Tagarchief: binnenvaart

BLN vraagt minister om duidelijkheid en daadkracht

ZWIJNDRECHT Koninklijke BLN-Schuttevaer mist in de miljoenennota duidelijke doelstellingen die wel in het regeerakkoord staan. In het regeerakkoord stond nog duidelijk dat het de ambitie van de minister was om meer en schoon vervoer over water te stimuleren, maar in de begroting is daar niets van terug te zien.

In de begroting ontbreekt volgens BLN daadkracht, de begroting laat vooral veel studie en onderzoek zien. BLN verwacht in 2019 concrete plannen van de minister. ‘Het is tijd om spijkers met koppen te slaan. Meer vervoer over water om de wegen te ontlasten en klimaatdoelstellingen te halen en betere milieuprestaties van de binnenvaart staan centraal in het regeerakkoord. Het is het zaak hier gericht en concreet invulling aan te geven.’

BLN-Schuttevaer vindt dat, om de concurrentiepositie van de binnenvaart te versterken, deze regeerperiode zowel voor Europese binnenwateren als voor Nederlandse milieuzones heldere normen voor uitlaatgassen nodig zijn. ‘De milieuprestaties van de CCR2 zijn verouderd en Stage V is vooralsnog niet haalbaar. Daarnaast dient snel vorm te worden gegeven aan de toegezegde financiële stimulering.’

Modal shift
Het verplaatsen van vervoer van de weg naar het water en het behoud van vervoer over water met kleine schepen is volgens BLN alleen haalbaar als de overheid heldere doelstellingen formuleert voor de modal shift van weg naar water. Deze doelstellingen ontbreken nog in de begroting.

In het regeerakkoord zijn eveneens hogere investeringen in de vaarweginfrastructuur toegezegd. Deze zijn nu opgenomen in de miljoenennota. Het totale vaarwegbudget bedraagt in 2019 bijna € 1,3 miljard, in 2018 is € 873,1 miljoen uitgegeven. Dat betekent meer geld voor de broodnodige vernieuwing en onderhoud. Koninklijke BLN-Schuttevaer is blij met deze verhoging van het budget maar is van mening dat om die investeringen nog beter te benutten ook op de andere doelstellingen voor vervoer over water uit het regeerakkoord concrete maatregelen nodig zijn.

Spijkers met koppen
BLN-Schuttevaer wil dit jaar nog een gesprek met de minister om meer duidelijkheid te krijgen over de onderwerpen modalshift en de milieuprestaties van de binnenvaart. Een vast te stellen politieke visie op het goederenvervoer moet aanknopingspunten opleveren voor deze concrete doelstellingen. ‘Meer vervoer over water biedt Nederland volop kansen om de belasting van weg en spoor te verminderen en klimaatdoelstellingen te realiseren.’

Aqualink is dé vereniging van watergebonden bedrijven in Oost-Nederland. Meld u nu aan als lid.

Volg ons op Twitter en Facebook

Container- en cruisevaart blijven ‘booming business’

STRAATSBURG De containervaart en de riviercruisevaart blijven booming business. Vorig jaar groeide het vervoer van containers over de Europese wateren in totaal met 6%. In de riviercruisevaart stegen de omzetten fors. Dit alles blijkt uit het jaarverslag van de marktobservatie van de binnenvaart in Europa van de Centrale Commissie voor de Rijnvaart.

De containermarkt speelt zich nog steeds grotendeels in West-Europa af. In 2017 vond meer dan 99% van het totale containervervoer plaats in vier Europese landen, te weten Nederland (45%), Duitsland (40%), België (10%) en Frankrijk (4,5%). Alle andere EU-landen liggen bij elkaar genomen op slechts 0,2%.

Groot potentieel
Net als in heel Europa, groeide het containervervoer over de Rijn in 2017 eveneens met 6%. Dit betekent dat sinds het jaar 2000 het containervervoer over de traditionele Rijn met 84% is toegenomen. Op de andere Europese rivieren vallen de absolute waarden voor het containervervoer weliswaar nog steeds bescheiden uit, maar dat neemt niet weg dat hier toch een groot potentieel voor de toekomst is weggelegd. Een voorbeeld hiervoor is het vervoer vanuit de zeehaven van Hamburg naar het achterland. Het transport van containers over het Mittellandkanaal en over de Elbe zou in de toekomst een steeds grotere rol kunnen gaan spelen. In 2017 is het aantal TEU dat over deze binnenvaartwateren vervoerd werd met respectievelijk 3 en 8% gestegen.
Deze stijgende tendens valt ook waar te nemen voor het netwerk van kanalen in West-Duitsland. Deze kanalen vormen een belangrijke verbindingsschakel tussen Noord-Duitsland (Elbe, Mittelland-kanaal) en het Rijnstroomgebied. In Frankrijk blijft het containervervoer over de Seine en het kanalennet in het Noorden van Frankrijk de opwaartse trend voortzetten.

Riviercruisevaart
De booming business in de riviercruisevaart heeft voor dit segment voor duidelijk hogere omzetcijfers gezorgd. Deze opwaartse trend is goed zichtbaar wanneer men kijkt naar de omzetcijfers van de passagiersvaartondernemingen in Zwitserland, het land waar bijna de helft van alle actieve riviercruiseschepen in Europa zijn geregistreerd.
Tussen 2002 en 2017 is de cruisevaart op de Donau met 89% gestegen. Voor de Rijn lag dit cijfer op 128% en op het Main-Donau-kanaal was dit zelfs 295%. Wel is het aantal schepen dat in de afgelopen jaren in de cruisevaart nieuw werd gebouwd gedaald. Dat gebeurde ook vorig jaar. Deze daling is volgens de CCR ook het gevolg van het feit dat er in het recente verleden zeer veel schepen gebouwd werden. ‘Dit kan dus beschouwd worden als een zekere normalisatie.’

Gunstiger klimaat
In het vrachtvervoer over het water werden vorig jaar wel meer nieuwe schepen gebouwd, zowel in de drogelading- als de tankvaart. Vorig jaar werden in Nederland ook meer ondernemingen opgericht dan de jaren ervoor en gingen minder bedrijven failliet. Dit alles wijst volgens de CCR op een gunstiger economisch klimaat in 2017 dan een aantal jaren geleden.
Maar het gaat niet in alle segmenten goed. Het vervoer van kolen loopt bijvoorbeeld in heel Europa terug, terwijl het vervoer van containers en chemicaliën toeneemt. De huidige evolutie en vooruitzichten voor ijzerertsen en metalen zien er een stuk rooskleuriger uit dan voor kolen, hoewel de groeicijfers achterblijven bij die voor containers en chemicaliën.

Donau
De binnenvaart op de Donau is nog steeds in sterke mate gericht op het drogeladingsegment, waarbij graan en ijzererts iets meer dan de helft van het totale vervoer over de Donau uitmaken. Het vervoer van containers over de Donau staat nog in de kinderschoenen, maar toonde wel al in 2017 een lichte stijging. Het totale vervoer over de Boven- en Midden-Donau toonde in 2017 een toename in vergelijking met 2016 en dit ondanks de zeer slechte weersomstandigheden aan het begin van 2017. In de winter speelden ijs en laagwater de scheepvaart over de Donau parten, maar daarna was er sprake van een krachtig herstel.

Marktkansen
Het jaarverslag 2018 bevat tevens een onderzoek naar nieuwe marktkansen voor de binnenvaart, zoals stedelijke logistieke ketens en het vervoer van biomassa. In grote Europese agglomeraties, die te kampen hebben met luchtverontreiniging en verstopte wegen, is binnenvaartvervoer in de belangstelling komen te staan van de stedelijke logistiek. Het voorbeeld van Parijs laat zien dat de binnenvaart in staat is veel vracht te absorberen in vervoerssegmenten met een groot groeipotentieel zoals bouwmaterialen, de toevoer naar winkels en e-commerce.
Een andere nieuwe markt voor de binnenvaart is het vervoer van biomassa. Nu biomassa een steeds grotere rol gaat spelen in de energiesector (zowel voor het produceren van elektriciteit als voor het opwekken van warmte), openen er zich ook nieuwe mogelijkheden voor de binnenvaart. Aangezien biomassa in feite dezelfde kenmerken heeft als bulkgoederen (hout, houtpellets, koolzaad en andere materialen die tegen lage kosten in grote hoeveelheden vervoerd kunnen worden), is de binnenvaart bij uitstek geschikt om de belangrijkste vervoersmodus te worden voor deze belangrijke energiebron van de 21ste eeuw.

Aqualink is dé vereniging van watergebonden bedrijven in Oost-Nederland. Meld u nu aan als lid.

Volg ons op Twitter en Facebook

Nog altijd lage aanvoer Rijn en Maas

UTRECHT De beperkingen voor de scheepvaart in verband met de droogte blijven van kracht. Vanwege beperkte neerslag in het stroomgebied van de Rijn en de Maas blijft de wateraanvoer de komende twee weken laag.

Door de lage Rijnafvoer kunnen schepen nog altijd minder lading meenemen. De wachttijden voor het schutten zijn volgens Rijkswaterstaat over het algemeen beperkt. De scheepvaart wordt van de actuele situatie op de hoogte gehouden via onder andere berichten aan de scheepvaart (BAS) en de website Vaarweginformatie. ‘Waterbeheerders doen hun uiterste best om de waterstand waar mogelijk te verhogen en de hinder voor de branche zo beperkt mogelijk te houden. Continu wordt gemonitord of de beperkingen kunnen worden verminderd of opgeheven.’

Water per schip
In delen van het IJsselmeer is ondanks de eerder genomen maatregelen, sprake van een te hoog zoutgehalte als gevolg van de langdurige droogte. Dat heeft er toe geleid dat bij Andijk afgelopen week geen water meer is ingenomen voor de productie van drinkwater. Omdat de situatie bij Andijk onzeker blijft, heeft minister Van Nieuwenhuizen van Infrastructuur en Waterstaat besloten om een aanvullende maatregel voor te bereiden: het aanvoeren van zoet water per schip uit andere delen van het IJsselmeer. (Foto Rijkswaterstaat)

Aqualink is dé vereniging van watergebonden bedrijven in Oost-Nederland. Meld u nu aan als lid.

Volg ons op Twitter en Facebook

Rijn bereikt laagste waterstand ooit

LOBITH De Rijn bij Lobith heeft zaterdag 25 augustus het laagste waterpeil ooit gemeten bereikt. Het water in de rivier bereikte toen een stand van 6,87 m +NAP. Daarmee is het record uit 2011 van 6,89 m +NAP gebroken.

De regen in Nederland van vrijdag en zaterdag heeft nog geen invloed gehad op de stand van het water in de Rijn, want het waterpeil en de afvoer van de Rijn bij Lobith wordt bepaald door wat er in Duitsland en Zwitserland valt. Dat effect wordt de komende dagen merkbaar. Maar Rijkswaterstaat verwacht daarna weer een daling. Voor de komende weken is namelijk weinig regen voorspeld voor Duitsland en Zwitserland. (Foto Rijkswaterstaat; laagwater op de Waal)

Aqualink is dé vereniging van watergebonden bedrijven in Oost-Nederland. Meld u nu aan als lid.

Volg ons op Twitter en Facebook

Nijmegen wil walstroom op kades industriehaven

NIJMEGEN De gemeente Nijmegen wil walstroom gaan realiseren op de kades in de industriehaven. Hiermee wil de gemeente de emissies van scheepsgeneratoren verder verminderen.

De gemeente Nijmegen heeft de laatste jaren al geïnvesteerd in de realisatie van walstroom aan de Waalkade en in de Waalhaven en de Lindeberghaven. Dit zijn de openbare kades en dat is maar een deel van de totale Nijmeegse haven. Om de ontwikkeling te versnellen wil de gemeente Nijmegen in het kader van het Europese programma Clean Inland Shipping (CLINSH) ook walstroom realiseren op kades in de industriehaven, dit zijn overwegend private kades. De gemeente wil het mogelijk maken dat bedrijven aan het water deze faciliteit kunnen aanbieden en is daarvoor bereid een aanbesteding uit te schrijven.

Bijeenkomst
De gemeente Nijmegen houdt samen met Bedrijvenvereniging TPN-WEST op dinsdag 25 september van 15 tot 17 uur op het KSCC-centrum in de Nijmeegse Waalhaven een bijeenkomst voor de watergebonden bedrijf op het industrieterrein. Tijdens de bijeenkomst wordt de ambitie van de gemeente toegelicht evenals de best practices en (technische) mogelijkheden voor walstroom en de aanbesteding die de gemeente uit gaat zetten.

Het concept programma is als volgt:
15:00 – 15:10 Welkom en introductie
15:10 – 15:20 Ambitie TPN-West
15:20 – 15:35 Ervaringen walstroom door BCTN
15:35 – 15:50 Mogelijkheden walstroom door Ecotap
15:50 – 16:05 Mogelijkheden walstroom door Walvoorziening NLD
16:05 – 16:25 Toelichting aanbesteding Gemeente Nijmegen
16:25 – 16:45 Feedback en discussie
16:45 – 17:00 Afsluiting, planning en vervolgafspraken

Aanmelden
Geïnteresseerden kunnen zich aanmelden via het secretariaat van TPN-WEST via bedrijvenvereniging@tpnwest.nl. Heeft u inhoudelijke vragen over het programma, mail dan met Erik Lubberding (erik.lubberding@bciglobal.com) of Remco Hoogma (Hoogma@xs4all.nl). Zij zijn door de gemeente ingehuurd en begeleiden de aanbesteding.

Aqualink is dé vereniging van watergebonden bedrijven in Oost-Nederland. Meld u nu aan als lid.

Volg ons op Twitter en Facebook

Rijkswaterstaat peilt op meer plekken op de Waal

NIJMEGEN Zolang de lage waterstanden aanhouden stelt Rijkswaterstaat voor de Waal dagelijks op drie plaatsen de minst gepeilde diepte (MGD) vast. Reden is dat tussen Millingen en Loevestein meerdere vaarroutes mogelijk zijn. De minst gepeilde diepte binnen het rivierdeel Millingen-Loevestein hoeft niet altijd van toepassing te zijn op deze routes.

Met de huidige lage waterstanden is de scheepvaart daarom gebaat bij MGD’s op meerdere plekken. Daarom stelt RWS vanaf maandag minst gepeilde diepten beschikbaar voor de Waal voor de rivierdelen Millingen tot Maas-Waalkanaal, Maas-Waalkanaal tot Amsterdam-Rijnkanaal en Amsterdam-Rijnkanaal tot Loevestein. Door deze extra informatie over de vaardieptes moet de scheepvaart beter kunnen bepalen hoeveel lading vervoerd kan worden op hun route.

Rijkswaterstaat zet extra patrouillevaartuigen in om de MGD’s te peilen. De extra service aan de scheepvaart wordt verleend, zolang de droogte en de lage waterstanden aanhouden. De minst gepeilde diepten zijn terug te vinden op www.vaarweginformatie.nl en Teletekst pagina 720.

Aqualink is dé vereniging van watergebonden bedrijven in Oost-Nederland. Meld u nu aan als lid.

Volg ons op Twitter en Facebook

Hinder voor binnenvaart vanwege droogte neemt verder toe

UTRECHT De hinder voor de scheepvaart neemt de komende tijd in verband met de aanhoudende droogte verder toe. Dat blijkt uit de zogenoemde Droogtemonitor van de Landelijke Coördinatiecommissie Waterverdeling (LCW).

Als gevolg van de lagere waterstanden kunnen schepen minder diep geladen worden en dus minder vracht vervoeren. Hierdoor neemt het aantal schepen op de vaarwegen toe, hoewel die toename tot nu toe meevalt. Maar de LCW verwacht dat de drukte op het water gaat toenemen nu de vakantieperiode eindigt. En een toenemend aanbod van schepen staat volgens de LCW op gespannen voet met de afnemende capaciteit bij de sluizen.

Schutregime
Om de waterafvoer te beperken is er bij verschillende sluizen een aangepast schutregime. Dit is nu al het geval bij de sluizen op de Maas, de Nederrijn/Lek, het kanaal Gent-Terneuzen, de Brabantse en Limburgse kanalen en bij de Lorentzsluizen. Wachttijden kunnen daardoor langer zijn dan gebruikelijk. Dit is vooral te merken op de Maas en de Brabantse kanalen.
Op een aantal plekken in Nederland is sprake van een aangepast schutregime in verband met het terugdringen van verzilting. Hiervan is onder andere sprake bij de Irenesluis (Wijk bij Duurstede), de zeesluis IJmuiden, de Krammersluis, de Goereesluis en de Lorentzsluizen.
Op de Geldersche IJssel is hinder voor de beroepsvaart doordat op delen een oploop- en ontmoetingsverbod geldt.
Nieuwe maatregelen tegen verzilting of ten behoeve van andere prioriteiten binnen de verdringingsreeks kunnen nog meer effect hebben op de scheepvaart.

Aanhoudende droogte
De LCW verwacht dat de droogte blijft aanhouden. Deze week wordt het weerbeeld namelijk stabieler en lijken de neerslagkansen weer af te nemen. Hierdoor zal de afvoer bij Lobith stabiliseren rond of iets boven 900 m3/s. Afvoeren van lager dan 800 m3/s zijn mogelijk vanaf 1 september maar kans is vooralsnog klein (5%). Volgens de laatste inzichten is het meest waarschijnlijke scenario dat de afvoer bij Lobith ook voor de periode na 15 dagen ruim onder het langjarig maandgemiddelde zal blijven.

Het peil van de Zwitserse stuwmeren ligt grotendeels onder het langjarig gemiddelde. Ook de waterstand van en de afvoer uit de Bodensee zijn sterk gedaald en liggen daarmee ruim onder de gemiddelde waarden voor de tijd van het jaar. Deze daling in de waterstanden zal zich in de aankomende periode verder doorzetten. De afvoer bij Basel heeft een langzaam dalende trend vanaf begin juli en is de afgelopen dagen ongeveer gelijk gebleven op 600 m3/s en blijft daarmee ruim lager dan het langjarig gemiddelde voor augustus.

Maas
De afgelopen maanden is er eveneens zeer weinig neerslag gevallen in het stroomgebied van de Maas. De daggemiddelde afvoer bij Sint Pieter is op dit moment circa 55 m3/s (Luik circa 75 m3/s). Het LCW-criterium is 25 m3/s. De afvoer bij St. Pieter zal de komende dagen tussen de 30 en 40 m3/s blijven schommelen. Afvoerfluctuaties ten gevolge van stuwbeheer blijven aanwezig. Op de middellange termijn (5 – 10 dagen vooruit) verandert er weinig in deze situatie. De kans dat het LCW-criterium van 25 m3/s voor St. Pieter op langere termijn (10-15 dagen) opnieuw wordt onderschreden is mogelijk.

Aqualink is dé vereniging van watergebonden bedrijven in Oost-Nederland. Meld u nu aan als lid.

Volg ons op Twitter en Facebook

‘Stenen bed’ op de Waal zorgt steeds vaker voor diepgangproblemen

NIJMEGEN Het ‘stenen bed’ dat in het verleden aan de linkeroever in de bocht van Nijmegen in de Waal is aangelegd, zorgt daar nu voor een flinke verondieping. Binnenvaartschippers klagen inmiddels zoveel hierover dat Koninklijke BLN-Schuttevaer van Rijkswaterstaat wilde weten hoe het een en ander in elkaar steekt. De binnenvaartorganisatie pleit al langere tijd voor het weghalen van deze hindernis op de druk bevaren rivier.

De kracht van het water zorgt ervoor dat de natuurlijke rivierbodem op de Rijn en de Waal voortdurend aan veranderingen onderhevig is. De harde laag op de rivierbodem op de Waal werd in het verleden aangelegd om ervoor te zorgen dat het stromingspatroon verandert waardoor de rechteroever minder zou verzanden en beter op diepte zou blijven. Maar omdat de rivierbodem op de Waal sterk aan het eroderen is, en deze vaste laag niet mee kan dalen, is deze nu een belangrijke verondieping geworden op de route richting het Duitse achterland.

Rivierbodem verandert
In het verleden berekenden schippers de diepgang op het traject tot Duisburg met behulp van de peilschaal van Duisburg. Het kritische punt op de route lag in Duitsland. Dit is tegenwoordig bij laag water niet meer het geval. De diepgang op de Waal is op sommige plaatsen veel minder dan op het Duitse gedeelte van het traject. Het verschil kan oplopen tot wel tientallen centimeters.

De vaarroute tot Duisburg kent een minimale streefdiepte van 2,80 meter bij OLR (overeengekomen lage rivierstand). Tot Duisburg is er gedurende de meeste tijd van het jaar voldoende water om met maximaal beladen schepen te varen. Bij perioden van laagwater wordt de situatie echter anders. Als de waterdiepten op enig punt in de vaargeul van de Waal tussen Millingen en Loevestein minder dan 3,50 meter bedragen, begint Rijkswaterstaat met het bekendmaken van de ‘minst gepeilde waterdiepte’ op de Waal, Lek, Nederrijn, het Pannerdensch Kanaal en de Geldersche IJssel. De minst gepeilde diepgang is ook werkelijk het ondiepste punt in de geul, de schipper moet hierop dus nog een kielspeling toepassen.

BLN-Schuttever wijst er nog op dat de schipper op grond van artikel 1.04, 1.06 en 1.07 van het RPR, met inachtneming van alle omstandigheden in eigen verantwoordelijkheid de diepgang moet bepalen. (Illustratie Rijkswaterstaat)

Aqualink is dé vereniging van watergebonden bedrijven in Oost-Nederland. Meld u nu aan als lid.

Volg ons op Twitter en Facebook

Kamervragen over stremming sluis Delden

DEN HAAG Tweede Kamerlid Maurits von Martels van het CDA heeft minister Cora van Nieuwenhuizen van Infrastructuur en Waterstaat vragen gesteld over de stremming van sluis Delden op het Twentekanaal.

Vanwege personeelskrapte besloot Rijkswaterstaat afgelopen weekeinde sluis Delden niet te bedienen tussen 17:00 en 08:00 uur. Rijkswaterstaat spreekt van overmacht en zegt er alles aan te doen om te bezetting rond te krijgen. Het personeel dat niet op vakantie of ziek is, draaide overuren of werd ingezet om het water te peilen vanwege de droogte.

Juiste afweging?
Von Martels wil nu van de minister horen of de berichtgeving klopt dat sluis Delden daadwerkelijk is gesloten vanwege het feit dat er te weinig personeel beschikbaar is door de vakantieperiode en door ziekte. Hij wil onder meer van de minister weten of een juiste afweging is gemaakt en bij het nemen van het besluit voldoende is meegewogen dat de (financiële) belangen van de binnenvaartschippers en bedrijven die afhankelijk zijn van de binnenvaart groot zijn. ‘En dat terwijl de schepen door de lage waterstand ongeveer de helft van de capaciteit kunnen laden – en dus vaker moeten varen – hetgeen inhoudt dat er juist meer scheepvaartbewegingen zijn, waardoor de sluis juist vaker open zou moeten.’

Von Martels vraagt de minister of ze het eens is met de conclusie dat ‘er gewoon te veel sluiswachters zijn wegbezuinigd’ en vraagt zich af of de minister de conclusie deelt ‘dat er ook nog eens files op het Twentekanaal zullen ontstaan van schepen die moeten wachten’. Tevens wil de CDA’er van de minister horen wanneer ze bekend was met het personeelstekort en de gevolgen daarvan en ‘welke stappen ze sindsdien heeft ondernomen om aan dat tekort of de gevolgen een einde te maken’.

Aqualink is dé vereniging van watergebonden bedrijven in Oost-Nederland. Meld u nu aan als lid.

Volg ons op Twitter en Facebook

Binnenvaart voorlopig nog vast in haven Deventer

DEVENTER De vijf binnenvaartondernemers die vastzitten in de haven van Deventer kunnen voorlopig nog niet weg. Uit onderzoek van de gemeente Deventer, onder meer door de constructeur van de sluisdeuren, blijkt dat het schutten van de sluis in Deventer pas verantwoord is bij een waterstand van 1.22 +NAP. Op dit moment is de waterstand rond de 0.90 +NAP.

De huidige ondergrens volgens de vergunning die aan de gemeente is afgegeven door het Waterschap is 1.47 +NAP. De gemeente vraagt het waterschap toestemming om bij de lagere waterstand van 1.22 +NAP, toch eenmalig te schutten om de schepen die nu vastliggen in de haven naar buiten te kunnen laten. Dat onder de omstandigheid dat er geen vaarverkeer over de IJssel gaat tijdens het schutten.

‘Gevolgen niet te overzien’
Op basis van de resultaten van het onderzoek, waarvan de resultaten volgens de gemeente zijn doorgerekend door een onafhankelijk adviesbureau, acht de gemeente het niet verantwoord om te schutten bij een lagere waterstand dan 1.22 +NAP. ‘Alhoewel de kans klein lijkt, zijn de gevolgen als het onverhoopt fout gaat niet te overzien. De schade loopt dan in de vele miljoenen. Het Overijssels kanaal en de daarop aangesloten waterwegen lopen dan leeg. Dat risico kan de gemeente niet dragen.’
Loco burgemeester Carlo Verhaar vindt het ‘echt heel naar voor de betrokken schippers’. ‘Natuurlijk hadden zij op een ander bericht van ons gehoopt. Zij zijn dan ook als eerste door ons geïnformeerd. We blijven contact met ze onderhouden om er voor te zorgen dat ze de komende periode zo goed mogelijk door komen. Ook met de in de haven gevestigde bedrijven onderhouden we contact.’

‘Snellere oplossing’
Koninklijke BLN-Schuttevaer had gehoopt op een snellere oplossing. Erik Schultz, voorzitter van ledengroep Schuttevaer heeft inmiddels contact gehad met schipper Kleine van Ms Zuiderzee om de huidige situatie te bespreken. Kleine is één van de vijf binnenvaartondernemers die vastzitten in de haven van Deventer. De schipper treedt op als vertegenwoordiger van de gedupeerde schippers.

Aqualink is dé vereniging van watergebonden bedrijven in Oost-Nederland. Meld u nu aan als lid.

Volg ons op Twitter en Facebook