Alle berichten van Eindreactie

BCTN laat elektrisch containerschip bouwen

DEN BOSCH Inland terminal operator BCTN gaat een elektrisch varend containerschip bouwen, de Den Bosch Max 2.0. BCTN ontwikkelt het schip in samenwerking met Nedcargo, dat met de Gouwenaar 2.0 al een vergelijkbaar schip heeft varen.

De Den Bosch Max 2.0 wordt in oktober 2018 opgeleverd en vaart dan eerst nog dieselelektrisch. Het 90 meter lange en 11,5 brede containerschip kan 120 containers meenemen. Omdat de accumarkt een stormachtige ontwikkeling doormaakt, kan het schip volgens directeur Joop Mijland vanaf 2020 volledig elektrisch varen met deze sterke accu’s. ‘Uiteindelijk gaan we de dieselelektrische voorstuwing vervangen door de meest efficiënte brandstofcellen van waterstof en accu’s, zodat onze barges volledig elektrisch varen.’

Emissieloze terminal
De Den Bosch Max 2.0 gaat varen tussen de BCTN terminal in Den Bosch en de zeehavens Rotterdam en Antwerpen. Dit is de eerste terminal in het netwerk van BCTN die vanaf volgend jaar 100% emissieloos gaat werken. BCTN doet dit door de aanschaf van zonnepanelen, het installeren van windmolens en het elektriseren van het equipment. Na de terminal in Den Bosch gaat BCTN de terminal in Nijmegen ook verder verduurzamen. ‘In 2018 is Nijmegen Green Capital en dat is voor BCTN een perfect moment om de terminals te profileren als duurzame bedrijven.’

BCTN is eerder dit jaar als enige terminal in het achterland gewaardeerd met de tweede Lean & Green Star. ‘Dit is een duidelijke erkenning voor bedrijven die een evidente bijdrage leveren aan de vermindering van de CO2-footprint te verminderen. Inmiddels is BCTN volop bezig met het behalen van derde Lean & Green Star status.’

Green savings
Volgens BCTN is transport per binnenvaartschip energiezuinig en levert het een CO2-reductie van 20 tot 40 procent ten opzichte van vervoer per vrachtwagen. ‘Daarnaast levert het een concrete bijdrage aan de filedruk op de snelwegen.’

Jaarlijks publiceert BCTN de CO2-footprint van transporten. In het eerste kwartaal van 2017 heeft BCTN mede door deze aanpak, in totaal 33.292 vrachtwagenkilometers bespaard. Die besparing wil BCTN in de toekomst nog verder laten toenemen onder meer door in afstemming met de rederijen, steeds beter de export- en importstromen op elkaar af te stemmen, waardoor er minder lege kilometers gemaakt worden.’

Aqualink is dé vereniging van watergebonden bedrijven in Oost-Nederland. Meld u nu aan als lid.

Volg ons op Twitter en Facebook

BLN verheugd over regeerakkoord

ROTTERDAM Een regeerakkoord dat hoopgevend is voor de binnenvaart. Koninklijke BLN-Schuttevaer is verheugd dat de binnenvaart voor het eerst expliciet als factor van betekenis wordt genoemd. Die positie en rol van de binnenvaart is volgens BLN nooit eerder zo helder door een regering in de plannen opgenomen.

In het regeerakkoord staat onder meer dat ‘de binnenvaart en de spoorwegen een belangrijke bijdrage kunnen leveren aan het beperken van toenemend goederenvervoer over de weg en het beperken van uitstoot die slecht is voor het klimaat’. Ook staat er nu duidelijk in dat de binnenvaart kan bijdragen aan de vermindering van de belasting van milieu en klimaat. In dat kader is in het akkoord opgenomen dat ‘voor de binnenvaart tijden van brug- en sluisbediening beter worden afgestemd’.

Nieuwe infrastructuur
BLN is blij met de ruimte die ontstaat voor noodzakelijk onderhoud en investeringen aan vaarwegen en natte infrastructuur. In het regeerakkoord staat daarover dat het kabinet voor een inhaalslag in de infrastructuur twee miljard euro beschikbaar stelt. Dit moet wel worden verdeeld tussen weg, water en openbaar vervoer.
Ook het omvormen van het Infrastructuurfonds tot een Mobiliteitsfonds, waarbij niet langer de modaliteit maar de mobiliteit centraal staat, vindt BLN een ‘welkom initiatief’. ‘Wij pleiten al langer voor het opheffen van de schotten tussen de modaliteiten. Maar we zouden graag zien dat we de komende jaren ook vast zo gaan werken.’

Green Deal
In het regeerakkoord staat ook dat het nieuwe kabinet een Green Deal met de binnenvaart wil sluiten voor verduurzaming. Volgens de toekomstige regeringspartijen is in de zeevaart en binnenvaart namelijk nog veel milieuwinst te behalen. BLN meldt graag met de nieuwe minister over de Green Deal met de binnenvaart te willen praten. ‘Het is een initiatief dat de positie van vervoer over water nog verder kan verbeteren.’

Aqualink is dé vereniging van watergebonden bedrijven in Oost-Nederland. Meld u nu aan als lid.

Volg ons op Twitter en Facebook

 

Elektronisch melden tankers vanaf eind 2018

STRAATSBURG De Centrale Commissie voor de Rijnvaart (CCR) voert met ingang van 1 december 2018 een elektronische meldplicht in voor de tankvaart. Tot nu toe geldt de elektronische meldplicht alleen voor samenstellen en schepen met containers aan boord.

Het elektronische melden geldt vanaf 1 december 2018 voor alle motortankschepen en samenstellen van motortankschepen, tankduwbakken en sleeptankschepen. De verplichting geldt voor zowel beladen als onbeladen schepen. Met de invoering van het elektronisch melden komt ook een einde aan de meldplicht bij het passeren van een verkeerscentrale, tenzij teken B.11 wordt gebruikt dat aangeeft dat de marifoon gebruikt moet worden.

De CCR nam het besluit tot het verplicht elektronisch melden voor de tankvaart na een hoorzitting in maart van dit jaar. Daarin werd volgens de CCR het belang van elektronisch melden door de binnenvaartsector erkend. Volgens de CCR vermindert het elektronisch melden de administratieve lasten voor de schipper en verbetert de kwaliteit van de gegevens die aan de autoriteiten worden verstrekt. ‘Deze vereenvoudiging wordt vooral mogelijk gemaakt door het gebruik van Inland AIS. Deze vorm van gegevensoverdracht draagt bij aan de veiligheid van de scheepvaart.’
De CCR wijst er ook nog op dat de verplichting tot elektronisch melden in de toekomst ook ‘tot andere soorten vaartuigen uitgebreid zou kunnen worden’.

Aqualink is dé vereniging van watergebonden bedrijven in Oost-Nederland. Meld u nu aan als lid.

Volg ons op Twitter en Facebook

Meer ruimte scheepvaart na sloop oude Botlekbrug

ROTTERDAM Rijkswaterstaat is zondagmiddag 8 oktober begonnen met de sloop van de oude Botlekbrug. Dat gebeurde met het uithijsen van het hefdeel. Een belangrijk voordeel voor de scheepvaart is dat met het verwijderen van de brug de oostelijke vaarweg bevaarbaar wordt.

Met twee doorvaartopeningen kunnen schepen de brug aan beide kanten passeren en hoeven ze niet op elkaar te wachten. Dit scheelt ook in de duur van een brugopening. De doorvaart is straks met 87 meter breder dan voorheen, waardoor schepen makkelijker kunnen manoeuvreren. Omdat de nieuwe Botlekbrug hoger is, hoeft deze brug ook minder vaak open. Het aantal openingen gaat zo van 50 naar 20 per dag.

Symbool
De brug was bij de ingebruikname in 1955 hét symbool van de havenuitbreiding van Rotterdam. Sinds die tijd reden er meer dan een miljoen goederentreinen over de brug. In de hoogtijdagen waren dat er zelfs zo’n 31 duizend per jaar. In 2006 werd de Botlektunnel in gebruik genomen, waarna jaarlijks nog ongeveer 3400 treinen over de oude brug reden.

Het 850 ton zware, 60 meter lange en 23 meter brede brugdeel is na het uithijsen naar Vlaardingen gevaren, waar het verder uit elkaar wordt gehaald. (Foto Rijkswaterstaat)

Aqualink is dé vereniging van watergebonden bedrijven in Oost-Nederland. Meld u nu aan als lid.

Volg ons op Twitter en Facebook

Kees de Vries in Raad van Commissarissen NPRC

ROTTERDAM Kees de Vries treedt per direct toe tot de Raad van Commissarissen van de NPRC. Zaterdag 7 oktober stemden de leden van de NPRC tijdens de Algemene Ledenvergadering van de coöperatie in grote meerderheid in met de voordracht. De Vries volgt aftredend commissaris Jan Veldman op.

NPRC-directeur Stefan Meeusen is verheugd over de benoeming van de Vries. ‘Kees heeft een enorm track record opgebouwd in de sector en ik ken hem als iemand met een groot hart voor de binnenvaart. Door zijn jarenlange ervaring heeft hij bovendien een groot en belangrijk netwerk opgebouwd.’

Kees de Vries was 24 jaar directeur bij de nautisch technische brancheorganisatie Koninklijke Schuttevaer. Naast de belangenbehartiging op infrastructurele zaken was de Vries vanuit Schuttevaer ook betrokken bij onder andere het Bureau voorlichting Binnenvaart, Bureau Telematica Binnenvaart en Inland Navigation Europe. Sinds 2016 zet de Vries zijn opgebouwde kennis over de binnenvaart in als zelfstandig adviseur. Zo was hij betrokken bij een aantal studies over het gebruik van natte infrastructuur bij lokale overheden. Daarnaast begon hij recent als deeltijd directeur External affairs bij de maatschappelijke onderneming Sea Ranger Service. (Foto’s NPRC)

Aqualink is dé vereniging van watergebonden bedrijven in Oost-Nederland. Meld u nu aan als lid.

Volg ons op Twitter en Facebook

RWS benadert schippers voor melden bij de grens

LOBITH Schippers die via de grens bij Lobith Nederland binnenvaren of Nederland verlaten, kunnen de komende tijd actief benaderd worden door de Verkeerspost Nijmegen voor hun reis- en ladinggegevens. Omdat Rijkswaterstaat verplicht is om de geregistreerde gegevens door te geven aan het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS), hoeven schippers hun reizenoverzicht, voorheen de maandstaat, daar niet meer apart te melden.

Rijkswaterstaat gebruikt de reis- en ladinggegevens voor het testen van het nieuwe scheepvaartvolgsysteem IVS Next. In IVS Next, die AIS-gegevens koppelt aan reis- en ladinggegevens, is sneller zichtbaar welke schepen zich nog niet hebben gemeld en welke gegevens eventueel ontbreken. RWS gaat daarom de komende tijd vanuit Verkeerspost Nijmegen actief schippers benaderen om de ontbrekende gegevens op te vragen. Verbetering van de registratie draagt volgens RWS bij aan een vlottere doorstroming en meer veiligheid op het water.

Vlotte doorstroming
Met IVS Next meldt Rijkswaterstaat in één oogopslag alle benodigde informatie voorhanden om een efficiënte verkeersbegeleiding te verzorgen. ‘IVS Next is onderdeel van de ontwikkeling naar corridorgerichte bediening en begeleiding. Met vroegtijdig inzicht in de reisbestemmingen van de verschillende schepen kan Rijkswaterstaat op termijn de bediening van sluizen en bruggen over een hele corridor efficiënt plannen. Dat draagt bij aan een vlotte doorstroming.’
De geregistreerde informatie is ook van groot belang bij incidenten. Zo is sneller bekend naar hoeveel personen eventueel gezocht moet worden of welke gevaren er voor de omgeving kunnen optreden in geval van een calamiteit.

Meldplicht
Schippers zijn verplicht zich te melden als zij Nederland binnenvaren of verlaten. Dit volgt uit het verkeersbesluit statistische gegevens, ten behoeve van het CBS en uit de meldplicht voor bepaalde categorieën schepen. Veel schippers doen dat uit zichzelf al, bijvoorbeeld via het elektronische systeem BICS of door de verkeerspost Nijmegen via VHF 19 (roepnaam CBS Lobith) op te roepen om hun gegevens te laten invoeren.

Aqualink is dé vereniging van watergebonden bedrijven in Oost-Nederland. Meld u nu aan als lid.

Volg ons op Twitter en Facebook

‘Teleurstellend als bedrijven meer over de weg gaan vervoeren’

DEN HAAG Demissionair minister Schulz van Infrastructuur en Milieu vindt het vanuit maatschappelijk oogpunt teleurstellend als bedrijven overwegen om meer over de weg te gaan vervoeren nu de containerbinnenvaart in de Rotterdamse haven te maken heeft met lange wachttijden. Schultz antwoordt dat op vragen van Tweede Kamerlid Martijn van Helvert (CDA).

Volgens verladersorganisatie Evofenedex overweegt 70% van de betrokken Rotterdamse bedrijven hun goederen voortaan weer met een truck te laten vervoeren. De minister vindt het in eerste instantie dat het aan de bedrijven zelf is om te bepalen hoe zij hun goederen vervoeren, maar ze wijst de bedrijven er ook op dat als maatschappij juist wordt ingezet op een belangrijk aandeel van vervoer over water. ‘Enerzijds doen we dat vanuit het perspectief van duurzaamheid, anderzijds om de druk op het gebruik van de weg te ontlasten. En op de vaarwegen is nog voldoende capaciteit naar het achterland aanwezig, dus laten we daar vooral gebruik van maken. Natuurlijk besef ik dat niet elk type goederen hiervoor in aanmerking komt, maar het zou nadelig zijn voor Nederland als het aandeel van de binnenvaart terug zou lopen als gevolg van containercongestie in de Rotterdamse haven.’

Meerdere oorzaken
De lange wachttijden voor de containerbinnenvaart kent volgens Schultz meerdere oorzaken, waarbij het ene probleem complexer is dan het andere. Zo heeft ze de indruk dat haperingen in het logistieke systeem ontstaan doordat het uitwisselen van logistieke informatie tussen ketenpartners op gevoeligheden stuit, zoals concurrentieoverwegingen. ‘Daarnaast deelt de binnenvaart veel van de kades en overslagfaciliteiten met de zeevaart. Andere modaliteiten zoals het weg- en spoorvervoer hebben eigen faciliteiten. En in tegenstelling tot de zeerederijen heeft de binnenvaart voor afhandeling van containers geen directe commerciële relatie met de containerterminals of de havenbeheerder.’

Schultz wijst verder op de nieuwe vaarschema’s van de allianties in de zeescheepvaart. Die zouden ertoe hebben geleid dat de terminals onverwachte uitschieters te verwerken kregen, met daar bovenop moeizame omstandigheden voor de afhandeling van containers door een zomerstorm en de cyber aanval op APM Terminals van eind juni. ‘Een andere oorzaak van congestie is dat containerschepen steeds groter worden en er bij piekmomenten zeer veel containers op de kades worden gezet. In de haven zijn al maatregelen genomen zoals het invoeren van minimum ‘call sizes’ voor de binnenvaart en het gebruik van een extra terminal als overloop. Duidelijk is dat de logistieke druk voor de afvoer van containers naar de eindbestemming op piekmomenten erg hoog is, terwijl de binnenvaartsector uit veel zelfstandige ondernemingen bestaat met wie afzonderlijke contracten worden gesloten. Binnenvaartschepen doen daarbij vaak meerdere terminals in de haven aan en vertragingen krijgen daardoor een versterkend effect. Dat alles maakt afstemming in de multimodale vervoersketen complex, met oplopende wachttijden voor de binnenvaart tot gevolg.’

Oplossing
Het Havenbedrijf Rotterdam (HbR) is volgens de minister inmiddels druk aan het werk om de afhandeling van de containers voor de binnenvaart te verbeteren. Na een rondetafel overleg begin september besloot het Havenbedrijf drie miljoen euro beschikbaar te stellen om plannen uit te werken om vertragingen bij de containeroverslag op binnenvaartschepen tegen te gaan. ‘De komende maanden gaan de betrokken partijen de plannen uitwerken en beoordelen. In november vindt vervolgoverleg plaats. Als partijen er behoefte aan hebben ben ik bereid om mee te denken. De voortgang naar de gewenste resultaten houd ik vanzelfsprekend nauwlettend in de gaten.’

Volgens de minister heeft het Havenbedrijf Rotterdam (HbR) vervoer over water hoog in het vaandel staan. Het Havenbedrijf benadrukt volgens haar dat de vervoersprestaties over water niet achteruit mogen gaan maar verder gestimuleerd moeten worden. ‘Het HbR gaat ook onderzoek doen naar de keten van de containerbinnenvaart en met HbR ben ik in overleg over een (kleine) financiële ondersteuning.’

Aqualink is dé vereniging van watergebonden bedrijven in Oost-Nederland. Meld u nu aan als lid.

Volg ons op Twitter en Facebook

‘Binnenvaart moet grootschalig innoveren’

STRAATSBURG Eén van de grote uitdagingen voor de binnenvaart voor de komende jaren is het op een grotere schaal op de markt toepassen van innovaties. Innovaties beperken zich nu nog te vaak tot enkele schepen. Dat constateert de Centrale Commissie voor de Rijnvaart (CCR) in haar laatste marktobservatie voor de binnenvaart.

‘Op verschillende plaatsen worden innovatieve projecten gelanceerd en de nieuwe schepen die in de vaart worden gebracht, laten zien dat deze sector wel het een en ander in zijn mars heeft’, schrijft de CCR. ‘Dit geldt zeker voor de passagiersvaart, waar ongeveer een kwart van de nieuwe schepen die in 2016 te water werden gelaten, aangedreven wordt met diesel-elektrische motoren. Ofschoon er dus wel degelijk aan innovatie gedaan wordt, beperken de innovatie zich tot enkele, individuele schepen. Dit is bijvoorbeeld het geval voor de diverse innovatieve maatregelen om in de binnenvaart de emissies te reduceren.’

De CCR constateert ook dat de binnenvaartvloot ‘vrij oud’ is. Drogeladingschepen hebben een gemiddelde leeftijd van 50, tankschepen van 39 jaar. ‘De benuttingsgraad van de vloot ligt nog steeds rond de 55 tot 85%, al naar gelang het type schip, en ligt daarmee nog steeds onder het niveau dat voor de economische crisis werd waargenomen. De omzet in de sector wordt sterk beïnvloed door de fluctuerende vrachtprijzen.’

Vloot krimpt
De Europese binnenvaartvloot kromp vorig jaar met 2,8%. Zowel in de tankvaart als de drogelading daalde het totaal aantal schepen en het tonnage. Het tonnage per schip blijft nog wel toenemen. Uit de marktobservatie blijkt eveneens dat het vervoer over de Rijn vorig jaar met 3% tot 5% steeg. Vooral het vervoer over water van containers, afval en chemische producten over de Rijn steeg met procenten. Hetzelfde geldt voor de staalnijverheid aan de Boven-Donau, waar een grotere bedrijvigheid het vervoer van ertsen en staalproducten over de Donau aanzienlijk bevorderde.

Het voorgaande jaar heeft volgens de CCR echter ook laten zien dat de binnenvaartactiviteit niet alleen afhangt van de algemene economische context. ‘Ook de conjuncturele ontwikkeling binnen de sector kan een grote invloed hebben. De Franse binnenvaart ondervond bijvoorbeeld de negatieve gevolgen van de slechte oogsten in de zomer van 2016. Ook de vaaromstandigheden spelen een belangrijke rol en de vaart op de Rijn en de Donau kreeg zowel aan het einde van 2015 als 2016 te kampen met laagwater. De staat van onderhoud en de capaciteit van de infrastructuur van de binnenvaarwegen spelen ook een rol voor de kwaliteit en betrouwbaarheid van de vervoersprestatie van de binnenvaart.’

Positief
De CCR verwacht voor de nabije toekomt een stijging in het vervoer van goederen in het algemeen en voor de binnenvaart in het bijzonder. ‘De Europese Unie toont sinds 2013 een zij het beperkte, maar toch gestage economische groei en in 2016 is het BBP in de eurozone dan ook gestegen met 1,7%. Deze economische omstandigheden zullen, in het licht van de industriële productie en de groei van de handel, naar verwachting in de nabije toekomst positief blijven.’

Het binnenvaartvervoer heeft nog steeds een intermodaal aandeel van 6% van het totale goederenvervoer in de Europese Unie. Dit aandeel ligt op bijna 40% in landen met een dicht waterwegennet met grote vaarwegen en goede verbindingen met zeehavens zoals Nederland. Vervoer door de binnenvaart heeft daardoor volgens de CCR een groeipotentieel. ‘Het vindt plaats binnen een multimodale context en met name innovatie biedt mogelijkheden om een efficiëntere aansluiting op andere vervoersdragers tot stand te brengen, de concurrentiekracht te verhogen en de
milieuvriendelijkheid te verbeteren.’

Binnenhavens
Binnenvaarthavens zijn volgens de CCR ‘van cruciaal belang voor de ontwikkeling van de binnenvaart’. ‘Zij zijn, net als de zeehavens, de plaatsen waar de binnenvaart aansluit op andere vervoersdragers. Een goede haveninfrastructuur en het promoten van binnenvaartvervoer door havens kan een belangrijke positieve bijdrage vormen in de verdere ontwikkeling van deze vervoerswijze. Door de activiteiten van de binnenvaarthavens nader onder de loep te nemen, kan vastgesteld worden wat de tendensen en specialisaties in de afzonderlijke havens zijn, waardoor ook een beter inzicht kan worden verkregen in de verschillende initiatieven van de havens om de binnenvaart te bevorderen.’

Aqualink is dé vereniging van watergebonden bedrijven in Oost-Nederland. Meld u nu aan als lid.

Volg ons op Twitter en Facebook

Binnenvaart kan vooraf melden in Terneuzen

TERNEUZEN De binnenvaart kan zich sinds kort ook vooraf melden om door de sluis van Terneuzen te varen. Vanwege de bouw van de nieuwe sluis in Terneuzen kunnen wachttijden oplopen. Met de Planningstool Binnenvaart Terneuzen kunnen binnenvaartschepen volgens Rijkswaterstaat eerder worden ingepland voor een schutting.

Binnenvaartschippers kunnen zich nu maximaal 24 uur van te voren aanmelden via BICS, via de telefoon of via de website van Sluisplanning. Op deze website kunnen schippers die zich al hebben aangemeld, zien hoe laat en in welke kolk ze zijn ingedeeld. Schippers kunnen hierop hun reisplan afstemmen, door bijvoorbeeld langzamer te varen en brandstof te besparen. Een ander voordeel is dat schippers op grotere afstand van de sluis kunnen wachten op hun schutting op ligplaatsen die minder druk bezet zijn.

Niet verplicht
Binnenvaartschippers zijn niet verplicht de planningstool te gebruiken. Schepen kunnen zich in het zicht van de sluis blijven aanmelden via de marifoon en worden dan ingedeeld op basis van de eerst mogelijke vrije positie. Het kan dus zijn dat schepen die later aankomen, eerder aan de beurt zijn omdat ze zich al eerder hebben aangemeld via de planningstool. Voor het aanmelden van de aankomsttijd bij de sluis of het eventueel wijzigen van de aankomsttijd als de reis anders verloopt, zijn spelregels opgesteld.

Tijdens de startfase die tot het eind van dit jaar duurt, gelden de bestaande regels voor het indelen van de schuttingen. Vanaf 1 januari 2018 hanteert Rijkswaterstaat de werkafspraken die eerder dit jaar door de partners het Havenbedrijf Gent, Zeeland Seaports, het Kenniscentrum Binnenvaart Vlaanderen, Koninklijke BLN-Schuttevaer, Maritieme Dienstverlening en Kust en Rijkswaterstaat zijn bekrachtigd.

Ervaring met planning
De sluispassage van zeeschepen wordt al vanaf 2012 vooraf gepland. Zo kan het schutten volgens Rijkswaterstaat vlot verlopen en worden wachttijden zoveel mogelijk vermeden of ingeperkt. ‘De passage van de binnenvaart werd tot nu toe nog niet vooraf gepland en dit is ook nog niet eerder op deze schaal in Vlaanderen of Nederland toegepast. Voor zowel bedrijven als schippers is dit een belangrijk hulpmiddel voor een zo optimaal mogelijke planning.’

Aqualink is dé vereniging van watergebonden bedrijven in Oost-Nederland. Meld u nu aan als lid.

Volg ons op Twitter en Facebook

Europees pleidooi voor meer vervoer over water

TALLINN De CEF Transportcoalition heeft tijdens de Connecting Europe Conference in Tallinn de Ministers van Transport, de Europese Commissie en het Europese Parlement opgeroepen om bij de komende budgetonderhandelingen voldoende financiële middelen voor transport en infrastructuur beschikbaar te stellen. De Europese Binnenvaart Unie (EBU) pleitte als partner in de Transportcoalition in Tallinn voor meer vervoer water.

Volgens secretaris generaal Theresia Hacksteiner kan de binnenvaart op het stelsel van zo’n 40.000 kilometer aan Europese vaarwegen een veel hoger aandeel aan transport absorberen en daarmee bijdragen tot het verminderen van de congestie op de Europese wegen. ‘Binnenvaart is in de afgelopen 20 jaren met maar liefst 25 % gegroeid en daarmee na het wegvervoer de snelste groeier. Voor een toename van het aandeel van de binnenvaart is het cruciaal om de vaarwegen goed te onderhouden en de knelpunten op te lossen alsmede ontbrekende verbindingen te realiseren. Binnenvaart biedt een krachtig en duurzaam alternatief voor de dure wegcongestie.’

Ten goede
Volgens alle prognoses groeit het transport in de komende jaren aanzienlijk. Om deze groei aan te kunnen is een goed onderhouden infrastructuur van essentieel belang, reden waarom de Transportcoalitie voor meer CEF gelden onder het toekomstige financiële meerjarenkader MFF heeft opgeroepen. Investeringen in transport infrastructuur komen volgens de CEF coalitie de Europese economie ten goede en zullen verdere banen creëren.
De CEF Transportcoalition is een samenwerking van Europese belangenorganisaties van transport, verladers, havens en spediteurs.

Aqualink is dé vereniging van watergebonden bedrijven in Oost-Nederland. Meld u nu aan als lid.

Volg ons op Twitter en Facebook