acht ton in het kader van het Europese Horizon 2020 project NOVIMAR. Netherlands Maritime Technology (NMT) is coördinator van het project en verzorgt het projectmanagement. In Nederland doen naast de TU Delft ook MARIN, Expertise- en Innovatiecentrum Binnenvaart (EICB), Deltares, Bureau Telematica Binnenvaart (BTB) en Aqualink-lid Autena Marine mee.

‘Treintje’
In het project met 22 partners uit negen Europese landen wordt vier jaar lang onderzoek gedaan naar platooning met vrachtschepen. Bij platooning varen de schepen in een ‘treintje’ waarbij alleen aan boord van het voorste schip bemanning aanwezig. De andere schepen in het treintje volgen autonoom. De wetenschappers zien platooning als een belangrijke stap richting autonome scheepvaart waarbij helemaal geen bemanning meer nodig is.
De afdeling M&TT van de TU Delft richt zich in het onderzoek op de uitdagingen in het scheepsontwerp om het varen met autonome schepen mogelijk te maken, het modelleren van het transportsysteem dat nodig is om de schepen zonder bemanning te kunnen laten varen en het evalueren van de verschillende mogelijke implementatievormen van het platooning concept.
De wetenschappers  zien de bijdrage van Europa als een aanzienlijke versterking van hun onderzoeksinspanningen om het autonoom varen mogelijk te maken. Eind vorig jaar kwamen wetenschappers van de TU Delft al met de voorspelling dat rond 2030 zee- en binnenvaartschepen gaan varen die geheel zonder tussenkomst van mensen hun werk doen. Onbemande schepen die worden gevaren door een bemanning aan de wal en platooning beschouwen de wetenschappers nog slechts als een tussenstap.

Groene miljoenen
Europa heeft onlangs, eveneens in het kader van Horizon 2020, besloten ruim 17 miljoen euro te investeren in acht projecten om de scheepvaart groener te maken. Deze projecten zijn inmiddels zo ver gevorderd dat een introductie op de markt niet meer lang op zich zou moeten laten wachten. Met de miljoenen wil Europa scheepseigenaren het laatste zetje geven om te gaan investeren in de nieuwe groene oplossingen die de uitstoot van CO2 in toekomst met 25% moet verminderen en de uitstoot van zwavel, NOx en roetdeeltjes met zo’n 100%. De EU verwacht dat de fabrikanten naast de miljoeneninvestering van Europa nog eens 57 miljoen euro gaan steken in de groene technologieën.

De ruim 17 miljoen euro gaat naar projecten voor alternatieve brandstoffen. Zo steekt de EU geld in het ontwikkelen van een prototype havensleepboot die moet gaat varen op CNG, een onderzoek naar de mogelijkheid om schepen te laten gaan varen op methanol en het bevorderen van het gebruik van LNG in de scheepvaart. Ook komt er geld voor onderzoek naar de introductie van gebieden waar eisen worden gesteld aan de uitstoot van zwavel zodat scheepseigenaren worden aangemoedigd om te investeren in technologie voor het reinigen van de uitlaatgassen, bijvoorbeeld scrubbers. De EU steekt eveneens geld in energiebesparende oplossingen voor schepen met een vaste schroef en de ontwikkeling van een schroef met een grote diameter. Een investering in een systeem om beslissingen te nemen op het gebied van energie-efficiëntie moet de uitstoot op zowel vracht- als passagiersschepen verder verminderen.

Aqualink is dé vereniging van watergebonden bedrijven in Oost-Nederland. Meld u nu aan als lid.

Volg ons op Twitter en Facebook

Met zonnepanelen aan boord, draait het aggregaat minder

NIJMEGEN Een lager brandstofverbruik en hierdoor een lagere CO2-uitstoot. Met zonnepanelen aan boord hoeft uw aggregaat minder, of zelfs helemaal niet meer te draaien. Het Nijmeegse Lerta Techniek van schipperszoon John Janssen is specialist op het gebied van solartechniek in de binnenvaart.

Het hebben van voldoende ruimte voor zonnepanelen aan boord wordt steeds minder een probleem. Lerta Techniek levert inmiddels high power panelen (1046 x 1559 x 46 mm) met een piekvermogen van 345W. Deze panelen leveren 30% meer energie per vierkante meter dan de gangbare panelen. Dit betekent dat in de meest gunstige positie en instraling van de zon het paneel 345 Watt energie levert, in één uur is dat 0,345 kWh. Ook zijn er kleinere panelen (1060 x 540 x 3mm) van slechts drie millimeter dik met een vermogen van 100W.
Afhankelijk van de weersomstandigheden en de situatie aan boord blijken twee zonnepanelen meestal voldoende om het verbruik voor een weekend aan boord op te vangen. Een tafelmodelkoelkast verbruikt bijvoorbeeld 0,48 kWh per dag, een ankerlicht 24 uur laten branden kost 0,6 kWh.
De zonnepanelen zijn vanwege de vuilafstotende en anti-reflecterende coating onderhoudsarm. Lerta Techniek installeert het zonnepanelensysteem kant-en-klaar in heel Nederland. Het systeem is later altijd uit te breiden met meer panelen.

Bewustwording
Naast zonnepanelen levert Lerta Techniek ook nog andere brandstofbesparende en uitstootverlagende oplossingen voor aan boord van binnenvaartschepen. Zoals drie fasen omvormersystemen welke aangevuld met een dynamo een grote brandstofbesparing kunnen opleveren. Ook brengt Lerta Techniek bestaande installaties in kaart en installeert het compleet nieuwe installaties. ‘Verder plaatsen we steeds vaker PLC systemen waarmee de klant de elektrische installatie niet alleen met het touchscreen in het stuurhuis kan bedienen, maar ook via een tablet’, vertelt Janssen. ‘Hiermee ligt het energieverbruik altijd onder handbereik. Dat zorgt voor bewustwording en daarmee voor het besparen van energie. Een voorbeeld hiervan vaart in Rotterdam. Op de bunkerboot SBH 1 van SBH Heijmen hebben wij de hele elektrische installatie vervangen en voorzien van PLC besturing.’
Ook installeert Lerta Techniek steeds vaker LED verlichting. ‘De prijzen hiervan zijn de laatste jaren fors gedaald en zijn inmiddels een betaalbaar alternatief voor de conventionele gloei- en fluorescentielampen.’

Meer informatie over Lerta Techniek is te vinden op www.lerta.nl. Ook geeft John Janssen u graag meer informatie. Daarvoor kunt u bellen met 06 – 144 950 32 of mailen met info@lerta.nl.

Aqualink is dé vereniging van watergebonden bedrijven in Oost-Nederland. Meld u nu aan als lid.

Volg ons op Twitter en Facebook

‘De beurs van morgen’ op Telematicadag Nijmegen

NIJMEGEN ‘De Beurs van morgen – effecten van digitalisering in de vrachtenmarkt’, is het thema van de jaarlijkse Telematicadag op het KSCC Schipperscentrum in Nijmegen. Bezoekers kunnen op de Telematicadag onder meer kosteloos aan workshops meedoen.

Programma
Morgen – Plaza – 10.00 uur
    •    Man Over Boord: MOB-ontwikkelingen, stand van zaken
    •    Perspectief op de binnenvaart – inleiding digitalisering vrachtenmarkt
door Dirk van der Meulen
    •    Digitale marktinitiatieven: 4 korte pitches + discussie:
4Shipping – Jan Snoeij
Imperial Freight Management System (IFMS) – Imperial Logistics
TeuBooker – Frans Swarttouw
BargeLink – Axel Götze Rohen

    •    Digitale gastvrijheid in de haven – Ries Bode, vz BND + BTB

Lunch 12.30 uur –  Plaza
De gratis lunch wordt verzorgd door vrijwilligers van het KSCC.
Informatiemarkt van aanbieders en ontwikkelaars op de Plaza + surprise event
Binnenvaart Telematica Award
Tijdens de lunch uitreiking 8e Binnenvaart Telematica Award
door Ries Bode, voorzitter st. BTB.

Middag – 14.00 uur – start 1e serie workshops
    •    Wifi hotspots binnenvaart – Ries Bode (Binnenvaart Netwerk Diensten)
    •    Corridor Management – Ivo ten Broeke (Rijkswaterstaat)
    •    Visie op e-melden / e-meldplicht tankvaart – Brian Vrijaldenhoven (Rijkswaterstaat)
    •    Cyber Security – Desiré Savelkoul (Autena Marine)

14.40 uur – herhaling van deze serie workshops

Centraal 15.30 uur – Plaza
    •    BINNENVAART 3.0
    •    Film Verkeersmanagement 2031
    •    Smart Shipping

Informatiemarkt
    •    Autena Marine, Nautische automatisering (o.a. ContainerPlanner)
    •    Stichting Abri, Administratie en Advieskantoor binnenvaart
    •    Binnenvaart Netwerk Diensten – WiFi op ligplaatsen, www.binnenvaartnet.nl
    •    BICS Helpdesk / Enovation, Hulp bij E-melden met BICS of Erinet
    •    Cuore, EHBO/AED/EID – tablet met protocollen, www.cuorereanimatie.nl
    •    Faytech Nederland, touchmonitoren en pc’s
    •    Hoenderop, technische groothandel
    •    4Com, nautische telecommunicatie
    •    LogoS, Calculeren op basis van duidelijke marktinformatie
    •    Noordersoft, Navigatiesoftware
    •    Periskal, navigatiesoftware en aanverwante diensten
    •    Porttraveling, software voor bunkermanagement
    •    Stentec, navigatiesoftware

Lokatie en adresgegevens
Waar: KSCC Schipperscentrum (routebeschrijving)
Waalhaven 1k (navigatie: Havenweg) 6541 AG Nijmegen.
Hoe laat: 9:30 – 17:00 uur
Gratis toegang. Aanmelden niet nodig, maar we vinden het fijn als je even laat weten dat je komt. Stuur even een mailtje.

Sponsors Telematicadag 2016
Societeit De Wandelgang, Marin, Binnenvaart Netwerk Diensten, Autena Marine, Weekblad Schuttevaer, Binnenvaartkrant,  Scheepvaartkrant, De Stroming Courant, Aqualink, EOC Scheepsverzekeringen, Stichting Watertransport, Rijkswaterstaat.

De Telematicadag voor de binnenvaart wordt jaarlijks georganiseerd door Bureau Telematica Binnenvaart, KSCC Schipperscentrum, Autena Marine, Weekblad Schuttevaer en Rijkswaterstaat.

Lees ook: Autena introduceert Grenzeloos internet

Autena introduceert Grenzeloos internet

NIJMEGEN Autena komt een half jaar voordat telecomproviders geen roamingkosten meer in rekening mogen brengen, voor de binnenvaart met een internetabonnement dat geen grenzen meer kent binnen Europa. Het roamingvrije abonnement biedt naast grenzeloos 4G internettoegang aan boord ongekend grote internetbundels van 50Gb tot 200Gb per maand.

De vraag naar internet aan boord wordt steeds groter, niet alleen voor privé doeleinden, maar ook voor het updaten van software en het uitwisselen van data. Binnenvaartondernemers lopen daardoor steeds vaker aan tegen de beperkingen van de op dit moment verkrijgbare internetbundels van 5Gb tot 10Gb. Deze voldoen steeds vaker niet meer voor het mobiele kantoor aan boord. De grote bundels van 50Gb tot 200Gb van Autena maken hier een einde aan. Ook is het vanwege het verdwijnen van de roamingkosten in het nieuwe abonnement niet langer nodig aan de grens te wisselen van SIM-kaarten. Dat maakt het internetten aan boord niet alleen eenvoudiger, maar ook goedkoper.

2400 uur streamen
Met het nieuwe grenzeloos abonnement krijgt de binnenvaartondernemer in heel Europa internettoegang via de snelste mobiele 4G netwerken van gerenommeerde netwerken, zoals dat van KPN, met ongekend grote internetbundels tegen een voordelige prijs. De varende ondernemer kan kiezen uit internetbundels van 50Gb, 100Gb en 200Gb per maand.
Om een indruk te krijgen wat je bijvoorbeeld met 100Gb kunt; bijvoorbeeld dik 140 uur Netflix, RTL XL of ‘uitzending gemist’ kijken, of bijna 2.400 uur muziek streamen via bijvoorbeeld Spotify, of meer dan 1.000 keer per dag je Facebook checken, of 400.000 minuten bellen met WhatsApp, wat meer is dan er dagen in één maand zitten.

Indien u de databundel dreigt te overschrijden, krijgt u een waarschuwing. Dat gebeurt wanneer u de grens van 80% bent gepasseerd. Doet u hier niets mee, dan kunt u kiezen. In het eerste geval wordt na het overschrijden van de databundel de verbinding ‘geknepen’ naar een lagere internetsnelheid zodat u nog steeds de noodzakelijke werkzaamheden kan uitvoeren zoals het ontvangen en versturen van e-mails. Voor elke Mb die u buiten de bundel extra verbruikt, wordt achteraf wel € 0,10 in rekening gebracht. Het is ook mogelijk om op dat moment over te stappen naar een grotere internetbundel. In het tweede geval stopt de internetverbinding voor de rest van de lopende maand. Hiermee heeft u de garantie dat u achteraf nooit met extra kosten wordt geconfronteerd.

De voorwaarden
Met de grenzeloze internetbundel krijgt de binnenvaartondernemer internettoegang in alle EU-landen, inclusief IJsland, Noorwegen, Liechtenstein en Zwitserland. Dit zijn dus België, Bulgarije, Cyprus, Denemarken, Duitsland, Estland, Finland, Frankrijk, Griekenland, Hongarije, Ierland, Italië, Kroatië, Letland, Liechtenstein, Litouwen, Luxemburg, Malta, Nederland, Noorwegen, Oostenrijk, Polen, Portugal, Roemenië, Slovenië, Spanje, Tsjechië, het Verenigd Koninkrijk, IJsland, Zwitserland en Zweden. Dus inderdaad ‘Grenzeloos internet’ in de EU.

Het grenzeloos abonnement kent geen meerjarige abonnementsduur, alleen een opzegtermijn van één maand. Ook zijn er geen aansluitkosten of andere eenmalige kosten. Men kan het abonnement dus maandelijks opzeggen en is dus binnen één maand van het abonnement af. Geen addertjes onder het gras, alleen zorgeloos internetten in heel de EU.

De prijzen voor de internetbundels bedragen € 100 (50Gb) , € 175 (100Gb) en € 325 (200Gb) per maand.

Voor meer informatie over Grenzeloos internet kunt u contact opnemen met Desiré Savelkoul van Autena, tel.: 024-355 94 17 of email: d.savelkoul@autena.nl.

Binnenvaart zet collectieve data om in meerwaarde

DEN HAAG Binnenvaartschepen verzamelen al een aantal jaren real time data om de schepen efficiënter te kunnen afladen en zuiniger te laten varen. In het project Co2Vadem+ krijgt de binnenvaartschipper een waterdiepte- en doorvaarthoogtevoorspeller en een brandstofverbruiksmonitor aan boord.

Aqualink-lid Autena is verantwoordelijk voor de ‘scheepszijde’ van het project. ‘Wij zorgen dat de diverse sensoren worden aangesloten op de zogenaamde “CoVadem Box”, die op zijn beurt de diverse meetwaardes verzamelt en verstuurt naar de server aan de wal’, vertelt Autena directeur Desiré Savelkoul. ‘Tevens onderhouden wij het netwerk.’

Naar 250 schepen
Co2Vadem+ is een project van het CoVadem-initiatief.  Daarin doen ruim 50 schepen al een paar jaar mee aan het gezamenlijk meten van de vaardiepte. Maar om binnenvaartschepen zo goed mogelijk af te laden met bulk of containers is een actuele waterdieptekaart alleen niet voldoende. Daarvoor zijn ook nauwkeurige en betrouwbare voorspellingen van de toekomstige waterdiepte en doorvaarthoogtes voor enkele dagen vooruit nodig. Het is de ambitie om CoVadem uiteindelijk als financieel zelfdragend initiatief te continueren en verder uit te bouwen. Om dat te bereiken is het nodig om de bestaande vloot uit te breiden naar 250 schepen. En dat is de ambitie. Is dat aantal bereikt, dan is er voldoende input om voor alle binnenvaartschepen meerwaarde te leveren. Naast de ontwikkeling van producten in het nu startende Co2Vadem+ is de opschaling van CoVadem dan ook een belangrijke focus voor de komende periode.

Meer opbrengsten
Met de nu te ontwikkelen diensten weet de binnenvaartschipper straks precies hoeveel lading hij mee kan nemen en kan hij het meest optimale vaarschema bepalen. Afgestemd op zijn schip, zijn route, reis en belading. Meer getransporteerde lading per reis en zuiniger varen moeten het resultaat zijn. Dit zorgt niet alleen voor minder kosten voor de schipper, maar ook voor meer opbrengsten. Tevens vermindert de uitstoot van CO2 per tonkilometer.

De door de binnenvaartschepen verzamelde data moet ook gaan bijdragen aan een beter onderhoud aan de vaarwegen en watermanagement. Hiervoor verzamelen de schepen ook gegevens over de bodem, waterstand en stroming. Deze anonieme gegevens uit CoVadem kunnen in combinatie met riviermodellen de rivierbeheerders en baggeraars helpen bij het op voorhand bepalen van de plekken waar gebaggerd moet worden. Zo kunnen er kosten worden bespaard en kan beheer slimmer worden aanbesteed.

Om een schip te kunnen laten deelnemen aan het project is het voldoende om de zogenoemde CoVadem box te installeren. Deze wordt aangesloten op de sensoren voor locatie (GPS), belading (beladingsmeter), kielspeling (dieptemeter) en op een brandstofverbruiksmeter. Indien deze niet aanwezig is, moet deze worden geïnstalleerd.

Brandstof besparen
Het brandstofverbruik van een binnenvaart schip is in hoge mate afhankelijk van de omstandigheden op de rivier en hoe de schipper daarmee omgaat. Optimaal gebruik van het inzicht in het verband tussen schip, reis en rivierconditie kan leiden tot een besparing van 10% op het brandstofverbruik. Maar dat vereist naast ervaring van de binnenvaartschipper ook betrouwbare en vooral actuele data. Dat doet de brandstofverbruiksmonitor. Deze presenteert straks de CO2-uitstoot en het brandstofverbruik in relatie tot de kielspeling, belading, stand van het roer en de vaarsnelheid. Daarmee moet de binnenvaartschipper beter inzicht krijgen in de prestaties van zijn schip. En doordat de binnenvaartondernemer niet alleen de beschikking heeft over actuele gegevens, maar ook alle historische data beschikbaar blijven, kan hij eenvoudig vergelijkingen maken en zoeken naar trends en samenhang.  
De binnenvaartschipper kan aan boord de verzamelde gegevens bekijken. Zo kan hij onder meer zien hoeveel liter brandstof de hoofdmotoren hebben verbruikt, hoeveel kilometer hij heeft gevaren, hoeveel tonnen hij heeft vervoerd en wat de gemiddelde kielspeling, vaarsnelheid en belading waren. Ook kan hij het voortschrijdend gemiddelde verbruik in liters per tonkilometer inzien en de totale CO2 uitstoot.
Omdat steeds meer partijen (bijvoorbeeld IKEA) vragen om een vertaling van de gegevens naar de werkelijke uitstoot per container zodat deze partijen dan in staat zijn om nauwkeurig hun CO2 footprint aan te geven. Ook wordt ook bekeken of het mogelijk is om een koppeling te maken met het in de containervaart vaak gebruikte containerstuwprogramma. Daarin worden de werkelijke uitstootgegevens gecombineerd met de logistieke gegevens die in het het ContainerPlanner stuwprogramma aanwezig zijn.

Waterdieptes
Met het betrouwbaarder voorspellen van toekomstige waterdieptes kunnen schepen beter worden afgeladen waardoor dezelfde vloot met een gelijk aantal reizen meer lading kan transporteren. Dit maakt het vervoer over water schoner en goedkoper. Zo moet de binnenvaart beter kunnen concurreren met het vervoer over de weg en het spoor. Ook wordt met betrouwbare voorspellingen de betrouwbaarheid van de aankomsttijd groter. Dat maakt het vervoer over water betrouwbaarder en wordt daarmee een beter alternatief voor het wegtransport. De resultaten van de voorspelde waterdiepte en de doorvaarthoogtes krijgt de binnenvaartschipper via een grafische webapplicatie gepresenteerd. Hoe deze gegevens het beste kunnen worden gevisualiseerd moet uit het onderzoek blijken.  
Door alle reizen van de vloot te analyseren op overeenkomsten tussen het schip, de reis en de riviercondities, moet de binnenvaartondernemer optimaal kunnen afladen en efficiënter kunnen varen. Daardoor bespaart de schipper niet alleen op de jaarlijkse brandstofkosten, maar bouwt hij ook een database met gegevens op waarmee hij in de toekomst zijn schepen nog efficiënter kan inzetten.  
Omdat de Nederlandse binnenvaartoperators hebben aangegeven dat de beperkingen in vaardiepte het meeste wordt ondervonden op de Duitse Rijn tussen Kaub en Maxau, richt het onderzoek zich op het traject van Rotterdam tot Maxau.

Financiering
Co2Vadem+ is een project binnen het grotere CoVadem initiatief, dat onder leiding van MARIN en de vaste partners Autena Marine en Bureau Telematica Binnenvaart  en Deltares al enige jaren loopt. Het project Co2Vadem+kan van start gaan dankzij financiering via de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO) en de binnenvaart zelf. In totaal kost het project 1,2 miljoen euro. De binnenvaartsector draagt zelf ruim 600.000 euro bij. Het project is een coproductie van Deltares en MARIN en omvat naast de vaste partners Autena Marine en Bureau Telematica Binnenvaart ook de partijen Danser Group, NPRC, Heuvelman Groep, Shipping Factory, ThyssenKrupp Veerhaven, Koninklijke BLN Schuttevaer, de TU Delft en Rijkswaterstaat.
Het onderzoek moet eind 2018 zijn afgerond.

Aqualink is dé vereniging van watergebonden bedrijven in Oost-Nederland. Meld u nu aan als lid.

Volg ons op Twitter en Facebook